‘Juist als ik boos ben, kan ik ijzig kalm zijn’

100 jaar vrouwenkiesrecht Aldith Hunkar (56) was de eerste ‘camjo’ van Nederland. Met camera en laptop reisde ze over de wereld om het nieuws te verslaan.

Foto Annabel Oosteweeghel

„Ik was 38, werkte zes jaar bij het Jeugdjournaal. Omdat ik geen fossiel wilde worden op die plek, bedachten we dat ik het NOS Journaal zou gaan presenteren. Maar ik moest van de baas eerst ‘loskomen’ van het Jeugdjournaal. Daarom werd ik de eerste camjo – camerajournalist – van Nederland. Nu zie je het overal: journalisten die zelf filmen en monteren. Ik begon in 2001, de tijd dat laptops voor het eerst echt wat konden. Je kon dan dichter bij mensen komen. Zo ben ik een vluchtelingenkamp in Pakistan ingesmokkeld. Met een heel team was dat nooit gelukt.

„Mijn werk werd door collega’s niet altijd gewaardeerd. Toen ik informatie inwon bij een correspondent, zei hij mij echt niet te gaan helpen bij mijn ‘hobbyprojectje’. Een item over hangjongeren viel bij veel collega’s en kijkers helemaal verkeerd. Die jongens hadden een Marokkaanse achtergrond. ‘Wij moeten integreren, maar overal wordt de deur in ons gezicht gesmeten’, zeiden ze. Er was consternatie dat zij hun verhaal mochten vertellen. De teneur was: ze krijgen alle kans, ze moeten dankbaar zijn. Ik kreeg veel doodsverwensingen van kijkers.

„Mijn moeder heeft mijn hele leven gezegd: praat nooit met hoge stem, blijf kalm, of je word betiteld als hysterisch. Juist als ik boos ben, kan ik ijzig kalm zijn.

„Toen ik in 2007 alweer even het journaal presenteerde, raakte ik overspannen. Ik zag steeds dingen die ik niet vond stroken met mijn journalistieke integriteit. Nu ben ik al jarenlang ondernemer: ik presenteer conferenties, geef trainingen, heb me een nieuw leven ingericht.”