Recensie

Recensie Boeken

Om de Zweedse armoede te ontsnappen emigreert hij naar Amerika

Hernan Diaz De hoofdpersoon van zijn debuutroman trekt in de 19de-eeuwse VS van West naar Oost, tegen de migrantentrek in. Het levert een bijzonder verhaal op van een wereldvreemde man die alleen maar authentieker wordt.

De western is in de Amerikaanse literatuur nooit helemaal weggeweest. De verfilming van het werk van Cormac McCarthy en Larry McMurtry heeft zeker aan de continuering van die populariteit bijgedragen. Sterker nog, de recente successen van James Carlos Blake (Schurkenbloed) en Philipp Meyer (De Zoon) tonen aan dat de mythische trek naar het Wilde Westen onveranderlijk tot de verbeelding blijft spreken.

Oppervlakkig gezien past het debuut van de Zweeds-Argentijnse auteur Hernan Diaz ook in die traditie, maar zijn boek is juist zo bijzonder mede omdat het niet over die trek naar het Westen gaat. Hoofdpersoon Hakan Söderström trekt juist van West naar Oost, tegen de migrantenstroom in die hij gaandeweg steeds meer probeert te vermijden.

In het midden van de negentiende eeuw emigreert Hakan samen met zijn oudere broer Linus vanuit Zweden naar Amerika , om zoals als zovele Europeanen aan de armoede te ontsnappen. Door een reeks bizarre omstandigheden belandt hij, zonder zijn broer, aan de andere kant van het land, in San Francisco. Hij heeft maar één voornemen: zo snel mogelijk oostwaarts trekken om zich in New York bij Linus te voegen. Dat doet hij, levend van paddestoelen en dieren die zijn pad kruisen, zich hullend in gestroopte dierenhuiden. Uiteindelijk creëert hij een biotoop waarin hij zich jarenlang schuil kan houden. Tot dat moment trekt hij af en toe op met een wisselend gezelschap aan medereizigers, om uiteindelijk te beseffen dat hij geen andere mensen meer onder ogen wil komen.

Afstompend

Deze roman moet je langzaam en bij beetjes verteren, omdat het repeterende effect soms afstompend werkt. In eindeloos detail beschrijft Diaz wat bijna niet te beschrijven valt zonder in al even eindeloze herhaling te vervallen: de jarenlange, bijna gekmakende eenzaamheid van Hakan. Hij gaat daarbij zelfs zover dat hij hele alinea’s bijna woord voor woord herhaalt met als kennelijk doel te benadrukken hoe alle dagen in Hakans enerzijds gedwongen, maar ook vrijwillig gekozen eenzaamheid zich aaneenrijgen.

Wanneer Hakan al dan niet gedwongen toch in aanraking komt met andere mensen, ontstaan de boeiendste passages. Zijn vervreemding van de door mensen bewoonde wereld wordt er alleen maar sterker door naarmate hij ontdekt dat hij, Hakan, de Hawk zoals hij in de overlevering is gaan heten, zelf een mythische status heeft verworven in de oraal doorgegeven sterke verhalen over hem.

Een hoogtepunt is het moment dat hij perplex ontdekt dat hij in een reizende kermisshow onderwerp van een vaudeville-act is geworden. Een van de dingen die hij in zijn isolement niet beseft is dat hij tot gigantische fysieke proporties is uitgedijd en dat die bijdragen aan zijn mythische status.

Diaz’ methode stelt het geduld van de lezer hier en daar nogal op de proef. Maar daar staat het plezier van wondermooie beschrijvingen tegenover. Ook is Hakans wereldvreemdheid bijzonder goed volgehouden op een manier die hem alleen maar authentieker maakt. Als hij op een spoorlijn stuit heeft hij geen idee wat die parallelle banen betekenen, en ook de verschillende kleuren van de uniformen van de mannen die hem overvallen zeggen hem niets over het feit dat er zojuist een burgeroorlog heeft plaatsgevonden in het land.