Eng én beschermend

Kijken De stalen spinnen van Louise Bourgeois, zo groot dat je er onderdoor kunt lopen, komen naar het Rijks.

Luise Bourgeois met Spider IV (1996) op een foto van Peter Bellamy
Luise Bourgeois met Spider IV (1996) op een foto van Peter Bellamy foto’s Museum Voorlinden, Galerie Madragoa, The Easton Foundation / Pictoright / Vaga / Ars

Louise Bourgeois was al ver in de tachtig toen ze in 1994 begon aan een serie sculpturen waarmee ze wereldfaam zou krijgen: spinnen. Ze had ze al eens getekend, in 1947, met zwarte inkt op papier. Nu voerde ze haar spinnen uit in brons en staal, zo groot dat je er onderdoor kunt lopen.

In mei komen Bourgeois’ spinnen naar het Rijksmuseum voor de tuinexpositie. Ook Spider IV (1996), beroemd van de foto waarop ze de poten van het beest vasthoudt, zal er te zien zijn.

De spinnenserie verwijst naar de traumatische kindertijd van Bourgeois. Ze groeide op in Parijs, in een ogenschijnlijk keurig Frans gezin. Maar haar moeder was ziekelijk, en Louise nam als kind de rol van haar verzorgster op zich. Ze stierf toen Louise twintig was. Ondertussen had haar vader een affaire met haar Engelse juf Sadie.

De spinnen van Bourgeois zijn zowel eng als beschermend. Ze spinnen hun web zoals Bourgeois’ moeder, die weefster was en tapijten restaureerde. „Mijn moeder was mijn beste vriend”, zei Bourgeois eens. „Ik zal nooit stoppen haar te verbeelden.”

24 mei t/m 3 november, Rijksmuseum Amsterdam