Opinie

    • Marike Stellinga

Help, Europese kampioenen!

Moeten Europeanen zich minderwaardig voelen omdat we minder giga-bedrijven hebben dan de Amerikanen en de Chinezen? Volgens de Franse en de Duitse regering wel. Industriepolitiek moet topprioriteit krijgen van de nieuwe Europese Commissie, verklaarden de Duitse en Franse minister van economische zaken in een manifest. Want: „Van de veertig grootste bedrijven in de wereld zijn er maar vijf Europees.”

Dit gevoel leeft breder, blijkt nu de Europese verkiezingen naderen. Ik las deze week verkiezingsprogramma’s van Nederlandse partijen en ik keek naar de debatten van Europese politici. Overal vliegt dit beeld je tegemoet: de Chinezen en de Amerikanen zijn sterk en wij zijn zwak. Volgens veel partijen hebben we de Europese Unie nodig om even sterk te worden.

„We moeten zo snel mogelijk Europese kampioenen creëren,” zei de liberale Europarlementariër Guy Verhofstadt deze week in een verkiezingsdebat. Hij debatteerde met de Duitse christendemocraat Manfred Weber, die daar ook voorstander van is. Van Weber mag het mededingingsbeleid minder streng zodat er grotere Europese bedrijven ontstaan. Beiden zouden door het Europees Parlement kunnen worden voorgedragen voor de post voorzitter van de Europese Commissie. Bij Weber is dit meer dan een theoretische kans.

Dit zijn dus niet zo maar pleidooien. Toch hoop ik vurig dat de nieuwe Europese Commissie niet, of louter zeer selectief, luistert. Want verscholen in de pleidooien zit geen sterkere Commissie maar een zwakkere. Hier dreigt een grote kracht van de Europese Unie te worden ondermijnd.

Ik heb het over het strenge Europese mededingingsbeleid van de EU. De Deense EU-commissaris Margrethe Vestager gaat erover en ze is een aberratie. Een machtige, bemoeizuchtige Brusselse technocraat die niet impopulair is. Dat het bestaat! Ze legt boetes op, verbiedt fusies, en verordonneert landen belasting te heffen. Hatsa.

Van de Franse en de Duitse regering mag het een tandje minder. Ze zijn nog steeds verbolgen dat Vestager een fusie tussen de Duitse en Franse treinfabrikanten Siemens en Alstom verbood. De nieuwe Commissie zou juist vaker dit soort fusies moeten toestaan, vinden zij. Anders veroveren Chinese (staats)bedrijven de wereldmarkten terwijl wij onze bedrijfsparels braaf klein houden. Om er zeker van te zijn dat de nieuwe Commissie luistert, opperden de Franse en Duitse ministers in hun economische manifest het mogelijk te maken dat regeringsleiders de commissie ‘overrulen’.

Dat zou een dramatische ondermijning zijn van het mededingingsbeleid. En dat is doodzonde.

In een tijd van bedrijfsreuzen die de economie scheef trekken, moet je niet je eigen reuzen gaan bouwen maar die van anderen blijven bestrijden. Begrijp me niet verkeerd, industriepolitiek kan nuttig zijn. Nieuwe bedrijvigheid, kennis en innovatie stimuleren, is prima. Maar dat doe je niet door de post van Vestager te verzwakken en Europese fusiekampioenen toe te staan die markten domineren. Het is juist de toenemende marktmacht van grote bedrijven die innovatie verstikt, investeringen drukt, de ongelijkheid vergroot, bleek laatst uit indringend onderzoek van het IMF. Het Europese mededingingsbeleid is geen zwakte, het is een kracht.

Marike Stellinga is econoom en politiek verslaggever. Ze schrijft elke week op deze plek over politiek en economie.