Opinie

VVD doet half werk met afhandeling van kwestie-Duthler

integriteit

Commentaar

Met een voor de partij ongekende daadkracht heeft de VVD eind vorige week Eerste Kamerlid Anne-Wil Duthler per direct uit de fractie gezet. Onmiddellijk nadat zij een kort geding tegen het zakenblad Quote had verloren, gaf fractievoorzitter Annemarie Jorritsma haar te kennen dat zij kon vertrekken. De uitspraak van de rechter was voor de VVD blijkbaar zo overtuigend dat een eigen onderzoek van de integriteitscommissie van de partij is stopgezet.

Deze kwestie raakt niet alleen Duthler en de VVD maar de gehele Eerste Kamer. Zij kwam onder vuur te liggen wegens vermeende belangenverstrengeling. Nu is dat een verwijt dat de ‘deeltijdpolitici’ van de Eerste Kamer vaker treft. Sterker nog, het thema integriteit staat als gevolg van de aanhoudende discussie hierover hoog op de agenda van de Eerste Kamer. Twee weken geleden nog presenteerde een speciale commissie van de Eerste Kamer een rapport met daarin voorstellen om de integriteit beter te waarborgen.

In het geval-Duthler kwam veel van de vaak gehoorde kritiek op het onafhankelijk functioneren van Eerste Kamerleden samen. Na eerdere publicaties op de nieuwssite Follow the Money schreven dezelfde journalisten in februari van dit jaar voor het blad Quote onder de kop ‘De dubbele petten van een VVD-senator’ een kritisch stuk over de handel en wandel van Kamerlid Duthler. Terugkerende vraag in alle stukken was of zij in haar zakelijke werkzaamheden profiteerde van haar lidmaatschap van de Eerste Kamer.

Als privacydeskundige heeft Duthler verschillende bedrijven. Zij verricht advieswerkzaamheden voor onder andere de overheid maar bemoeide zich ook actief met wetgeving over hetzelfde onderwerp. De artikelen schetsen een ogenschijnlijk onontwarbare kluwen van activiteiten en nevenactiviteiten verdeeld over diverse bv’s. Niet ongebruikelijk overigens in de advieswereld die zich beweegt op het vaak voor hen lucratieve, zoals dat in die kringen heet „snijvlak van markt en overheid”. Van belang is dat de rechter in het door Duthler tegen Quote aangespannen kort geding heeft geoordeeld dat het artikel „voorshands voldoende steun in de feiten” vindt.

Voor de VVD, toch al veelvuldig geplaagd door integriteitskwesties, was dit rechtelijke oordeel aanleiding om hard op te treden tegen fractiegenoot Duthler. Op zich is dit begrijpelijk maar met alleen de verwijzing naar de uitspraak blijft onduidelijk op welke gronden Duthler nu precies volgens de VVD ontoelaatbaar heeft gehandeld. Dit is des te onbevredigender omdat fractievoorzitter Jorritsma na een eerdere discussie over de dubbele petten van Eerste Kamerleden verontwaardigd had uitgeroepen dat straks „alleen nog maar baby’s en mensen die nooit iets gedaan hebben” Eerste Kamerlid kunnen worden.

De kwestie-Duthler toont aan dat de senaat terecht kritisch kijkt naar het eigen functioneren. In het bijzonder geldt dit voor de vraag hoe om te gaan met de in de Grondwet vastgelegde bepaling dat leden van de Staten Generaal „zonder last” dienen te stemmen. Vandaar het voorstel voor een aangescherpte integriteitscode met meer transparantie over nevenfuncties en verwevenheid met parlementaire werkzaamheden.

Zolang leden van de Eerste Kamer terecht nevenfuncties mogen hebben, zal er een grijs gebied zijn. Het is vervolgens aan de leden en hun politieke groepering zelf de afweging te maken wat wel en wat niet toelaatbaar is. Jurisprudentie is daarbij een goede leidraad. Het onvolledige oordeel over Duthler zorgt hier helaas slechts in beperkte mate voor.