De dood van Ayrton Senna raakte de wereld

Ayrton Senna, een van de beste Formule 1-coureurs aller tijden, verongelukte 25 jaar geleden. „Hij was mijn held, hij inspireerde mij om te gaan racen.”

Ayrton Senna overleed op 1 mei 1994 tijdens de Grand Prix van San Marino.
Ayrton Senna overleed op 1 mei 1994 tijdens de Grand Prix van San Marino. Foto William West /AFP

Zijn gestalte is in brons vereeuwigd. Het hoofd licht gebogen, de handen devoot gevouwen. Peinzend op een muurtje. Helemaal Ayrton Senna: de Braziliaanse racevirtuoos die 25 jaar geleden omkwam op het circuit van Imola, vlakbij Bologna, tijdens de Grand Prix van San Marino. Snelheidsduivel, gelovige, romanticus. Mooie man met een onpeilbare blik, maar ook met de wil om voortdurend zijn eigen grenzen te passeren.

In zijn eigen land een held, wiens betekenis de sport overstijgt. Misschien dat de voetballer Pelé in zijn buurt komt. In Brazilië is Senna meer dan de winnaar van drie wereldtitels (1988, 1990 en 1991) en 41 grands prix. Hij versloeg de grote coureurs van het oude autocontinent, Europa, en gaf miljoenen arme Brazilianen hoop op vooruitgang en een moderne toekomst. Het land was in zijn tijd schuchter op weg een van de groeiers in de wereldeconomie te worden.

Stuiterend kiezelsteentje

Zijn bronzen beeld staat aan de binnenkant van de Tamburello-bocht, waar hij op 1 mei 1994 met zijn Williams-Renault FW 16 met een snelheid van ruim boven de 200 kilometer per uur tegen een betonnen muur knalde. Zijn bolide maakte een onbestuurbare indruk; volgens Michael Schumacher, die achter hem reed, leek Senna op een kiezelsteentje dat over het water stuiterde. Vooral in de bochten. De Italiaanse justitie weet het ongeluk aan een slechte las in de stuurkolom van de wagen. De rechter sprak de top van renstal Williams echter vrij.

Lees ook: Brazilië, het land van de grote F1-kampioenen, telt niet meer mee

Zijn dood – hij was 34 jaar – raakte de wereld zoals dat alleen bij beroemde popartiesten en grote politici gebeurt. De fans weten nog precies waar zij waren toen de hulpverleners zijn leven probeerden te redden, met de neurochirurg en circuitarts Sid Watkins in hun midden. De coureur had hersenletsel doordat een deel van de wielophanging door het vizier van zijn helm was gedrongen en overleed op het circuit. „Senna slaakte een zucht, en hoewel ik compleet agnost ben, voelde ik dat zijn ziel op dat moment vertrok”, vertelde Watkins, een goede vriend van Senna, later.

Hij kreeg een staatsbegrafenis, na drie dagen nationale rouw. Een half miljoen mensen in zijn geboorteplaats São Paulo, waar hij opgroeide als zoon van een zakenman en zijn intrede deed in het karten, bevolkten de straten toen zijn kist naar de begraafplaats werd gebracht. Grote afwezige: Formule 1-baas Bernie Ecclestone. Die vond het hypocriet om als ongelovige naar de kerk te gaan en stuurde zijn vrouw Slavica. „Ze was heel close met Ayrton en zij gelooft in die handel.”

Ayrton Senna in 1982, twee jaar voor zijn F1-debuut.

Foto Keith Sutton

Zwart weekend

Deze week komt de mythe weer tot leven, in herdenkingstoespraken, races en herinneringen van collega’s en fans. Imola is weer even het middelpunt van de racewereld. „Hij was mijn held, hij inspireerde mij om te gaan racen”, zei Mercedes-coureur Lewis Hamilton vijf jaar geleden. De Brit was negen toen Senna omkwam.

Senna durfde alles, hij was een artiest op het circuit. Hij kende de risico’s van het vak, maar dat dempte zijn drive niet. Hij moest en zou winnen. Bij McLaren voerde hij eind jaren tachtig een koningsgevecht met zijn Franse teamgenoot Alain Prost, waar de vonken en de haat van af spatten. De twee waren niet te beroerd elkaar van de baan te drukken.

Het weekend dat Senna verongelukte, was meteen een van de zwartste uit de geschiedenis van de racesport. Op zaterdag was de Oostenrijkse rookie Roland Ratzenberger al tijdens de kwalificatie omgekomen. Senna was ontredderd. Circuitarts Watkins ontraadde hem een dag later van start te gaan. „Je bent nu al drie keer wereldkampioen en de snelste coureur. Stop ermee en ga vissen.” Senna liet zich niet vermurwen. „Sid”, zei hij, „er zijn bepaalde dingen waarover we geen controle hebben. Ik kan niet stoppen, ik moet doorgaan.”