Alles kwijt, voor een paar honderd euro

Wie: Adisa (34)

Kwestie: Drugs geprobeerd de gevangenis in te smokkelen

Waar: Rechtbank Amsterdam

De Zitting

Hij heeft beide kanten van de gevangenisdeur gezien, zegt Adisa (34). Hij sloot mensen op en hij heeft zelf vastgezeten. Acht jaar lang werkte hij voor justitie, eerst als beveiliger, later als werkmeester in de Penitentiaire Inrichting Zaanstad. Daar ging het mis, volgens hem nadat hij ging werken op de top 600-afdeling, waar veelplegers uit Amsterdam worden vastgezet. Hij zou er zijn bezweken onder de hoge werkdruk, de negativiteit en de stress die hij daarvan kreeg. „Niemand wil daar werken.” Hij deed het wel, omdat hij alleen dan van beveiliger kon promoveren tot werkmeester.

Op 28 juli werd bij controle een stukje hasj in zijn onderbroek gevonden. Bij doorzoeking van zijn auto werd meer hasj gevonden en een telefoon. Adisa heeft toegegeven dat die telefoon door een gedetineerde in de gevangenis ‘besteld’ was. Hij was van een merk dat weinig metaal gebruikt in zijn toestellen, in de hoop dat het detectiepoortje niet zou gaan piepen.

Het was niet toevallig dat Adisa die dag gecontroleerd werd. De gedetineerde die de telefoon besteld had, zat ‘onder de tap’. En hij vertelde in een telefoongesprek dat ‘een bewaarder uit Amstelveen’ iets voor hem naar binnen zou brengen. Adisa had de telefoon opgehaald bij de vriendin van de gedetineerde. Deze vrouw (inmiddels veroordeeld tot een werkstraf) had een foto van zichzelf op de gsm gezet, bestemd voor haar vriend. Hij is een zware jongen, veroordeeld tot 8 jaar en tbs voor een steekpartij met dodelijk gevolg in Amsterdam Zuidoost.

Adisa is direct ontslagen maar hij is „veel meer” kwijtgeraakt dan zijn baan, vertelt hij de rechters. Hij had veel opgebouwd bij justitie („Ik was zelfs deel van het interne bijstandsteam”) en was bevriend met collega’s. Maar na zijn aanhouding reageerden ze op zijn appjes met de mededeling dat ze geen contact meer wilden. Een baan vinden is nog niet gelukt „omdat ik bij sollicitaties eerlijk zeg dat ik geen vog ga krijgen”. Zo’n verklaring omtrent het gedrag wordt als voorwaarde gesteld om bijvoorbeeld met kinderen te kunnen werken, als beveiliger of taxichauffeur.

Misschien, oppert één van de drie rechters, is het handiger om in andere branches te gaan solliciteren als je weet dat je geen vog krijgt.

Adisa had een blanco strafblad. Als werkmeester verdiende hij naar eigen zeggen ongeveer 2.200 euro netto. Voor het smokkelen van hasj kreeg hij honderd tot driehonderd euro. Hoe vaak hij heeft gesmokkeld wordt op de zitting niet helemaal duidelijk. Het was in ieder geval niet de eerste keer, heeft hij toegegeven. In een groepsapp postte hij een berichtje: „Jullie weten waar ik werk hè, en dat ik soms dingen meeneem naar binnen.” 

Overigens zegt zijn advocaat, W. Jebbink, dat deze en andere berichten niet gebruikt mogen worden voor het bewijs, omdat ze onrechtmatig verkregen zijn. Het OM heeft een gsm van Adisa pas laten doorlichten nadat de rechter beslist had dat deze moest worden teruggegeven aan de verdachte. De rechtbank gaat hierin mee en sluit dit uit voor het bewijs.

In zijn pleidooi zegt de officier iets wat geen enkele verdachte wil horen. Dat justitie „een signaal wil afgeven”. Een milde strafeis wordt daarmee zo goed als uitgesloten. Dit soort „ondermijnende activiteiten” brengt „enorme schade toe” aan een „integer systeem”. „Sommige PI’s lijken zo lek als een mandje”, concludeert de officier, die natuurlijk ook de foto’s van feestende en blowende gedetineerden in de krant heeft gezien. Hij eist twaalf maanden detentie, waarvan de helft voorwaardelijk.

Adisa krijgt de straf die tegen hem is geëist. Twaalf maanden waarvan zes voorwaardelijk. Hoewel enkele whatsappgesprekken worden uitgesloten van het bewijs omdat sprake is van „onherstelbaar vormverzuim” blijft volgens de rechtbank voldoende over om aan te nemen dat hij giften heeft aangenomen waarvan hij wist dat die bedoeld waren hem aan te zetten tot smokkel. Voor enkele honderden euro’s is hij alles kwijtgeraakt.

Adisa gaat in beroep.