De dood is overal in Katuwapitya

Rouw Na de bloedige aanslag in Sri Lanka hebben nabestaanden in de katholieke wijk alleen aandacht voor hun doden.

Het terrein van de Sint-Sebastiaankerk is dinsdag veranderd in een zwaarbewaakt fort voor een massabegrafenis.
Het terrein van de Sint-Sebastiaankerk is dinsdag veranderd in een zwaarbewaakt fort voor een massabegrafenis. Foto’s Thomas Peter/Reuters

Smartelijke kreten vullen de kleine binnentuin waar tientallen mensen zich onder partytenten hebben verzameld. Ondersteund door familieleden sleept een vrouw met dik verband om haar hoofd zich naar de ingang van haar huis. Bij de drempel zakt ze luid huilend in elkaar. Daar, op een bed met witte lakens, ligt haar dochter opgebaard. Met ernaast nog twee kisten. Een voor haar zoon, een voor haar man.

De kreten zijn dinsdag nooit ver weg in Katuwapitya, een overwegend katholieke wijk in de Sri Lankese kuststad Negombo. Ze klinken uit huizen en tuinen waar witte vlaggen en posters met rouwteksten het verdriet markeren dat zich binnen afspeelt. Maar vooral klinken ze bij de Sint-Sebastiaankerk, waar kapotte glas-in-lood ramen en met bloed besmeurde kerkbanken herinneren aan het drama dat zich hier zondagochtend afspeelde.

Terwijl honderden gelovigen zich binnen hadden verzameld voor de Paasdienst, blies een zelfmoordterrorist zich op. De aanslag op Sint-Sebastiaankerk was veruit de bloedigste in een gecoördineerde reeks explosies die kort na elkaar een drietal kerken en eenzelfde aantal luxehotels op het eiland trof. Volgens de laatste officiële cijfers van dinsdag kwamen daarbij 359 mensen om, van wie meer dan honderd binnen de muren van de Sint-Sebastiaankerk.

Het terrein is dinsdag veranderd in een zwaarbewaakt fort voor de massabegrafenis die binnen de kerkpoorten plaatsvindt. Eén voor één worden de kisten naar binnen gedragen, het gesnik van familieleden slechts overstemd door het klik-klik-klik van talloze camera’s. Achterin, in de schaduw van een overhangende boom, breekt de stem van Nimali Sowis (40). Zoveel mensen, stamelt ze. „Het zijn er zoveel.”

Nabestaanden en priesters tillen een kist naar de kerk. Foto Jewel Samad/AFP

Half bewusteloos

Sowis, een kleine vrouw met krullende haren en glitters op haar slippers, trof haar 79-jarige vader zondagochtend half bewusteloos tussen de dodelijke slachtoffers aan. Een brokstuk, waarschijnlijk afkomstig van het dak, trof hem op het hoofd. „Het gaat nu goed met hem”, zegt Sowis, terwijl haar ogen zich met tranen vullen. Maar slapen lukt haar niet meer. „Elke keer als ik mijn ogen sluit, zie ik hem daar weer liggen.”

De dood is overal in de wijk Katuwapitya. De één is zijn beste vriend verloren, de ander haar buurvrouw en haar drie kinderen, weer iemand anders het echtpaar van een paar deuren verderop. Op enkele honderden meters van de Sint-Sebastiaan zijn graafmachines druk in de weer om een veld om te ploegen tot een nieuwe begraafplaats.

De eerste kisten liggen er al bedolven onder een hoop zand, voorzien van kleurige kransen en kruisen met daarop een nummer. Een, twee, drie tot en met vijftien. Tegen een muur staat de volgende reeks klaar voor de kisten die later op de middag zullen volgen. Uiteindelijk komen hier zo’n zeventig doden te liggen, zegt priester Nirosha Perera, die in de bloedhete middagzon de werkzaamheden overziet.

