Staken blijkt als wapen nog altijd effectief

Dag van de Arbeid Het aantal vakbondsleden daalt, maar gestaakt wordt er nog volop. En met effect. Dreigen met staken is trouwens ook effectief.

Illustratie Stella Smienk

Er is volop gestaakt vorig jaar. Bijna 240.000 werkdagen gingen verloren doordat werknemers het werk neerlegden, blijkt uit cijfers die het Centraal Bureau voor de Statistiek deze woensdag, op de internationale Dag van de Arbeid, publiceert.

Dat is relatief veel. Meestal schommelt dat getal tussen de 20.000 en 60.000. Al gingen er in 2017 nóg meer dagen verloren: ruim 300.000, het hoogste aantal sinds 1995.

Nu werknemers de economie zien groeien, eisen ze hun deel op. Vorig jaar is gestaakt in het streekvervoer, het onderwijs, bij metaalbedrijven en in vijfentwintig andere sectoren. Twistpunt is vaak de af te spreken loonsverhoging in de nieuwe collectieve arbeidsovereenkomst (cao).

Vorig jaar ging de grootste vakbond, de FNV, elk cao-traject in met een looneis van 3,5 procent. Een jaar eerder was dat nog 2,5 procent. Dit jaar was de landelijke looneis zelfs 5 procent.

Staken en schikken

Bedrijven zien helemaal niet zoveel ruimte voor hogere lonen. Zij kijken vooral naar de toenemende buitenlandse concurrentie en willen de loonkosten laag houden. Daardoor monden veel cao-besprekingen uit in een conflict.

Lees ook: Wie gelooft er in loonstijging van 5 procent?

Heeft het zin om te gaan staken? Ja, zegt Zakaria Boufangacha, die vanuit het FNV-bestuur alle cao-onderhandelingen coördineert. „Na acties gaan bedrijven meer bieden dan ze eerst van plan waren.”

Dat beeld bevestigt vakbondshistoricus Sjaak van der Velden, verbonden aan het Internationaal Instituut voor Sociale Geschiedenis. Hij verzamelt al jaren stakingscijfers. „De grote meerderheid van de stakingen leidt tot een schikking”, zegt hij. „De vakbond krijgt niet precies wat die eist, maar wel meer dan de werkgever aanvankelijk aanbood.”

De lonen stijgen ook harder in cao’s waarvoor gestaakt is. De FNV sprak vorig jaar in cao’s gemiddeld 2,4 procent loonsverhoging af, volgens eigen cijfers. In cao-trajecten waar actie is gevoerd, was dat 2,8 procent. Het verschil is duidelijk.

Meer loon zonder actie

Toch bepaalt niet de staking zelf of een werkgever een hoge looneis accepteert, weet de vakbond. Bepalender is de actiebereidheid van werknemers. Gooien ze de boel plat als ze hun zin niet krijgen? Is er dus de dreiging van een staking? „In de schoonmaaksector hebben we als vakbond een sterke positie opgebouwd”, zegt Boufangacha. „Zo konden we dit jaar 3,8 procent loonsverhoging afdwingen zonder actie te hoeven voeren.”

Bij De Bijenkorf miste hij juist een „actiecultuur”. Het warenhuis wilde hooguit 1,5 procent loonsverhoging afspreken in twee jaar tijd. Dat lukte omdat vakbond CNV akkoord ging én omdat van de FNV geen stakingsdreiging uitging.

Het dalende ledenaantal van de vakbonden heeft „helaas” effect op de vuist die vakbonden kunnen maken, zegt Boufangacha. „Mensen lijken te vergeten dat het niet werkt als ieder voor zich moet onderhandelen over de lonen. Samen sta je sterker.”

Toch denkt vakbondshistoricus Van der Velden dat staken van alle tijden is, al veranderen de vormen. „In jaren 70 legden op één dag 20.000 à 30.000 mensen hun werk neer. Nu zijn het vaak estafettestakingen: eerst het ene bedrijf, dan het andere. Dat is goedkoper en veroorzaakt net zoveel onrust bij werkgevers.”

Het einde van de staking is al vaak voorspeld, zegt Van der Velden, „maar het wordt al drieduizend jaar gedaan. Ik zou niet weten waarom het ooit zou verdwijnen.”