Opinie

Oude politiek kan beter niet te vroeg juichen bij FVD-crisis

Otten versus Baudet

Forum voor Democratie, de grote overwinnaar van de verkiezingen voor de Provinciale Staten en volgende maand als gevolg daarvan de grootste fractie in de Eerste Kamer, vertoont nu al de klassieke verschijnselen van een partij in ontbinding. Dat is snel, maar ook weer niet zo onbegrijpelijk, gezien de dragende karakters van dit nieuwste fenomeen in de Nederlandse politiek.

De bekende bezweringsformules – niets aan de hand, gezonde discussie, mediarelletje – klinken met de dag minder overtuigend. Dat kan ook haast niet anders als de betrokkenen tegelijkertijd zo openlijk met modder naar elkaar gooien. Tekenend in dit verband was het optreden van de zich immer nonchalant voordoende Theo Hiddema, steun en toeverlaat van partijleider Thierry Baudet, in het televisieprogramma WNL op Zondag.

De man die zich afgelopen week nog opwierp als bemiddelaar maakte op weinig verhullende wijze duidelijk geen vertrouwen te hebben in Henk Otten, de beoogd fractievoorzitter van FVD in de Eerste Kamer met wie de jongste consternatie binnen de partij een week geleden begon. Later op de dag besloten de overige aanstaande leden van de Eerste Kamerfractie Otten het leiderschap in de Senaat te ontnemen.

In een vraaggesprek met NRC plaatste de medeoprichter van Forum voor Democratie vraagtekens bij het solistische optreden van Baudet. Ook uitte hij inhoudelijke kritiek op hem. Hij zou de partij te veel „naar rechts” trekken. Voor het „alt-right-achtige gedoe”, was geen plaats waarschuwde Otten.

Het causale verband met het interview is vooralsnog onbewezen maar vorige week werd in verschillende stappen de demotie van Otten bekend gemaakt. Vertrek als medewerker van de Tweede Kamerfractie, vertrek als penningmeester, vertrek als lid van het partijbestuur, afnemen fractievoorzitterschap Eerste Kamer. Wat het allemaal nog onfrisser maakt zijn de verhalen over betalingen uit de partijkas over voor de partij verrichte diensten.

De onrust zal nog wel even aanhouden. Daar komt nog bij dat Otten zelf in een tweet heeft beloofd „op het juiste moment” uitgebreid te zullen ingaan op de hele gang van zaken. Tot zover de eerste stappen van de partij die ten strijde ging trekken tegen de oude politiek, ook wel aangeduid als het partijkartel.

Het is vanzelfsprekend aan het Forum voor Democratie zelf een oplossing te vinden voor de interne problemen. Toch kan de zaak niet worden afgedaan als louter een verenigingskwestie. Op 20 maart heeft bijna één op de zeven kiezers zijn of haar stem uitgebracht op FVD. Dat was In de meeste gevallen geen stem voor de veelal totaal onbekende provinciale kandidaten maar voor het Forum zoals zich dit landelijk had gepresenteerd. Deze kiezers hebben recht op volledige verantwoording door de partij.

Er wordt al gesproken over ‘LPF-achtige’ toestanden maar in feite gaat het niet tot wasdom komen van nieuwe partijen al veel verder terug. Nieuwe politiek of wat daar ook voor door moge gaan, wortelt in Nederland maar moeilijk, blijkt elke keer weer.

Toch kan dit geen geruststelling zijn voor de gevestigde partijen. Versplintering van het partijenlandschap, beweging aan de flanken, leegloop van de partijen; het zijn ernstige waarschuwingssignalen van een wantrouwend electoraat. Wantrouwen dat door de duistere praktijken bij Forum voor Democratie helaas wederom een nieuwe voedingsbodem heeft gekregen.