Vluchteling uit Bahrein sleept Nederland voor Europese rechter

Mensenrechten-hof Een vluchteling werd door Nederland uitgezet naar Bahrein en kreeg daar levenslang. Nu stapt hij naar de Europese rechter.

Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens in Straatsburg.
Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens in Straatsburg. Foto Lex van Lieshout / ANP

Ali Mohammed al-Showaikh, de asielzoeker die eind oktober door Nederland werd uitgezet en vier maanden later in Bahrein tot levenslang werd veroordeeld, heeft vrijdag een klacht ingediend bij het Europees Hof voor de Rechten van de Mens. De 27-jarige Bahreini wil Nederland ervoor aansprakelijk stellen dat hij werd teruggestuurd naar een land waar hij volgens mensenrechtenorganisaties slachtoffer is geworden van een politiek schijnproces. Al-Showaikh hoopt dat het Hof Nederland zal manen diplomatieke middelen in te zetten om hem terug te halen.

Het is volgens VluchtelingenWerk de eerste keer dat een asielzoeker na uitzetting uit Nederland een klacht indient bij het Europees Hof omdat hij bij terugkeer is behandeld zoals hij tijdens zijn asielaanvraag vreesde. Al-Showaikh kreeg niet alleen levenslang, maar werd ook gemarteld en verloor zijn nationaliteit. Voorzover bekend had een Nederlandse uitzetting niet eerder zulk ingrijpende gevolgen.

Lees ook: ‘Uitgezette asielzoeker kreeg levenslang in Bahrein’

Volgens Flip Schüller, de Nederlandse advocaat die namens Al-Showaikh de klacht heeft ingediend bij het Hof, had de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) kunnen voorzien dat Al-Showaikh risico liep op politieke vervolging. Al-Showaikh – zo bleek in maart uit onderzoek van NRC – had tijdens zijn asielverhoren ingebracht dat hij vreesde voor zogeheten ‘bloedwraak’ door de Bahreinse autoriteiten vanwege het politiek activisme van zijn broer. Die was gevlucht naar Duitsland en had daar asiel gekregen. De IND erkende de familieband tussen de twee, maar verwachtte niet dat het activisme van de een gevolgen zou hebben voor de ander. Mensenrechtenorganisaties hadden echter al voor Al-Showaikhs asielaanvraag gewaarschuwd dat Bahrein soms familie straft als dissidenten zich buiten bereik van de autoriteiten bevinden.

Ook droeg Al-Showaikh vier dagen voor zijn uitzetting nog nieuw bewijs aan: een getuigenverklaring ten overstaan van het Bahreins Openbaar Ministerie. Een activist had Al-Showaikh genoemd als medelid van een oppositiegroep. Voldoende voor een fikse gevangenisstraf in het repressieve Golfstaatje, aldus Schüller. De IND onderzocht het niet omdat de documenten „geen originelen en in het Arabisch” waren. Uit verslagen in handen van NRC blijkt dat Al-Showaikh tevergeefs vroeg om een week extra tijd om het origineel te bemachtigen. Bovendien was bij het last minute IND-verhoor een tolk aanwezig die had kunnen controleren of klopte wat Al-Showaikh beweerde over de inhoud van de stukken.

Nog nooit legde het Europees Hof een land op om een uitgezette asielzoeker terug te halen. Dat wil niet zeggen dat Al-Showaikh geen kans maakt, zegt universitair docent internationaal recht Maarten den Heijer (Universiteit van Amsterdam). Er is jurisprudentie: in februari 2013 haalde de IND een bekeerling, die een jaar eerder door Nederland was uitgezet, terug uit Afghanistan nadat de Raad van State zijn hoger beroep gegrond verklaarde. De man kreeg bij terugkeer asiel.

Extra matrassen

Wat volgens Den Heijer ook kan , is dat het Hof Nederland oproept zich hard te maken voor een goede behandeling van Al-Showaikh . Momenteel zit hij met zestien anderen op een kamer bedoeld voor acht. Al-Showaikh vertelt aan de telefoon hoe ze ’s nachts extra matrassen tussen de stapelbedden schuiven om voor iedereen slaapplekken te creëren. Hard geschreeuw klinkt constant op de achtergrond. „Ze laten ons nauwelijks uit de cellen, dus als de gevangenen met elkaar willen praten, moeten ze schreeuwen.” Bewakers zien ze nauwelijks. „Alleen als ze de deuren openen, elke dag een uurtje”, zegt Al-Showaikh. Medische hulp is er niet.

Gevraagd of hij denkt dat een uitspraak van het Hof effect zal hebben, zucht hij. „Ze zijn hier alleen uit op wraak. Ze hebben me gemarteld, ik denk niet dat ze me laten gaan.”

De IND zegt in een reactie „nooit in te gaan op individuele casuïstiek”.