Dancefestival DGTL probeert zo ecologisch mogelijk te zijn

Duurzaam festival Geen diesel, alleen vegetarisch eten, en de plastic drinkbekers vervangen door harde – en dus afwasbare – bekers. „Wat wij doen is over een paar jaar normaal.”

Verbeter de wereld, begin bij de dans. Wie dit weekend staat te dansen op DGTL, het festival dat zich voor de zevende keer afspeelt op het NDSM-terrein aan het IJ, betaalt zijn consumpties niet langer met plastic munten. „Wij besparen plastic voor heel veel munten die je maar één keer kunt gebruiken. Mede daarom is het dit jaar pinnen aan de bar”, zegt Tom Veldhuis, een van de eigenaren van Apenkooi, een organisator van festivals uit Amsterdam.

Apenkooi Events staat bekend om populaire dancefestivals waar jaarlijks vierhonderdduizend bezoekers op af komen. Maar óók om het milieuvriendelijke karakter van die festivals. Veldhuis: „We willen een voorbeeld zijn. Mensen inspireren. En voorop lopen, bij een verandering die de wereld hoe dan ook gaat doormaken.”

Mede-eigenaar Jasper Goossen: „Wat we niet willen uitstralen, is dat de bezoekers alleen maar lekker duurzaam bezig zijn. Nee, de ervaring op het festival moet dezelfde zijn als altijd, met dezelfde kwaliteit van leven. .”

DGTL (spreek uit: digital) wordt dit jaar voor de zevende keer georganiseerd. De eerste jaren waren wel succesvol, maar nog niet zo ecologisch verantwoord. Veldhuis: „De eerste jaren waren hartstikke leuk, maar we kwamen onszelf wel tegen. Als je zag hoe veel afval na een weekend achter de hekken lag, dan ging je wel nadenken. Diesel. Voedsel. Papier. Plastic.”

Minimum

Inmiddels hebben ze op alle festivals maatregelen genomen. Goossen: „Die beschouwen we als ons minimum. Overal haalbaar.” Zo wordt er geen diesel gebruikt voor de stroom op de podia, maar batterijen met groene stroom van het vaste net. Verder is vegetarisch eten de norm. Veldhuis: „Dat is in Nederland niet zo moeilijk. Er zijn genoeg mogelijkheden om heerlijk voedsel zonder vlees te serveren. In het buitenland ligt dat moeilijker. In landen als Brazilië en Chili wordt standaard veel vlees gegeten. Je moet bezoekers daar overhalen tot vegetarische hamburgers.” Dat lukt wel. „Vooral als ze honger hebben”, lacht Veldhuis, die zelf „flextariër” is. Ook zijn op alle festivals van Apenkooi plastic wegwerpbekers vervangen door harde bekers, die worden gewassen. Veldhuis: „Dat leidt echt tot veel besparing. Mensen scheiden hun plastic afval thuis ook wel, maar lang niet al dat plastic kan opnieuw worden gebruikt.”

Volgend jaar willen de organisatoren volledig circulair zijn, en in de toekomst ook emissieloos opereren. „Dat gaat ons lukken”, zegt Veldhuis. Er zijn nog wel enkele hordes te nemen. „Lastig” is leveranciers en sponsors zo ver te krijgen dat ze alleen materialen gebruiken die ze later niet weggooien. En: leveranciers, artiesten en bezoekers zonder emissies naar het festival te laten reizen.

Er wordt gewerkt aan een programma om verschillende vrachten samen te laten reizen, in één vrachtwagen bijvoorbeeld. Artiesten worden dit jaar ondergebracht in een energieneutraal hotel, en elektrisch vervoerd naar het festival. Bezoekers krijgen bij het kopen van tickets via de website inzicht in wat hun eigen reis naar het festival kost aan emissies. Goossen: „Mensen vinden het al interessant om te weten hoeveel CO2 ze verbruiken als ze van Parijs of Den Bosch naar hier komen. Maar volgend jaar gaan we misschien een stapje verder. We zouden de compensatie voor die emissies in de prijs van de tickets kunnen verwerken.”

Een festival als DGTL heeft kortom een superduurzame basis, maar is ook een „showcase” voor innovaties. Zo worden de ingrediënten voor het festivalvoedsel zo veel mogelijk betrokken uit reststromen van supermarkten, bijvoorbeeld van producten die net over de houdbaarheidsdatum zijn – rescued food. Ook is er geëxperimenteerd met het hergebruik van stoffen uit urine, zoals fosfaten, en de winning van drinkwater daaruit. Helaas kreeg dit experiment niet de goedkeuring van de Nederlandse Voedsel- en Waren Autoriteit.

Eigen adem

Dit jaar zijn er ook geen ecocoins meer; door duurzaam gedrag zoals met je eigen adem algen laten groeien of mee te bouwen aan een duurzaam kunstwerk, kon je een festivalkaartje terugverdienen, een gratis biertje scoren of als very ecological person een geheim podium betreden. Goossen: „Het was een gimmick. Het was leuk om zoiets te proberen. We doen het nu niet meer, omdat we hebben gemerkt dat het uitgangspunt, namelijk je gedrag veranderen, meer tijd vergt dan één festival.”

De mannen van Apenkooi willen vooral niet de indruk wekken dat de bezoekers van hun festival ecologische freaks zijn. „Het gaat natuurlijk om de muziek”, zeggen ze.

Maar ze zijn er wel van overtuigd dat andere festivals binnenkort hun voorbeeld volgen. Net als andere grote evenementen. Veldhuis: „Als je ziet wat een evenement als de marathon in een grote stad voor afval oplevert, dan kan het niet anders dan dat gemeenten gaan zeggen: dit kan niet meer.”