Opinie

    • Zeki Arslan
    • Siep de Haan

Ook kansarm kind heeft recht op goede docent

Het lerarentekort raakt kansarme scholieren het meest, schrijven en . Parlementair onderzoek en extra geld zijn nodig.

Foto iStock

De hoogste prijs voor het tekort aan docenten wordt betaald door de kansarme kinderen van Nederland. De Inspectie van het Onderwijs waarschuwt hier deze maand voor in het jaarlijkse rapport De Staat van het Onderwijs.

Al in de jaren tachtig was dit fenomeen bekend. Niet alleen is er sprake van een vlucht van witte leerlingen vanuit scholen met voornamelijk migrantenkinderen, ook is er vaak een vlucht van witte docenten uit die scholen.

Er is niets menselijker dan dat een docent gaat werken op een school waar de sfeer aanspreekt en waar de leerlingenpopulatie vertrouwd overkomt. Leraren met een hogere opleiding kiezen vaker voor een school met voornamelijk kinderen van hoogopgeleide ouders (Inspectierapport, april 2019). Het omgekeerde geldt ook: 36,5 procent van de docenten met een migratieachtergrond werkt op scholen met voornamelijk leerlingen met een niet-westerse achtergrond.

De tekorten aan docenten doen zich voornamelijk voor in stedelijke gebieden, waar vaker scholen staan met kansarme jongeren. Het zijn daarom de kansarme jongeren die het meest de dupe zijn van de schaarste.

Problemen in basisonderwijs

In het primair onderwijs zijn de problemen het grootst. Om kansarme kinderen een goede start te kunnen laten maken in het basisonderwijs wordt er veel geïnvesteerd in voorschoolse educatie. Er zijn echter twijfels of die voldoende resultaat oplevert om achterstanden weg te werken. En ook al zou de voorschoolse educatie genoeg aan de ontwikkeling van de Nederlandse taal bijdragen, dan nog gaat deze winst verloren op de basisschool door de problemen die daar spelen door het gebrek aan docenten. Er werken ook veel jonge leerkrachten, die nog te weinig ervaring hebben met bijvoorbeeld meertaligheid. Daardoor is sprake van een hoog ziekteverzuim en hoge werkdruk. Dat vergroot de toch al lage animo om op deze scholen te werken niet, en zijn we weer terug bij af.

Zolang er niet wordt ingegrepen, blijven leerlingen de dupe van deze miserabele situatie. Dit veroorzaakt frustratie bij kinderen (en hun ouders) die hun talenten niet ten volle kunnen ontplooien.

In deze tijd van docentenschaarste rust er een verantwoordelijkheid bij de samenleving om ook voor kansarme leerlingen in stedelijke gebieden ervaren en goede leraren te waarborgen. Een goede, inspirerende leraar kan bepalend zijn voor de toekomst van leerlingen: door kinderen aan te moedigen om te leren en zelfbewustzijn over diens capaciteiten bij te brengen.

Je zou verwachten dat er publieke verontwaardiging is over het docententekort, maar dat is er niet. En dat terwijl de overheid zegt dat het voorkomen en tegengaan van kansenongelijkheid in het onderwijs een van de prioriteiten is. De werkelijkheid is dat de overheid dit cruciale vraagstuk heeft overgeheveld naar de scholen zelf, en dat scholen de strijd tegen kansenongelijkheid aan het verliezen zijn. Bij een tekort aan docenten lukt het een individuele school niet om goede docenten te vinden en die aan zich te binden. We weten al bijna dertig jaar dat scholen met kansarme kinderen de concurrentie om schaarse docenten niet kunnen winnen. En wat kan een school doen aan de oorzaak van het probleem?

Politieke interventie nodig

De solidariteit met deze scholen en hun leerlingen mag niet blijven steken in goede bedoelingen, maar moet kunnen vertrouwen op krachtig optreden van politiek en overheid. Stel een parlementair onderzoek in naar de oorzaken van het docententekort, en de relatie met de kansenongelijkheid in het onderwijs. De politiek moet dit dossier naar zich toe trekken. Laat de scholen en de docenten aan het woord komen, om te kijken waar het grootste probleem ligt bij het vinden van goede docenten.

Lees ook: Wie krijgt al die extra miljoenen voor onderwijs?

Het docententekort maakt weer eens zichtbaar dat we in een standenmaatschappij leven, terwijl we ervan uitgaan dat die tijd allang voorbij is. Op de korte termijn zou de overheid daarom de scholen moeten helpen door extra financiële middelen ter beschikking te stellen. Scholen kunnen deze middelen gebruiken om docenten een forse salarisverhoging te geven en een betaalbare woning te garanderen – in steden een groot probleem. De criteria voor de verdeling en toekenning van deze middelen zijn dan de samenstelling van de leerlingpopulatie, of er in de buurt waar de school staat sprake is van armoede, en de duur van het gebrek aan nieuwe docenten.

Als wij niets doen, neemt de segregatie tussen kansarm en kansrijk verder toe, en zullen veel talentvolle kinderen hun droom niet kunnen waarmaken.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.