Zijn branie maakt de zeges nog mooier

Mathieu van der Poel Mathieu van der Poel won op onnavolgbare wijze de Amstel Gold Race. Het was zijn vijfde zege op de weg dit ‘wondervoorjaar’.

Mathieu van der Poel wint met een eindsprint de Amstel Gold Race.
Mathieu van der Poel wint met een eindsprint de Amstel Gold Race. Foto Yorick Jansens/Belga

Wie kan wielrenner Mathieu van der Poel beter typeren dan zijn vader? „Wat een mafkees”, roept Adrie van der Poel voor de camera van de NOS, direct nadat zijn zoon zondag op onnavolgbare wijze de Amstel Gold Race heeft gewonnen. Vanuit ogenschijnlijk geslagen positie alsnog de koplopers achterhalen en de eindsprint winnen, hoe is het mogelijk? „Als hij de finish ruikt, groeit hij boven zichzelf uit.” Zo eenvoudig is dat voor supertalent ‘MvdP’.

Interessant experiment leek het, toen Van der Poel (24) half december aankondigde dit voorjaar voor het eerst te starten in een aantal voorjaarsklassiekers op de weg. Zou hij vooraan kunnen meedoen na een zwaar winterseizoen waarin hij als veldrijder 32 van de 34 wedstrijden won waaraan hij meedeed, inclusief de wereldtitel? „Ongelofelijk”, roept Van der Poel steeds opnieuw na zijn overwinning in de Amstel Gold Race, die zijn vader won in 1990. Maar hoe ongelofelijk is het nog, na alles wat hij dit voorjaar al presteerde? In acht weken tijd laat hij de internationale wielerwereld in verbijstering achter. Terugblik op een ‘wondervoorjaar’.

21 februari, Antalya

Vier dagen na de laatste van zijn 32 zeges in het veld sprint Van der Poel naar winst in de eerste rit van de Ronde van Antalya. Omschakelen van crossfiets naar wegfiets en dan weer naar mountainbike, het kost hem geen moeite. Leuk juist, elke keer een ander spelletje. En winnen op de weg is ook niets nieuws. Vorig jaar maakte hij tot in het buitenland grote indruk met de manier waarop hij naar de nationale titel sprintte. ‘Van de klasse Sagan’, klonk het. Zo’n sprintje winnen in de Ronde van Antalya, leuk, maar wat zou het?

20 maart, Nokere

‘Matje’ rijdt voor het eerst op de Vlaamse kasseien tussen de profs, de eendagswedstrijd Nokere Koerse krijgt er zowaar enig cachet door. Begin maart heeft ploegarts Guy De Schutter op trainingskamp in het Spaanse Benicassim weer onvoorstelbare waarden gemeten. Maximale zuurstofopname (VO2-max) van 86 bij een gewicht van 75 kilogram, beter dan Lance Armstrong. Een belangrijke sleutel om de kas te kraken in het veld, op de mountainbike of op de weg. Maar bij de kasseien komt meer kijken. Chaos in de eindsprint, valpartij en MvdP ligt erbij. Met de ambulance naar het ziekenhuis, maar gelukkig ‘zonder erg’. En de volgende dag gewoon op verkenning voor de Ronde van Vlaanderen.

24 maart, Denain

Schaafwonden en kneuzingen staan een demonstratie van machtsvertoon niet in de weg. Op de Noord-Franse kasseien rijdt Van der Poel iedereen uit het wiel en wint solo in de GP Denain. Met speels gemak, zo lijkt het. „Hij heeft gewoon plezier in fietsen”, zegt ploegleider Michel Cornelisse na de Gold Race. Niet te veel vooropgezette plannen, koersen op instinct. En bij zijn kleine Belgische ploeg Corendon-Circus krijgt de kopman alle ruimte. Al sinds zijn zestiende werkt hij met hetzelfde management van de broers Philip en Christoph Roodhooft, die de ploeg rond hem laten meegroeien. Hij ligt tot 2023 vast en wordt vorstelijk beloond. In het veldrijden alleen al lopen de verdiensten op tot boven de miljoen euro per jaar. Hij is het waard, vindt zijn ploeg. „Met zo’n supertalent gaat de rest van de ploeg ook een stuk beter rijden”, weet oud-prof Cornelisse.

