Oud beursadagium wil dat je in mei verkoopt

Deze rubriek belicht iedere maandag ontwikkelingen op de beurs. Deze keer: de zomerse dip in de koersen.

Je weet dat de zomer in aantocht is als iemand in je beleggersclubje het gezegde sell in May and go away van stal haalt. Waar deze klassieker onder de beurswijsheden in het kort op neerkomt: tijdens de zomermaanden zakken de markten in en worden aandelen minder waard. Wie slim is, stapt dus uit en komt terug zodra de koersen in het najaar weer stijgen. De spreuk dook voor het eerst op in 1935, in een artikel in de Financial Times. De Britse handelaar die geciteerd werd, omschreef het toen al als een ‘oud adagium’.

Ben Jacobsen, hoogleraar finance aan Tilburg University, kent dit oude adagium als geen ander. Hij was begin jaren negentig de eerste die het bestaan van het ‘sell in May’-verschijnsel wetenschappelijk aantoonde. Met slotkoersen die in sommige gevallen tot het jaar 1692 teruggaan, toonde Jacobsen aan dat je ’s zomers daadwerkelijk een lager rendement behaalt dan in de wintermaanden. Op de Nederlandse beurs lag tussen 1919 en 1998 het rendement in ruim acht van de tien gevallen hoger in de wintermaanden – gemiddeld met 11 procent. In de jaren 1998-2017 was dat iets vaker dan de helft en was het verschil tussen zomer en winter 9,3 procent.

„De correlatie was zo sterk dat we aanvankelijk dachten dat we een fout hadden gemaakt”, lacht Jacobsen. „En nog steeds kunnen velen het niet geloven, want zo simpel kan het toch niet zijn?” Natuurlijk ziet de effectenhandel er vandaag de dag totaal anders uit dan in de late zeventiende eeuw, „maar de correlatie is tijdens de hele onderzochte periode te zien, waarin die ook twee wereldoorlogen wist te doorstaan. Het is de sterkste anomalie die ik ooit ben tegengekomen.”

Na Jacobsen probeerden andere wetenschappers het verschijnsel te verklaren. Zo toonde een paper aan dat de zomerse temperatuur van invloed zou zijn op de mate waarin men risico’s neemt. Jacobsen is sceptisch: „Gedragsonderzoek wijst uit dat dit alleen meespeelt als je in extreme temperaturen verblijft. Als je vanaf Antarctica of vanuit de Sahara aan het handelen bent dus.”

Volgens de overlevering zou de spreuk afkomstig zijn van de oude Engelse elite, die in Londen woonde en in de City handel dreef, om de zomermaanden door te brengen in hun landhuizen buiten de stad.

Het enige verband dat Jacobsen voortdurend ziet terugkomen: vakantie. In het onderzoek dalen de koersen ’s zomers vooral sterk in Europese landen, die een sterke vakantietraditie kennen.

Toch blijft de precieze verklaring anno 2019 nog altijd een raadsel. Is het omdat beleggers tijdens vakanties minder bezig zijn met hun portfolio, of omdat professionele beleggers hun portefeuille tijdens vakantie overdragen aan een collega, die wellicht niet met dezelfde intensiteit handelt? Het blijft gissen.

Martine Hafkamp van vermogensbeheerder Fintessa krijgt geregeld vragen over het ‘sell in May’-verschijnsel. „Zeker nu er de afgelopen maanden een goed rendement is behaald, krijgen sommige beleggers last van hoogtevrees”, zegt Hafkamp. Hoewel het effect wel degelijk is aangetoond, doet ze er niets mee in haar beleggingsstrategie. „Ik beleg met een doelstelling, en dat is niet altijd om ten koste van alle risico’s het maximale rendement na te streven. Beleggen doe je voor de lange termijn.”

Hoewel het een goede regel is om te onthouden, bestaat er niet zoiets als absolute zekerheid op de beurs, beaamt Jacobsen. „Het ene jaar is het verschijnsel zichtbaar, het andere jaar niet.” Hafkamp zegt dat ook uitstappen riskant is: „Want wanneer in mei stap je dan uit? En belangrijker: wanneer kom je weer terug? Als je hierdoor een paar goede beursdagen mist, scheelt dat ook in het rendement dat je had kunnen behalen.”