Amnesty: coalitie tegen IS doodde 1.600 burgers in strijd om Raqqa

Oorlog in Syrië Ngo’s vragen meer aandacht voor de burgers die zijn gedood in de strijd tegen IS. Zij spraken overlevenden en ooggetuigen.

Een explosie in Raqqa, in 2017.
Een explosie in Raqqa, in 2017. Foto Zohra Bensemra/Reuters

De militaire coalitie tegen Islamitische Staat, waarvan ook Nederland deel uitmaakt, heeft in de strijd om Raqqa meer dan 1.600 burgers gedood. Dat zeggen mensenrechtenorganisatie Amnesty International en Airwars, een ngo die sinds 2014 onderzoek doet naar de burgerslachtoffers door luchtaanvallen in Irak en Syrië.

De gewapende strijd tegen IS in Irak en Syrië begon in 2014, nadat IS grote delen van Irak onder de voet had gelopen, en duizenden yezidi’s had gedood of ontvoerd. De strijd om Raqqa, de zelfverklaarde hoofdstad van IS in Syrië, speelde zich af tussen juni en oktober 2017. Dat het offensief om IS uit Raqqa en elders te verdrijven nodig was, betwist niemand. Maar Amnesty International en Airwars eisen meer aandacht voor de onschuldige burgers die zijn gedood in het kader van die strijd.

„Veel luchtaanvallen en tienduizenden artillerieaanvallen waren willekeurig. Het is dan ook geen verrassing dat ze vele honderden burgers verwondden en doodden”, zegt Donatella Rovera van Amnesty International in een persbericht.

‘Ik ben iedereen verloren’

De twee organisaties lanceerden donderdag een nieuwe website om de kwestie van de burgerdoden in de strijd tegen IS opnieuw onder de aandacht te brengen. De website brengt op interactieve wijze de verhalen van de burgerslachtoffers in Raqqa tot leven.

Zo wordt er ingezoomd op een luchtaanval op 25 september 2017 waarbij een gebouw van vijf verdiepingen met de grond werd gelijk gemaakt. In de kelder scholen vier families; 32 mensen werden gedood. „Ik ben iedereen die me na was verloren”, vertelt Ayat Mohammed Jasem, een overlevende, op de website. De anti-IS-coalitie, Operation Inherent Resolve, heeft toegegeven dat bij de luchtaanvallen op Raqqa 157 burgers zijn gedood. In totaal zijn bij de luchtaanvallen in Syrië en Irak sinds 2014 1.257 burgers gedood, aldus de coalitie. Airwars schat het aantal burgerdoden door luchtaanvallen in beide landen tussen de 7.000 en 12.000.

Ook Nederland heeft, bij toerbeurt met België, meegedaan aan Operation Inherent Resolve. De Nederlandse luchtmacht heeft sinds 2014 2.500 missies gevlogen boven het strijdgebied. Nederland is vaak een gebrek aan transparantie verweten over de burgerdoden die daar mogelijk bij zijn gevallen. Wel is bekend dat het Openbaar Ministerie vier incidenten heeft onderzocht waarbij Nederland betrokken was. Bij drie daarvan zijn inderdaad burgerdoden gevallen, zo werd vastgesteld, maar Nederland trof daarbij geen schuld.

De organisaties verwijten de landen die deel uitmaken van de coalitie dat zij ter plekke niet meer onderzoek hebben gedaan. Amnesty deed dat wel: onderzoekers bezochten 200 locaties in en rond Raqqa, en interviewden 400 overlevenden en ooggetuigen. „De coalitie moet onderzoek doen naar wat fout is gegaan in Raqqa en daar lessen uit trekken”, zegt Chris Woods, directeur van Airwars, een oud-journalist, „om grootschalig lijden van burgers bij toekomstige militaire operaties te voorkomen.”