31 maart, Wevelgem

Vierde in de eindsprint van Gent-Wevelgem, zijn allereerste koers op het hoogste niveau van de UCI Worldtour. Wereldprestatie volgens de kenners, die nog niet weten wat de weken erna zal volgen. Van der Poel slaagt voor alle aspecten van een voorjaarskoers: waaierrijden, wringen voor de lastige stroken, sprintjes op de kasseiklimmetjes. Is 251 kilometer niet te lang voor hem, als veldrijder getraind op kort en intensief werk en minder op uithoudingsvermogen? „De intensiteit van de cross gaat hem juist helpen om nog die flits te hebben aan het einde van de koers”, zegt veldritlegende Sven Nys voor de Vlaamse tv. De gevestigde orde in het wegwielrennen zweert bij duurtrainingen en hoogtestages. Van der Poel spot met die wetten. „Trainen wij wel op de juiste manier?”, vraagt Tom Dumoulin zich af vlak voor de Amstel Gold Race, waaraan hij vanwege een hoogtestage niet meedoet.

3 april, Waregem

Een demarrage op 63 kilometer voor de finish op de Knokteberg. Spel met achterhaalde koplopers en teruggekomen toprenners als Bob Jungels. Nooit schuwt Van der Poel in de kopgroep het werk, om het in de eindsprint af te maken. Als toegift een ‘champagnegevecht’ met Jungels op het podium. Wielerminnend Vlaanderen geniet en zet ‘het fenomeen MvdP’, die woont in het Belgische Kappelen, op een voetstuk. Een zegen voor La Settimana Santa, de heilige Vlaamse wielerweek, zo’n nieuwe kampioen. „Van der Poel heeft alles in zich om de grootste renner van zijn generatie te worden”, looft Yvan Vanmol, de ervaren ploegarts van Deceuninck-Quickstep, in Het Nieuwsblad. „Veel renners die nu 26 of 27 jaar zijn, zullen gedacht hebben dat dit hun jaren zouden worden. Maar ze gaan door Van der Poel veel overwinningen door hun handen zien glippen.”

7 april, Oudenaarde

„Sleutelbeen”, zegt Adrie van der Poel tegen de verslaggever van NRC als hij in de volgauto op de iPad ziet dat Mathieu in de finale van de Ronde van Vlaanderen over zijn stuur klapt en op het asfalt blijft liggen. „Koers is gedaan.” Zo beschrijft de winnaar van de Ronde in 1986 wat iedere kijker denkt. Maar zijn zoon kan wat niemand kan. Terugkeren aan kop, vooraan rijden over Kwaremont en Paterberg en nog vierde worden in de eindsprint ook. Pa geeft bidons aan en moedigt aan. Niemand trainde vroeger harder dan Adrie van der Poel, niemand was meer bezeten van het vak. Zijn zoon een fenomeen? Daar kan hij niets mee. „Het enige waar Matje zich de komende tien jaar druk om moet maken, is hard trappen. Daar wordt hij voor betaald.”

17 april, Overijse

Parijs-Roubaix slaat Van der Poel over. „Ik wil nog wat te ontdekken hebben”, zei hij in december al. In de Brabantse Pijl schrijft hij verder aan zijn mythe. Liefde voor de fiets en wielrennen? Onbevangen rijden op instinct? Het is allemaal mooi, zegt voormalig klassiekerkoning Johan Museeuw bij de start in Leuven. Maar verwar het niet met vrijblijvendheid. „Dit zijn speciale mannen”, zegt hij. „Ze staan op en gaan slapen met hun doel. Alles wat daarbij komt, moet wijken.” Alweer bereikt MvdP zijn doel. Vroeg in de aanval, actief in de kopgroep en ‘gewoon’ de sprint van kop af winnen tegen Julian Alaphilippe en Tim Wellens. „De lef en de branie waarmee hij wint maakt het nog zoveel mooier”, zegt manager Philip Roodhooft.

21 april, Zuid-Limburg

Voorafgaand aan de Amstel Gold Race, zijn laatste wegwedstrijd van dit voorjaar, is er maar één favoriet. „God help us all”, twittert de Belgische renner Oliver Naessen in de aanloop ‘wanhopig’. „Mijn oma zei: doet Van der Poel mee, dan is het voor de tweede plaats”, grapt zijn collega Wellens. Het rood-wit-blauw met witte broek trekt vroeg ten aanval, maar er volgt een counter van Alaphilippe en Jakob Fuglsang. Veertig seconden ligt het groepje-Van der Poel achter, met nog slechts twee kilometer te gaan. Kansloos. Tot ze voorin naar elkaar gaan kijken en de topfavoriet van achteruit nog één keer onnavolgbaar aanzet. Van der Poel wint achttien jaar na Erik Dekker als eerste Nederlander de koers die zijn vader in 1990 won. „Dit is de afsluiting van het wegseizoen”, zegt ploegleider Cornelisse. „We hoeven vanavond niet op de klok te kijken.”

Over vijf weken wacht Van der Poel de eerste wereldbekerwedstrijd op de mountainbike. Zijn eerste grote doel op de weg? Van der Poel spreekt het niet uit. Maar het WK-parcours in het Engelse Yorkshire, in september, is hem op het lijf geschreven.