Recensie

Recensie

Ontsnappen aan de stad, wennen aan de ‘mienskip’

Petra Possel in Friesland.
Petra Possel in Friesland. Foto Ruud Pos

Een ontsnapping naar het platteland – misschien is dat ergens wel de ultieme droom van een hele hoop hardnekkige stedelingen. Het gras is immers groener, daar écht. En toch, je moet het maar durven: daadwerkelijk verhuizen naar een gemeenschap waar iedereen elkaars naam kent. Radiopresentator, culinair recensent en schrijver Petra Possel deed het. Enkele jaren na het overlijden van haar man verruilde ze haar Amsterdamse appartement van nog geen 40 vierkante meter voor een huis met een tuin in de zuidwesthoek van Friesland, aan het IJsselmeer. Daar waar het bijna altijd waait.

In de stad waar bijna altijd wat te beleven is, was haar agenda een „spoorboekje zonder daluren”. Tegelijk was ze zich er een vreemde in haar eigen wereld gaan voelen.

In haar nieuwe woonplaats zijn juist amper voorzieningen. Het is een „culturele droogvallei”, zonder cafés, winkels of scholen. Maar er zijn wel buren die haar, ondanks dat ze een relatieve vreemdeling is, opnemen in hun ‘mienskip’ (gemeenschap). En er is een kerk. Een die – voorlopig – nog dienst doet als kerk en waar Possel op een zondag „voor het eerst in pakweg vijfendertig jaar” weer naar een dienst gaat.

Haar inburgeringsproces hield Possel bij in korte, kwieke verhalen, waarvan de meeste eerder verschenen in NRC. Nu is er de fijne bundel De stad uit, waarin Possel zichzelf geleidelijk terugvindt op het platteland. Waarin ze haar transformatie beschrijft van binnen- naar buitenmens, van voor- naar tegenstander van windmolenparken. En: van ‘weduwvrouw’ naar jonggehuwd.

Petra Possel, De stad uit. Uitgeverij Podium, 160 blz, € 17,50.

●●●●