De ideale plek om te trainen voor de Giro is een instabiele vulkaan

Reportage | El Teide Tom Dumoulin bereidde zich op de El Teide-vulkaan voor op de Ronde van Italië, die zaterdag begint. Hij verbleef op Tenerife in Hotel Parador, ooit een veilige haven voor dopingzondaars.

Sporters trekken massaal naar Tenerife. Aan de kust wordt het er zelden kouder dan 15 graden, en het regent vooral in het noorden. Neerslag blijft hangen tegen de 3.718 meter hoge vulkaan El Teide.
Sporters trekken massaal naar Tenerife. Aan de kust wordt het er zelden kouder dan 15 graden, en het regent vooral in het noorden. Neerslag blijft hangen tegen de 3.718 meter hoge vulkaan El Teide. Foto Istock

Vier uurtjes „lekker fietsen” stond er op het trainingsschema, maar even buiten het plaatsje San Bartolomé, in het noordoosten van Canarisch eiland Tenerife, zijn de wielrenners Robert Power, Jan Bakelants en Tom Dumoulin een weg ingeslagen die ze nog niet kenden. Het kringelt er zo steil omhoog dat volgwagens met camerateams en begeleidingsstaf hun koppelingsplaten wegbranden en grote dieselwolken produceren in een wanhopige poging niet stil te vallen.

Het drietal hangt met borst en schouders over het stuur om het voorwiel aan de grond te houden en moet van links naar rechts zigzaggend naar boven, een techniek veelal gehanteerd door amateurfietsers die in hun weg omhoog even de spanning van de benen willen halen.

Als Dumoulin op zijn fietscomputer kijkt, ziet hij dat hij een weggetje van ruim 30 procent aan het bedwingen is. Rechts van hem, over een vangrail, kijkt hij uit over de Atlantische Oceaan, die als het ware wordt omarmd door baaien van groen. Hij krijgt de grijns niet van zijn gezicht. „Lekker uitzicht, lekker fietsen”, roept hij zijn trainer even later toe als die vraagt of alles goed gaat. Het kan Dumoulin niet gek genoeg. Dit is waarom hij wielrenner werd, hij leeft voor dit soort uitdagingen. „Mooi is het hier, hè”, zegt hij bij een sanitaire stop. „Wel even wat anders dan de Sierra Nevada.”

Een maand voor de start van de Ronde van Italië is Tom Dumoulin niet voor het eerst in zijn carrière neergestreken op de flanken van de El Teide-vulkaan op Tenerife, nabij de Marokkaanse kust. Hij slaapt er in een even beroemd als berucht hotel op meer dan 2.000 meter boven zeeniveau. De lucht bevat er een stuk minder zuurstof dan hij gewend is, en volgens de theorie maakt zijn lichaam ter compensatie meer rode bloedlichaampjes aan. Terug beneden zou hij na een week of twee herstellen het gevoel moeten krijgen dat hij vliegt, komende zaterdag dus, bij de openingstijdrit in Bologna.

Tom Dumoulin richt zich dit jaar vol op de Ronde van Italië en niet op de Tour. Die keuze is mede gebaseerd op data.

Langdurige zuurstofschuld

Sporters gaan al sinds de voorbereiding op de Olympische Spelen van Mexico City in 1968 op hoogtestage. Die stad ligt op ruim 2.200 meter hoogte, deelnemers moesten wel, als ze naar hun kunnen wilden presteren. De effecten van een verblijf op hoogte zijn alleen niet voor iedereen gelijk, elk lichaam reageert anders op langdurige zuurstofschuld. Dumoulin doet dat goed, zegt zijn coach Hendrik Werner: bij aankomst op hoogte daalt zijn saturatie, het zuurstof in zijn bloed, tot onder de 95 procent. Er zijn sporters die in de ijle lucht niet zo laag gaan, en dus ook weinig te winnen hebben.

Voor Europese atleten zijn de plekken om op hoogte te kunnen trainen in deze tijd van het jaar schaars. Wie zoals Dumoulin in mei topfit wil zijn, moet in het frisse voorjaar op hoogte, maar heeft als nadeel dat het in Europese gebergten vaak zo koud is dat er amper valt te trainen. Toen Sunweb vorig jaar rond deze tijd naar de Sierra Nevada in Andalusië trok, lag er boven het wolkendek een dik pak sneeuw en was het er -17 graden. Zelfs in het dal was het onder nul. Van buiten trainen kwam weinig terecht. Livigno, gelegen tussen de Alpen en de Dolomieten, is qua infrastructuur populair voor een hoogtekamp, maar ook daar ligt de temperatuur in april en mei vaak rond het vriespunt. Er zijn wielrenners die uitwijken naar Namibië en Zuid-Afrika, waar de temperatuur goed is, maar de veiligheid op de weg weer niet. Er gebeuren regelmatig ongelukken. En ook de lange reistijd is verre van ideaal.

Eiland van de eeuwige lente

En dus trekken sporters massaal naar Tenerife, het eiland van de eeuwige lente. Aan de kust wordt het er zelden kouder dan 15 graden, en het regent vooral in het noorden. Neerslag blijft hangen tegen de 3.718 meter hoge vulkaan El Teide, waardoor het zuiden van Tenerife een stuk droger is, minder groen ook. Hardlopers waren de pioniers op El Teide, gevolgd door zwemmers, schaatsers en sinds de late jaren negentig ook wielrenners.

