Albumoverzicht: avontuurlijke liedjes van Renske Taminiau, Altin Gün is het lollige overstegen

Recensies Wat moet je luisteren? Deze week nieuwe muziek van onder andere Altin Gün, Renske Taminiau en Bun B & Statik Selektah.

  • ●●●●

    Renske Taminiau: What Stays When The Lights Go Out

    Renske TaminiauPop: Zangeres Renske Taminiau schrijft niet alleen liedjes voor zichzelf maar ook voor collega’s, zoals Do en Roxeanne Hazes. Nu heeft ze weer een eigen album gemaakt, het eerste sinds 2012. Op What Stays When The Lights Go Out laat Taminiau horen hoe subtiel en verfijnd ze kan klinken. Ze houdt haar zang als leidraad, die ze kalm en expressief laat meanderen. Er zitten allerlei klanken in: loom en wellustig bijvoorbeeld, of voorzichtig. Soms klinkt die stem gepijnigd, alsof het oppervlak geschaafd is. De omlijsting is spaarzaam. De stem zwerft rond en lijkt verschillende muzikanten tegen te komen: een trombonist, een klarinettist, een dromerige gitarist, een aanzwellende kopersectie. Dan zwerft de zang weer verder, op zoek naar nieuw gezelschap. Een enkele keer ontbreekt het mysterie (in ‘The End’), maar de meeste liedjes zijn op een bedaarde manier avontuurlijk, en soms aangrijpend (‘Stonecold’). Hester Carvalho

  • ●●●●

    Altin Gün: Gece

    Altin GünPop: Het internationale succes van Altin Gün heeft de muziek dwingender gemaakt. Het tweede album van de Nederlandse band staat vol Turkse psychrock die even catchy en freaky als bekend en verrassend klinkt. De sound is in essentie niet anders dan debuutplaat On, het gaat nog altijd om Anatolische liedjes die met elektrische saz, psychedelische gitaar en toetsen van een funkgroove worden voorzien, een stijl die geënt is op de Turkse rockscene van de jaren zestig en zeventig. Waar het eerste album nog kon doorgaan voor een lollig projectje van bassist Jasper Verhulst, staat op Gece een zelfverzekerde band die zich internationaal gewaardeerd weet, ook, en dat is belangrijk, in Turkije. Vanaf openingsnummer ‘Yolcu’ brengt de band het spelplezier over op de luisteraar. De afwisseling tussen zanger Erdinç Ecevit en zangeres Merve Dasdemir zorgt voor extra dynamiek. Altin Gün gaat voorop in de herinterpretatie van de Turkse folk. In de zomer staat een uitgebreide Amerikaanse tour gepland. Leendert van der Valk

  • ●●●●

    Lahav Shani, Renaud Capuçon & Kian Soltani: Tjaikovski & Dvorák - Piano Trio’s

    Lahav Shani, Renaud Capuçon & Kian SoltaniKlassiek: De Israëliër Lahav Shani ontpopt zich als alleswiller en alleskunner. Hij dirigeert, componeert, speelt contrabas in het West-Eastern Divan Orchestra, maar hij belijdt ook en vooral achter de piano zijn liefde voor kamermuziek. Zoals vorig jaar Pasen in Aix-en-Provence met de Franse violist Renaud Capuçon en de Oostenrijkse cellist Kian Soltani. De twee meesterwerken die het drietal daar vertolkte, werden geboren uit verlies: de Rus Tsjaikovski schreef zijn enige pianotrio ter nagedachtenis aan pianist Nikolai Rubinstein en Dvorák zat middenin het rouwproces om zijn moeder, toen hij de pen greep voor zijn Derde Pianotrio. De hartstocht van de muziek gloeit door het hier en nu van de live-opname: geen perfectionistisch gepolijst achter de montagetafel, maar de intensiteit van het moment. De musici geven zich over aan alle fasen van rouw die in de muziek besloten liggen. En Shani’s eenzame slotakkoord bij Tsjaikovski resoneert nog lang na. Joost Galema

