‘Ineens werd ik de baas van mijn baas’

100 jaar vrouwenkiesrecht Ada van der Veer (59) was in 1989 de eerste vrouwelijke bankdirecteur in Nederland – en met haar 29 jaar ook meteen de jongste ooit.

Foto Annabel Oosteweeghel

„Ik wilde stewardess worden, maar daarvoor was ik te lang, 1 meter 85. Bij Staalbankiers begon ik als management-assistent. Binnen zeven jaar was ik directeur. Ineens werd ik de baas van mijn voormalige baas. In een bankensector met alleen mannen merkte ik dat iedereen achterover ging leunen: wat heeft dat dametje eigenlijk te vertellen?

„Ik constateer dat vrouwen kritischer worden beoordeeld op resultaten, en mannen meer op potentie. Altijd de enige vrouw zijn viel daarom tegen. Maar de enige vrouw zijn viel ook mee: ik was heel zichtbaar. Ik werd mijn eigen merk.

„Ik durf in de wind te staan. Ik heb snel een visie en zie het grotere plaatje. Ik heb een groot inlevingsvermogen in de omgeving en dat is van belang als je een outsider bent. Wat mij betreft zijn dat de eigenschappen die er tijdens mijn loopbaan toe hebben gedaan.

„In mijn carrière ben ik nooit echt bezig met de toekomst. Ik gedij goed bij dynamiek en vernieuwing en pak kansen als ze voorbij komen. Tegenwoordig heb ik een aantal commissariaten, zoals voorzitter bij Arcadis Nederland, en ik ben voorzitter van de Monitoring Commissie Accountancy en gastdocent op verschillende universiteiten.

„Ik ben voorstander van quota. Ik vind dat je in veel gevallen eerst op zoek moet gaan naar vrouwen. Shula Rijxman is op mijn instigatie in de raad van bestuur van de NPO gekomen en ik heb er mede voor gezorgd dat Ingrid Thijssen lid is geworden van de raad van bestuur van energienetwerkbedrijf Alliander. Het argument tegen specifiek naar vrouwen zoeken is vaak dat mensen ‘de beste’ willen. Dan zeg ik: een gemengd bestuur van mannen en vrouwen ís het beste. Als er geen goede vrouwen zijn, kom je tijdens het zoeken wel tot die conclusie. Veel vrouwen zeggen dat ze geen ‘excuustruus’ willen zijn. Pak die klus en laat gewoon zien dat je geen excuus bent.”