Niet alleen de weersomstandigheden zijn ideaal. Renners die blijven terugkomen hebben het veel over de heilzame rust die ze ervaren in het dorre land van de vulkaan. Er is op El Teide niets anders te doen dan trainen, eten, en slapen. Zij die het kunnen verdragen, raken na verloop van tijd in een meditatieve staat die wordt veroorzaakt door het monotone landschap en dito dagritme. Die volledige aandacht voor het gestelde doel ervaren ze vooral op de Canarische vulkaan en stuwt hen naar grotere hoogtes dan ze thuis ooit zouden bereiken.

Sporters die naar El Teide trekken, slapen zonder uitzondering in Parador de Las Cañadas del Teide, een voormalig klooster dat sinds 1960 een familiehotel is. Er is geen enkel ander hotel op deze hoogte. Bijbouwen mag niet zomaar in Nationaal Park El Teide, dat jaarlijks miljoenen toeristen trekt.

‘Hotel Parador’ heeft 37 eenvoudige kamers met een hoop houten details, waardoor het er lijkt op een berghut. In de lobby staat een manshoge open haard, vanaf het aan de zijkant gelegen terras kun je de top van de krater zien liggen. Aan niets valt te zien dat wielrenners de deur hier plat lopen. Geen gesigneerde wielershirts aan de muur, geen trofeeën, foto’s of andere memorabilia . Het zou alleen maar toeristen aantrekken, die dagelijks met honderden komen lunchen in het belendende Centro de Visitantes de Cañada Blanca. „We letten goed op de privacy van onze sporters”, zegt hotelmanager Alejandro García Valerio. „We geven dus ook geen informatie over wat ze hier doen en wanneer ze hier zitten”.

Zeker is dat de strijd om de roze, gele of rode leiderstrui vaak al meer dan een jaar voor een grote ronde begint met het reserveren van kamers in Hotel Parador. Wie te laat boekt, kan het ideale hoogtekamp wel vergeten. Veel teams reizen in plukjes naar Tenerife. Terwijl het drietal van Team Sunweb er met een aantal leden van de staf bivakkeert, overnachten ook twee renners van Team Katusha Alpecin er, en een gedeelte van Bahrain Merida, de ploeg van de Italiaan Vincenzo Nibali. Team Ineos, half april nog Team Sky geheten, is met een grote afvaardiging naar Hotel Parador gekomen, maar beweegt zich welhaast onzichtbaar door de gangen. Heel af en toe komen de leden van Team Sunweb Wout Poels en Chris Froome tegen, maar ze zitten nooit tegelijk met hen aan het diner, noch komen ze hen tegen tijdens een training. Hun routes zijn een mysterie. Het verhaal gaat dat de ploeg de hele tweede etage van het hotel tot z’n beschikking heeft. Een woordvoerder bevestigt noch ontkent dat, en zegt dat de ploeg met een eigen chefkok „in een specifieke ruimte” dineert die „voor het gemak in de buurt van de kamers” is gesitueerd. Hotelmanager García Valerio houdt het erop dat Sky een eigen „timetable” heeft.

Ook Lance Armstrong trok in zijn hoogtijdagen graag naar Hotel Parador. In het boek van zijn voormalige ploegmaat Tyler Hamilton staat dat de Texaan zich ‘in een hotel op een vulkaan op Tenerife’ liet injecteren met microdoses epo, maar bewezen werd dat nooit. Het hotel zou in die tijd een veilige haven voor dopingzondaars zijn geweest, omdat controleurs zelden de moeite namen en budget hadden ernaartoe te reizen. Het ligt bovendien afgelegen, op minimaal anderhalf uur rijden van beide luchthavens op Tenerife. Een controleur kon je van verre zien aankomen.

Tom Dumoulin reed vorig jaar zes weken na de finish van de Giro de Tour de France. Hoe is dat mogelijk?

Dopingcontroles op Tenerife

In 2015 nog klaagde Chris Froome over het gebrek aan dopingcontroles tijdens zijn verblijf in Hotel Parador. „We komen hier al drie jaar, en we zijn pas één keer getest”, zei hij destijds tegen dagblad The Telegraph, dat erbij zat toen de Britse vijfvoudig Tourwinnaar tot zijn eigen opluchting wél een keer werd gecontroleerd op doping. De hotelmanager zegt dat er tegenwoordig „meerdere keren per jaar” dopingcontroleurs aan de receptiebalie staan. Leden van Team Sunweb klapperen met hun oren als ze de geruchten over Hotel Parador horen. Voor hen is de droge hoogvlakte in het midden van Nationaal Park El Teide dé ideale plek om hun renners volgens de regels klaar te stomen voor een grote ronde.

Daar hoort ook een periode van acclimatiseren bij. Zou Dumoulin in de eerste dagen van het hoogtekamp gelijk alle registers opentrekken, dan zou hij zijn lichaam alleen maar beschadigen. Het heeft tijd nodig zich aan de ijle lucht aan te passen.

De vier uurtjes lekker fietsen worden op de derde dag van het kamp daarom afgesloten met wat rustige tempoblokjes bergop. Aan het begin van de slotklim wisselt Dumoulin van zijn gewone fiets naar zijn tijdritfiets. Hij gaat plat op zijn stuur liggen en trapt een zware versnelling op kracht rond, zijn blik onverstoorbaar gericht op het asfalt voor hem. Hij rijdt door een dor landschap dat bezaaid ligt met lichtrood vulkanisch gesteente, Las Cañadas heet het plateau op twee kilometer hoogte. De ondergrond lijkt er dermate op die van planeet Mars dat er vaak ruimtevoertuigen worden getest.

El Teide is een ideale trainingslocatie, maar de vraag is voor hoe lang. De Pico del Teide, de hoogste krater, barst eens in de honderd jaar uit. Voor het laatst gebeurde dat in 1909. De laatste jaren wordt er nogal veel seismische activiteit gemeten.