  • ●●●●●

    Matthias Goerne & Leif Ove Andsnes: Schumann: Liederkreis Op. 24 & Kernerlieder, Op. 35

    Matthias Goerne & Leif Ove AndsnesKlassiek: Het is een beroemd verhaal: Schumann, dertig jaar oud, was smoorverliefd op Clara, de dochter van zijn pianoleraar. Maar haar vader verbood hun huwelijk. In een staat van waanzinnig smachten componeerde Schumann in een jaar tijd zo’n 150 liederen. Bas-bariton Matthias Goerne (‘de beste liedzanger van zijn generatie’ volgens NRC ) heeft zijn Schumann-discografie nu uitgebreid met een opname van de liefdescycli Liederkreis, Op. 24 en Kernerlieder, Op. 35. Goerne wordt bijgestaan door sterpianist Leif Ove Andsnes, die excelleert als invoelend begeleider én in Schumanns talrijke poëtische pianosolootjes. Goernes stem is van een uitzonderlijke, bronzen schoonheid, maar het is zijn interpretatie die deze cd zo bijzonder maakt. Vergelijk zijn opname uit 1999 van opus 35, ‘Stirb, Lieb’ und Freud’: prachtig, maar ook wat nadrukkelijk. De rijpe Goerne is eenvoudiger, gedurfder, en zijn pianissimo, zijn serene falset, grijpen je stevig bij de keel. Joep Stapel

  • ●●●●

    Inter Arma: Sulphur English

    Inter ArmaMetal: Wat zit er toch in het water in Richmond, Virginia? Naast grootheden Lamb of God en Gwar, kwamen er de laatste jaren frisse bands als Municipal Waste, Windhand, Iron Reagan en Bat op. Wat het ook is, ook Inter Arma drinkt er graag van. Dat kwintet speelt, net als veel Richmond-bands, graag over de grenzen van genres. Inter Arma maakt een intense mix van stroperige sludge à la Neurosis, loeizware death metal en lome americana. Daarmee is het lastig jongleren, en Inter Arma blijft op dit vierde album experimenteren met de dosis. Zo is het geluid op Sulphur English nog iets looiïger dan voorheen. Daarentegen neemt de band alle tijd om songs op te bouwen. Zoals het prachtige ‘Stillness’, waarin stoffige blues heel langzaam in drijfzand wegzakt. „Enchanted by the fires burning within” echoot Mike Paparo vanuit de verte, voordat het in negen minuten met aanzwellende trommels en rondzingende gitaren echt ontvlamt. Inter Arma op hun best. Peter van der Ploeg

  • ●●●●●

    Bun B & Statik Selektah: TrillStatik

    Bun B & Statik SelektahHiphop: Elf uur en veertig minuten. Zo lang deden de legendarische rapper Bun B uit Houston en de New Yorkse producer Statik Selektah erover om hun gezamenlijke album op te nemen. De hele wereld kon op 17 april van begin tot eind het hele proces in de studio live meekijken. Het resultaat is TrillStatik, tien tracks met een heerlijk jaren-90-sfeertje en waarop ook een aantal mede-veteranen (Method Man, Lil Fame) meedoen. Maar Bun B deelt de microfoon ook met nieuwere namen; Meechy Darko en Westside Gunn bijvoorbeeld. Zo lijkt het album een rijm-estafette, waarbij de microfoon dient als het stokje dat wordt overgedragen. Bun B treedt daarbij op als coach die zelf regelmatig wordt uitgedaagd om zijn oude trukendoos te openen. Elk couplet brult hij met evenveel honger als twintig jaar terug. Het muzikale wiel wordt nergens opnieuw uitgevonden, maar de beleving eromheen zorgt misschien wel voor een nieuw ijkpunt binnen de hiphop. Bowie van Loon