Lees ook: Een nieuwe gapende wond voor Sri Lanka

Naast graafmachines hebben de lokale autoriteiten daarvoor ook een klein leger aan gemeentewerkers ingezet. In verschoten polo’s en op teenslippers zijn die druk met schoppen in de weer. Het is niet bepaald hetzelfde als straten aanleggen wat hij normaal doet, zegt de 40-jarige Lasantha Wickramasinghe droogjes. „Maar iemand moet het doen.”

Zo werden Wickramasinghe en zijn collega’s vijftien jaar geleden ook ingezet toen het eiland werd getroffen door een allesverwoestende tsunami. Meer dan 30.000 Sri Lankezen kwamen toen om. Ook afgelopen zondag werden de mannen naar de kerk geroepen om voor omgerekend vijf euro per dag de brokstukken op te ruimen en lichaamsresten van de muren te verwijderen. Vanavond, als de laatste kist begraven is, mogen ze terug.

Veiligheidsoverwegingen

Het is nog onduidelijk wanneer de Sint-Sebastiaankerk haar deuren weer kan openen. Uit veiligheidsoverwegingen zijn ook kerkdiensten elders op het eiland voorlopig geschrapt. „In ieder geval tot de regering zegt dat het weer veilig is”, zegt priester Lal Pushpadewa Fernando, woordvoerder van de Katholieke Kerk op het eiland. Tot die tijd houden zwaarbewapende militairen voor ieder gebedshuis de wacht.

De aanslag op de kerk was de bloedigste in een reeks explosies: er kwamen 105 mensen om. Foto Thomas Peter/Reuters

De angst zit er na de aanslagen diep in bij de katholieke gemeenschap, die met zo’n 6 procent een kleine minderheid vormt. Sinds de burgeroorlog, die in 2009 na bijna dertig jaar ten einde kwam en waarin zelfmoordaanslagen normaal waren, vond er op Sri Lanka niet meer zo’n bloedbad plaats.

En ondanks een geschiedenis van etnisch geweld tussen de verschillende bevolkingsgroepen, waren katholieken niet eerder zo specifiek het doelwit.

Bij het waarom willen de meeste mensen in Katuwapitya liever niet stilstaan. „Wat heeft dat voor zin”, zegt de 18-jarige Chamodhi Gad. „Iedereen is toch al dood.” Vanaf een plastic stoel kijkt de scholiere toe hoe nonnen, buren, journalisten en familieleden de woonkamer van haar oom proberen binnen te dringen. Veel ruimte is er niet. Die wordt ingenomen door de opgebaarde lichamen van haar tante, twee nichtjes en een neefje.

Lees ook: Sri Lanka blokkeert sociale media wegens desinformatie en haatberichten

Boos op de regering

Als ze op iemand boos is, zegt Gad, is het op de regering. „Waarom hebben ze ons niet gewaarschuwd?” Het is een vraag die veel Sri Lankezen bezighoudt sinds bekend werd dat de autoriteiten waren gewaarschuwd voor een ophanden zijnde aanslag. In een brief aan de veiligheidsdiensten meldde een hoge politiefunctionaris tien dagen voor de explosies dat radicale islamisten van plan waren kerken op het eiland aan te vallen.

Het is niet duidelijk waarom met die informatie niets is gedaan. Behalve dan dat de gebrouilleerde relatie tussen de premier en de president van het eiland niet heeft geholpen. De twee zijn verwikkeld in een felle machtsstrijd. Daardoor is van een normaal functionerende regering amper sprake.

„Ze hadden ons kunnen beschermen”, zegt Gad. „In plaats daarvan zijn complete families uit elkaar gerukt.”

In een huis pal naast de kerk staart Rupasely Kumare (33) voor zich uit. Haar stem, die eerder die ochtend tijdens de dienst door merg en been ging, klinkt nu gebroken. Ze stond naast haar man toen de bom afging, zegt ze zachtjes. Hij had haar hand vast, zoals altijd. En opeens was er die explosie. Zelf bleef ze ongedeerd. Maar een bomscherf boorde zich in het hoofd van haar man. In de ambulance naar het ziekenhuis liet Kumare zijn hand niet los. Tot ze wel moest.

De spelling van Katuwapitya is woensdagochtend aangepast en het actuele dodental is toegevoegd.