De plant die het beste vlees nadoet

Wat eten we? De vegetarische voorhoede kent ’m al een poosje: jackfruit. Wat is het voor vrucht, die je als ‘pulled not-pork’ op je broodje vindt?

Foto iStock

De groenteboer heeft het niet. Vier supermarkten in de buurt ook niet. We vinden het bij de toko, maar alleen in blik (2 euro). En uiteindelijk bij een Albert Heijn XL, ook in blik (2,45 euro) en in een plastic verpakking met een mooi doosje eromheen (4,10 euro voor 200 gram). Maar daar moet wel een filiaalmanager met een ‘terminal’ aan te pas komen, want jackfruit... jackfruit, wat is dat? Is het fruit? Is het groente? En als het niet op de groente-afdeling ligt, waar dan wel? Bij de conserven? De Aziatische producten? De vleesvervangers? Het blikje, van Fairtrade, blijkt naast de maïs in pot te staan, het doosje in het gezondheidsschap, tussen glutenvrij en zoutloos. Zo lastig is jackfruit kennelijk te plaatsen.

Jackfruit is in de mode, vooral in vegan-kringen. Het zit op broodjes als een soort pulled pork zonder varken. Bij de rijst als rendang zonder rund of op een tortilla zonder kip. Jackfruit past zich geweldig aan in kruidige stoofgerechten, zoals curries. Het geeft die stukken wat stevigs, zoals aubergine of pompoen dat kunnen, maar vezeliger.

Lees ook: Hybride vlees heeft de potentie om de vleesminner wél te kunnen bekoren

Er is waarschijnlijk geen plant die zo op vlees lijkt. Qua structuur dan, want hoewel vloggers vaak jubelen dat jackfruit een bron van vezels en vitaminen is, kun je het geen superfood noemen. Eiwit en ijzer zitten er nauwelijks in en het bevat veel minder vitamine C dan broccoli, om maar wat te noemen.

Grote kans dat u nog nooit een jackfruit hebt gezien. De filiaalmanager die een plaatje googelde, wist in elk geval zeker dat-ie niet bij het fruit lag: die enorme Barbapapa, met z’n puntige, bruingroene schil. Van de rijpe tropische vrucht eten ze in Azië de grote zaden, als snack of in zoete gerechten. Van de onrijpe vrucht, die nog niet zoet is, eet je ook het stevige vruchtvlees eromheen, in hartige gerechten. Het is die jonge jackfruit die nu zo populair is als vleesvervanger. Maar een hele jackfruit – „zo groot en onhandelbaar als een peuter”, zeggen sommigen – koop je niet voor thuis. Die krijg je nooit op. De meeste jackfruit komt daarom ingeblikt naar Nederland.

Bud Holland is een van de weinige im- en exportbedrijven die ze vers, per stuk naar Nederland laat komen. Edwin Janssen, verantwoordelijk voor de inkoop, haalt ze uit Thailand. Ze kunnen wel 35 kilo wegen, de jackfruits van Bud wegen ‘slechts’ 8 tot 15 kilo. Eén jackfruit kost bij de importeur al 60 à 70 euro, niet gek dus dat zo’n hele vrucht niet echt een consumentenproduct is. Het blijft een niche.

Lees ook: Stop met discriminatie van fruit op uiterlijke kenmerken

Toch spreekt Janssen over „een rage”. Hij heeft de vraag flink zien toenemen. Sinds vijf jaar zit jackfruit vast in zijn assortiment. Twee jaar geleden verkocht Bud er 40 per week, nu 100. Een deel exporteren ze weer, een ander deel gaat naar de groothandel en toko’s, die ’m in stukken verkopen. Fijn voor de klant, want rond de zaden, vooral van de grotere exemplaren, zit een soort plaksel, dat aan je mes en je handen blijft kleven. Ook daar heb je thuis geen zin in.

Als jackfruit Nederland verovert, is dat met de ingeblikte versie. Die is bovendien duurzamer dan vers: dan hoeven de schillen niet mee naar Nederland – hooguit 60 procent van de vrucht is eetbaar. En terwijl verse jackfruit met het vliegtuig komt, om ’m zo kort mogelijk te laten rijpen, kan blik met de boot.