China in het centrum van de macht

Top in China De Chinese leider Xi Jinping houdt een driedaagse conferentie over de steeds verder uitdijende Nieuwe Zijderoute.

Muurschildering in Beijing van de oude zijderoute. Op een driedaagse conferentie over de Nieuwe Zijderoute, die duurt tot en met zaterdag, kwamen 37 staatshoofden af.
Muurschildering in Beijing van de oude zijderoute. Op een driedaagse conferentie over de Nieuwe Zijderoute, die duurt tot en met zaterdag, kwamen 37 staatshoofden af. Foto Ng Han Guan / AP

Aan elke lantaarnpaal hangen banieren met slogans. Immense, wat stijve bloemcreaties van afrikaantjes en petunia’s staan in zwarte aarde, en op abri’s en voetgangersbruggen staan medewerkers van uiteenlopende veiligheidsdiensten in zwarte, blauwe en groene uniformen. Dat er iets groots stond te gebeuren kon deze week niemand ontgaan en dat was ook beslist de bedoeling.

De Chinese leider Xi Jinping heeft de wereld uitgenodigd voor een driedaagse conferentie over zijn persoonlijke geopolitieke lievelingsproject: de Nieuwe Zijderoute, het Belt and Road Initiative (BRI). Het project is zelfs zo belangrijk dat het in de Chinese grondwet is opgenomen.

In westerse ogen las de gastenlijst van het Belt and Road Forum (BRF) als de jaarvergadering van een alternatieve orde. Traditionele vaandeldragers van internationale samenwerking zoals Frankrijk, Duitsland, de VS en Japan waren tijdens de openingsceremonie niet zichtbaar. De keynote-speeches kwamen vrijdag onder andere van de leiders van Rusland, Egypte, Chili en Maleisië. Op de eerste rij zaten wel de regeringsleiders van Hongarije en Griekenland, de Oostenrijkse premier Sebastian Kurz peuterde aan zijn nagels. De Europeanen spraken niet.

Ooit vormden de VS en Europa het epicentrum van internationaal overleg. Nu is China langszij gekomen. Lag voorheen de nadruk op rechten en regels, nu bouwt China een netwerk rond infrastructuur en economische samenwerking. In dat vlechtwerk vinden ook landen die door het Westen al snel in de verdediging worden gedrukt makkelijk een plek. Landen die het met vrijheid en mensenrechten niet zo nauw nemen. In Beijing is democratie nu eenmaal niet het leidende principe.

Populair maar omstreden

Xi Jinping kwam in 2013 met het voorstel om een internationaal netwerk van wegen, spoorlijnen, havens, pijpleidingen en energiecentrales aan te leggen dat Azië beter moest verbinden met Europa. Het idee sloeg aan. China heeft inmiddels met meer dan 150 landen en instellingen afspraken gemaakt. Kwamen er in 2017 nog 28 staatshoofden naar Beijing voor de eerste BRI-conferentie, dit jaar waren dat er 37. Nederland is alleen op ambtelijk niveau vertegenwoordigd.

BRI is populair, maar ook omstreden. Niet alleen het Westen, maar ook Japan en vooral India zijn kritisch. Zwakkere economieën zouden in een nieuwe schuldencrisis belanden doordat China onverantwoorde leningen tegen hoge rentetarieven verstrekt. Die zouden vooral dienen om infrastructurele projecten te financieren waarvan de economische haalbaarheid twijfelachtig is. Ook zou China’s manier van aanbesteden ondoorzichtig zijn en daardoor uitnodigen tot corruptie. China zou ook weinig oog hebben voor schadelijke milieu-effecten van BRI-projecten.

Xi heeft die kritiek goed gehoord. In zijn openingstoespraak zei hij dat China zich wil houden aan internationale regels om de schuldenlast aanvaardbaar te houden. Hij benadrukte dat de aanbesteding van projecten doorzichtig moet zijn en dat corruptie uit den boze is. BRI-projecten moeten bovendien groen en klimaatvriendelijk zijn, aldus Xi.

Xi zei niets over extra Chinees geld voor de BRI. Dat is gek, want nieuw geld toezeggen was bijna vaste prik geworden bij deze bijeenkomsten. Dat wijst erop dat Xi niet langer wil dat het initiatief een te sterke Chinese kleur heeft: het moet meer gedragen worden door internationale samenwerking. Dat maakt China minder kwetsbaar voor kritiek. Denkbaar is ook dat China met een afzwakkende economie domweg minder geld te besteden heeft.

Europa heeft het intussen lastig met het Chinese initiatief. EU-lidstaten in het oosten en zuiden zijn enthousiast over samenwerking, het noordwesten is terughoudender. Toch is de tegenstelling tussen China-liefhebbers en China-sceptici in de EU niet het hele verhaal. In de aanloop naar de top hebben EU-landen geprobeerd om via Italië en Tsjechië, formele partners in BRI, iets van westers politiek taalgebruik in de slotverklaring te krijgen – denk aan multilateralisme en mensenrechten.

Vladimir Poetin probeerde gewicht in de schaal te leggen door te onderstrepen dat Rusland al vijf jaar nauw samenwerkt met landen in Eurazië en daarin een gelijkwaardige partner van China zou zijn. Maar na de uitvoerige toespraak van de onverstoorbare Xi vielen de woorden van Poetin een beetje weg: hij komt hier op de tweede plaats.

Wat begon als een omvangrijk infrastructuurproject gaat al lang niet meer alleen over de verbinding van Azië met Europa over land en zee. Tegenwoordig liggen ook Afrika, Latijns-Amerika en het Caribisch gebied aan de Zijderoute. Het blijft ook niet beperkt tot havens en spoorwegen. Onder BRI-vlag gaat het nu ook over gezondheidszorg, toerisme, culturele uitwisseling, armoedebestrijding, wetenschappelijke samenwerking. Over gesprekken tussen parlementariërs en archeologen.

Nieuwe wereldorde bouwen

De vraag rijst daarom wat Xi eigenlijk beoogt. Cheng Xiaohe, hoogleraar internationale betrekkingen aan de Renmin Universiteit: „Ik heb geen idee waar Xi heen wil. Wil hij de VN vervangen? Wil hij een belangrijke rol in de wereld spelen? Wil hij laten zien dat China een grootmacht is? Of wil hij de armen in de wereld helpen en een nieuwe wereldorde bouwen? Ik weet het echt niet.

„Als hij al die grote doelen nastreeft is hij gedoemd te mislukken. China kan de VN niet vervangen. China kan ook de armoede in de wereld niet oplossen. Je kunt arme landen wel leren op eigen benen te staan.”

Het steekt Cheng ook dat Xi doet alsof China een rijk land is. China kan in zijn ogen geen leningen uitzetten in ontwikkelingslanden met het risico dat het geld nooit meer terugkomt. China, zegt hij, is geen arm land meer, maar ook geen rijk land. Chengs vader diende twintig jaar in het Chinese leger, maar kan van zijn pensioen zijn eigen medicijnen niet betalen, en de verzekering dekt die kosten ook niet volledig.

Volgens Cheng is het beter dat China investeert in sociale en medische voorzieningen en in onderwijs. „China moet investeren in China”, aldus Cheng.

Xi is klaarblijkelijk van plan te luisteren naar de buitenlandse kritiek en bewijst daar in elk geval lippendienst aan. Maar opgeven zal hij de BRI niet: hij heeft zijn lot er aan verbonden – of China rijk genoeg is voor zo’n rol of niet.

Special China en Nederland E1-17