Voor het eerst een Maori in Hooggerechtshof Nieuw-Zeeland

De nieuwe Maori-opperrechter Joseph Victor Williams zet zich al decennia in voor het lot van de inheemse bevolking van Nieuw-Zeeland.

Het gebouw van het hooggerechtshof in Wellington.
Het gebouw van het hooggerechtshof in Wellington. Foto iStock

Het Nieuw-Zeelandse Hooggerechtshof heeft voor het eerst een Maori-rechter. Joseph Victor Williams werd donderdag benoemd als rechter van het hoogste hof van het land. De jurist volgt William Young op, die het hof verlaat om de onderzoekscommissie naar de aanslagen in Christchurch te leiden.

Williams stamt af van de Ngāti Pūkenga- en Te Arawa-stammen. Hij spreekt vloeiend Te Reo Maori, de tweede officiële taal van Nieuw-Zeeland. De Nieuw-Zeelandse advocaat Annette Sykes, een studiegenoot van Williams, noemt zijn benoeming tegenover Radio New Zealand een mijlpaal. Volgens haar is Williams „een van de briljantste juristen uit de Maori-gemeenschap” en kan zijn benoeming leiden tot „meer gerechtigheid tussen de verschillende gemeenschappen” in Nieuw-Zeeland.

Lees ook deze column over de ‘Maori-renaissance’: Maori-cultuur verbindt in tijden van crisis

Succesje met reggaeband

Williams zet zich al decennia in voor het lot van de Maori’s in Nieuw-Zeeland. In 1988 richtte hij bij het advocatenkantoor waar hij toen werkte de eerste afdeling van het land op die zich specifiek richt op problemen waar de inheemse bevolking van Nieuw-Zeeland tegenaan loopt.

Na een periode gewerkt te hebben bij verschillende kantoren, werd Williams in 1999 benoemd als opperrechter van het zogenoemde Maori Land Court. Ook heeft Williams gewerkt voor het Waitangitribunaal, een gerechtelijke commissie die de klachten van Maori’s over onder meer landonteigening onderzoekt.

De laatste jaren was Williams achtereenvolgens rechter bij een gerechtshof en bij het Hof van Beroep. Williams genoot in de jaren tachtig ook kortstondige bekendheid als zanger en gitarist van reggaeband Aotearoa. Met het lied Maranga Ake Ai riep de band Maori-jongeren op trots te zijn op hun achtergrond.