De reuzenpanda verteert bamboe als een hypercarnivoor

Biologie Beren zijn vleeseters. Hoe kan het dan dat de reuzenpanda overleeft op een plantaardig dieet? Ze halen veel eiwit uit bamboe.

Panda’s halen maar liefst de helft van hun energie uit de eiwitten in bamboe, terwijl die plant voor een groot deel uit onverteerbare vezels bestaat.
Panda’s halen maar liefst de helft van hun energie uit de eiwitten in bamboe, terwijl die plant voor een groot deel uit onverteerbare vezels bestaat. Foto Mrbfaust

Reuzenpanda’s eten voornamelijk bamboe en gelden dus als echte planteneters. Maar wat betreft de voedingsstoffen die ze daaruit halen, lijken ze toch meer op vleeseters. Dat schrijven Chinese en Australische onderzoekers deze week in Current Biology. Hun vinding verklaart waarom panda’s ooit relatief gemakkelijk konden overschakelen naar een zuiver plantaardig dieet.

Lange tijd was onzeker tot welke diergroep panda’s eigenlijk behoren: ze lijken op beren, maar eten alleen bamboe. Hun kaakspieren en kiezen lijken op die van planteneters, en ze hebben een extra ‘duim’ aan hun hand waarmee ze bamboe kunnen vastgrijpen. Maar hun korte darmkanaal hoort bij vleeseters, evenals hun verteringsenzymen en darmbacteriën. Een theorie was dat panda’s nauw verwant zijn aan wasberen, die alleseter (omnivoor) zijn. Maar moleculair en genetisch onderzoek heeft laten zien dat panda’s wel degelijk echte beren zijn.

Wolven en katachtigen

Hoe kunnen panda’s overleven op enkel bamboe? Niemand heeft die paradox ooit fatsoenlijk verklaard, zo stellen de onderzoekers. Bamboe bestaat grotendeels uit onverteerbare vezels, en maar voor 5 tot 30 procent uit eiwit. Toch halen panda’s maar liefst de helft van hun energie uit deze eiwitten. Eenderde komt uit de koolhydraten (suikers) van de bamboe, en de rest uit de vetten. Daarmee lijken panda’s precies op hypercarnivoren: dieren zoals wolven en katachtigen, waarvan het dieet voor meer dan 70 procent uit vlees bestaat. Ook de melk van de reuzenpanda’s lijkt op die van hypercarnivoren. Herbivoren halen daarentegen meer dan de helft van hun energie uit koolhydraten, en hun melk is veel minder eiwitrijk.

Panda’s splitsten zich 19 miljoen jaar geleden af van de overige beren. Lange tijd bleven ze omnivoor. De switch naar een volledig plantaardig dieet was tussen 2 en 4 miljoen jaar geleden – heel recent, in evolutionaire termen, én heel snel. Volgens de onderzoekers kon dat zo snel omdat de spijsvertering niet hoefde te veranderen.

Bamboescheuten

Omdat bamboe vooral uit onverteerbare vezels bestaat, moeten panda’s – net als gorilla’s – veel eten: wel 10 tot 15 kilo per dag. Om hun grote eiwitbehoefte te bevredigen, volgen ze de bamboe-ontwikkeling met de seizoenen. ’s Winters eten ze in de dalen de bladeren van één soort. Zodra de eiwitrijke bamboescheuten verschijnen, gaan ze daarop over. Als het eiwitgehalte daarvan afneemt, verhuizen de panda’s naar hogere berghellingen, waar ze een andere bamboesoort eten. Wordt die te taai, dan dalen ze weer af en is het jaar rond.

De analyse van de voedingsstoffen verklaart nu voor het eerst die migratie, aldus de onderzoekers. Gronings onderzoek liet al in 2006 zien dat grazende ganzen in de lente een ‘eiwitgolf’ naar het noorden volgen. Blijkbaar is de verhouding tussen de stoffen in het voedsel ecologisch gezien belangrijker dan het soort voedsel, zo benadrukt ook het panda-artikel.