Recensie

Recensie Media

Days Gone: motormuis tegen zombies

Game In Days Gone, de eerste grote titel dit jaar exclusief voor de PS4, is het alsof de motorrijders van Sons of Anarchy de zombiewereld van The Walking Dead binnenrijden.

De spelwereld in de game Days Gone (PS4) is levensgevaarlijk.
De spelwereld in de game Days Gone (PS4) is levensgevaarlijk.

Op mijn motor passeer ik soepeltjes links en rechts verlaten auto’s terwijl ik toer door de bossen van Oregon. In de verte op de weg zie ik een desolaat stadje opdoemen, allicht kan ik daar wat achtergelaten munitie vinden, of medicijnen. Dan begint de motor te pruttelen – geen benzine meer. Er zit niets anders op dan het laatste stukje lopen, waarschijnlijk vind ik ook wel ergens benzine verderop. Shotgun in de aanslag – je weet immers maar nooit – trek ik door het stadje. Al gauw vind ik bij de oude benzinepomp wat ik zoek. Maar dan hoor ik een gegrom, op de grens van mens en dier, dit stadje is niet zo desolaat als het leek.

Days Gone is de eerste grote titel van dit jaar die exclusief uitkomt voor de PlayStation 4, en dat alleen al is reden genoeg om de oren te spitsen. Eerdere PS4-titels als Horizon Zero Dawn, Uncharted 4, God of War en Spider-Man worden tot de beste games van de afgelopen jaren gerekend. De maker van Days Gone is het Amerikaanse SIE Bend Studio, dat de afgelopen jaren vooral games maakte voor draagbare consoles als de Playstation Vita.

Na de zombieplaag

Days Gone speelt zich af in de bossen van Oregon na een zombie-apocalyps. Je speelt Deacon St. John, een motormuis die doodt zonder scrupules. Dat klinkt nogal eendimensionaal, maar door regelmatige terugkerende flashbacks krijgt het karakter van onze protagonist de nodige diepte.

Twee jaar na de uitbraak van de zombieplaag (ze worden in de game freakers genoemd) en Deacon zijn vriendin verloor, cruise je op je motor door de grote open wereld die Days Gone biedt. Hier en daar hebben overlevers nieuwe nederzettingen gebouwd voor wie jij klusjes moet doen.

Het is kortom alsof de Sons of Anarchy de wereld van The Walking Dead binnenrijden. Geen originele premisse, en qua gameplay leent Days Gone ook nogal van andere games, zoals het schieten in slowmotion uit Red Dead Redemption en het scouten met een verrekijker uit Far Cry. Dat maakt de game gelukkig ruimschoots goed met de levensgevaarlijke speelwereld.

Alles draait om overleven

Het draait in de open wereld van Days Gone namelijk niet om ontdekken, zoals in Red Dead Redemption II of Assassin’s Creed, maar om overleven. Overal loert gevaar: van freakers, maar ook van plunderaars, beren en wolven, een overheidsdienst die onderzoek doet naar de uitbraak en een vreemde sekte die het zombievirus wil omarmen.

Allen hebben een verschillende manier van aanvallen. Door de geringe munitie ben je constant aan het scharrelen. Politieauto’s zijn een kansrijke plek voor wapens en munitie, maar met een leeg flesje, een doekje en wat benzine is een Molotov-cocktail ook gauw gemaakt. Onderweg word je van je motor gesleurd door hongerige freakers of rijd je in een hinderlaag van plunderaars. En die motor kan dus ook zonder benzine komen. Als je een nieuwe missie begint verschijnt deze helaas wel magisch op de plek waar je moet zijn met een gevulde tank, een kleine knieval voor de gemakzuchtige gamer.

Qua verhaal weet Days Gone precies de balans te vinden tussen emotionele momenten – zou Deacons vriendin toch nog in leven kunnen zijn? – en de kitsch die nou eenmaal bij dit genre hoort. Denk aan met bloed besmeurde tunnels waar jij je bespijkerde honkbalknuppel stukslaat op een horde freakers. En dan maar hopen dat er op het einde weer een doosje spijkers en een stuk hout ligt om een nieuwe mee te maken.