Opinie

De Belastingdienst is hard nodig als misdaadbestrijder

Criminaliteit De Belastingdienst is een cruciale partner in de bestrijding van criminaliteit, schrijven de burgemeesters van onder meer Enschede, Helmond, Tilburg en Leeuwarden.

Rob Engelaar/ ANP

Wij zijn als burgemeesters betrokken bij de aanpak van ondermijnende (drugs)criminaliteit. Met politie, Openbaar Ministerie (OM) en Belastingdienst proberen we deze criminaliteit terug te dringen. Doordat we als burgemeesters panden sluiten waar drugsproductie- en handel plaatsvindt, dringen we veel overlast in de wijken terug, en raken we criminelen in hun verdienmodel. Daarmee pakken we het kwaad bij de wortel aan. We doen dit vooral uit zorg voor de ontwrichtende effecten, die gemeenschappen ondermijnen waar wij in onze gemeenten verantwoordelijk voor zijn. We zien jongeren en jongvolwassen bezwijken voor de lokroep van het criminele geld en kiezen voor een carrière in de misdaad in plaats van een fatsoenlijke (school)loopbaan.

We worden door ons werk geconfronteerd met grof geweld van liquidaties en zware mishandeling, die het gevolg zijn van de strijd om drugsmarkten. Ook zien we in wijken en buurten een parallelle samenleving ontstaan, gevoed door de grote hoeveelheid aan crimineel geld.

Gelukkig biedt de in het regeerakkoord opgenomen extra 100 miljoen euro ons als samenwerkende overheden de mogelijkheid de aanpak van ondermijnende criminaliteit de komende jaren te verbeteren. Maar er zal nog jarenlang in geïnvesteerd moeten worden, want Nederland heeft een grote drugsindustrie en de problemen die dat oproept zijn te lang genegeerd.

Het is nu nodig stelliger op te treden, als één overheid. Daar kunnen gemeenten en andere partners in de veiligheidsketen een belangrijke bijdrage aan leveren. We weten immers dat alleen optreden via het strafrecht – hoe nodig ook – onvoldoende is om tot betekenisvolle resultaten te komen, hoe blij we ook zijn met de recente strafrechtelijke interventies tegen bijvoorbeeld de leiders van motorclubs en de verbodsacties tegen de clubs. Maar met strafrecht alleen lukt het niet. Een van onze belangrijke partners is de Belastingdienst. Het doel van criminaliteit is immers toch vooral om snel geld te verdienen, en het helpt de aanpak zeer als dat geld snel weer afgepakt kan worden.

Lees ook: Burgemeesters: van lintjesknippers tot misdaadbestrijders.

De samenwerking met de fiscus is, waar het gaat om het afnemen van crimineel verdiend geld aan hennepzolders en drugslaboratoria, succevol. Ook omdat de fiscus internationaal effectiever geld terug kan halen dan politie of OM. Nu staat de Belastingdienst de afgelopen jaren door de stevige bezuinigingen sterk onder druk. Er dreigt daardoor een terugval van het aantal mensen dat kan worden ingezet. Logischerwijs komt de capaciteit die nodig is voor fiscale handhaving daardoor sterk onder druk te staan. De Belastingdienst boet daardoor zichtbaar aan kracht in als partner bij de ondermijning van criminaliteit.

Wij zien dit in onze regio’s, waar we goed en succesvol met de Belastingdienst samenwerken. De paradox: waar we nu met het extra geld van het ondermijningsfonds de aanpak van de drugscriminaliteit willen en kunnen versnellen, kan een cruciale partner straks niet meer voldoende mankracht leveren. Dat zal de aanpak behoorlijk in de wielen rijden.

Vandaar onze oproep aan het kabinet: versterk de fiscale handhaving bij de Belastingdienst met extra regionale teams die de aanpak kunnen ondersteunen. Concreet zou het gaan om teams in alle politieregio’s, landelijk totaal zo’n honderd extra formatieplaatsen. Bedenk daar wel bij dat met die extra inzet ook extra crimineel geld afgepakt kan worden. Ergo: extra uitgaven – totaal zo’n tien miljoen euro – leveren ook extra geld op. Als het kabinet echt een gezamenlijke aanpak van drugscriminaliteit wil, dan is het in de Rijksbegroting mogelijk maken van deze inzet een slimme en noodzakelijke investering.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.