Opinie

    • Frits Abrahams

Medeplichtig wildplassen

Wildplassen is een illegaal fenomeen dat onlosmakelijk met Koningsdag is verbonden. Dat zal altijd zo blijven, hoeveel mogelijkheden er ook worden geboden om op een nettere manier de blaas te ledigen.

Op Koningsdag staan overal plaskruisen opgesteld, je kunt ook in cafés terecht of tegen geringe betaling in privéhuizen. Uit zuinigheid sparen sommigen die paar euro liever uit door wijdbeens hun goddeloze water over onze goddelijke akkers te laten lopen. Bijna altijd zijn het mannen.

Ik heb op Koningsdag, die toen nog Koninginnedag heette, één keer in een stil straatje nabij het centrum van Amsterdam een jonge vrouw ineengedoken een plantenbak zien bevloeien. Ze was gedeeltelijk onzichtbaar dankzij een forse vriendin die zich vóór haar had opgesteld. Op Twitter circuleerde zaterdag een foto van een vrouw die „ongegeneerd haar flamoes in de Keizersgracht leegt”, zoals het verontwaardigde bijschrift luidde. De foto was veelbekeken, maar voor de bewuste vrouw hoeft dat niet bezwaarlijk te zijn, tenzij iemand haar billen heeft herkend.

Over het algemeen lijken vrouwen zich voor wildplassen meer te generen dan mannen. Toch kunnen zij zich op dit gebied merkwaardig ambivalent gedragen. Ik bedoel vooral de vrouwen die een mannelijke wildplasser vergezellen. Daarvan zag ik zaterdag een interessant voorbeeld.

Aan de overkant van een smalle gracht stond een man op de kade te wildplassen. Hij had zijn voorkant naar een appartementengebouw gekeerd, ik keek hem over het water op de rug. Waarom hij op de straat plaste en niet in het water, was mij onduidelijk. Het duurde nogal lang, misschien ook omdat plotseling een raampje in de gevel geopend werd door een jonge vrouw. Ze keek grijnzend naar hem en riep iets dat ik niet kon verstaan; ik nam aan dat het niet erg vleiend was. Achter de vrouw verscheen ook het gezicht van een andere vrouw.

Het moet een onaangename gewaarwording voor de man zijn geweest. Zijn concentratie, vereist voor dit soms lastige karwei, dreigde verstoord te worden. Daar stond hij, open en tamelijk bloot. Enkele minuten gingen voorbij. De vrouw bleef voor het raampje grijnzen, de vrouw achter haar verdween.

Opeens kwam er een andere vrouw, gekleed in een lange, bruine jas, in beeld. Ze liep naar de man en ging vlak voor hem staan. Ik verwachtte dat hij een stevige feminiene uitbrander zou krijgen, maar de vrouw had een ander oogmerk. Zij stelde zich op als een scherm tussen de man en de grijnzende vrouw; ze onttrok hem aan het spottende oog. Ze hoorde bij hem. De man ritste zijn broek dicht en samen met de vrouw liep hij weg. De vrouw in de gevel had zich toen al teruggetrokken.

Die toedekkende houding van vrouwen van wildplassers is me vaker opgevallen. Je ziet dan bijvoorbeeld een man in een portiek plassen, terwijl zijn vrouw min of meer op de uitkijk staat of enkele meters is doorgelopen en met neutrale blik de omgeving monstert. Medeplichtig wildplassen, noem ik dat, al is het niet strafbaar.

Genoeg hierover. Het lijkt nu wel alsof er op deze Koningsdag niets nieuws onder de zon was. Ik zou bijna die grote cilinderfles met lachgas vergeten waarmee vijf jongeren op de trappen van het Marnixbad oranje ballonnen vulden.

Vandaag zitten we weer allemaal op school of op kantoor.