‘Huisgenoot P.’ maakte krant levendiger, nog niet digitaler

Profiel Philippe Remarque stopt als hoofdredacteur van dagblad de Volkskrant. Hij maakte de krant toegankelijker, maar kon slechts langzaam digitaal vernieuwen.

Foto Robin van Lonkhuijsen/ANP Xtra

„Het is best leuk om een baan met aanzien te hebben. Nu ga ik meer de anonimiteit in”, zegt Philippe Remarque. De hoofdredacteur van de Volkskrant maakte donderdag zijn vertrek bekend. Hij wordt directeur journalistiek van uitgeverij de Persgroep en uitgever van de Volkskrant, Trouw en Het Parool. Volgens Remarque wil de Persgroep graag een journalist in de directie.

Toen Remarque in 2010 begon als hoofdredacteur, werkte hij weliswaar al dertien jaar voor de Volkskrant, maar altijd op buitenposities, als correspondent. Hij was een relatieve buitenstaander, die bovendien nog nooit leiding had gegeven. „Voor ik begon, heb ik met topman Christian Van Thillo gebeld. Die zei: ‘Ik was 27 toen ik het bedrijf erfde. Gewoon goede ideeën hebben, de rest leer je wel in de praktijk’.” Toch moest Remarque wennen aan zijn nieuwe rol. Uitvallen tegen collega’s hebben nu eenmaal een andere lading als je de baas bent. In Elsevier zei hij in 2016: „Ik was verbaal een harde jongen. Een flapuit en scherp. Als je leider bent, wegen je woorden zwaarder, omdat die gevolgen kunnen hebben voor een ander. Er ontstaat afstand.”

Ik was verbaal een harde jongen. Een flapuit en scherp.

Net als andere hoofdredacteuren kreeg Remarque in de negen jaar dat hij de Volkskrant leidde, te maken met een krimpende markt, de omslag naar digitalisering mét behoud van omzet. En de vraag: hoe om te gaan met het opkomend rechts-populisme. Deels was het een gespreid bed: zijn voorganger Pieter Broertjes had al gesaneerd, de omslag gemaakt naar tabloid, en ook al redelijk afscheid genomen van het linkse ‘zure’ imago.

In zijn nieuwe functie wordt Remarque hoofdverantwoordelijke voor de online uitingen van de Persgroepkranten. Hij moet zorgen voor meer omzet op dit terrein. „We hebben wat in te halen, we hebben te lang gedraald. De digitale tak was niet goed georganiseerd.” Het frustreerde hem dat hij daar eerder, als hoofdredacteur, niet meer greep op had.

Linkse pluis

Remarque (Rozendaal, 1966) groeide op in een Haarlems vrijzinnig milieu. Zijn vader werkte bij de Haagse Post en was later reclamedirecteur bij C&A. Als puber was hij „een linkse pluis”. Hij studeerde Ruslandkunde in Amsterdam en was praeses van het corpsdispuut H.E.B.E. In 1991 werd hij correspondent in Moskou voor onder meer De Telegraaf. In 1996 kwam hij bij de Volkskrant, onder meer als correspondent in Berlijn en Washington. In 2008 kreeg hij een Tegel voor zijn verslag van de Amerikaanse verkiezingen.

‘De poes heeft overgegeven, hè’

Opmerkelijk is dat hij getrouwd is met Volkskrant-columnist Sylvia Witteman die in haar columns verslag doet van haar rommelige huishouden, waar ook soms de ietwat sullige ‘Huisgenoot P.’ in optreedt. Toen Remarque hoofdredacteur werd, maakte ze zijn rol in de columns minder opzichtig. Maar het bleef soms ongemakkelijk. In een dubbelinterview met Vrij Nederland in 2011: „In mijn kantoortuin krijg ik te horen: ‘De poes heeft overgegeven, hè’. En dat heb ik dan zelf nog niet eens gehoord.”

Als zijn belangrijkste verdienste als hoofdredacteur ziet hijzelf dat hij de krant levendiger en toegankelijker heeft gemaakt. Toen hij aantrad zei hij hierover: „Een krant moet geen huiswerk zijn, maar een prettige huisgenoot.” Boegbeeld van de luchtige kant is het dagelijkse katern V waar cultuur, media en lifestyle een plaats kregen.

Populisme

Verder heeft hij de krant minder links gemaakt. „Ik vind dat een krant open van geest moet zijn, dat je er ook tegengestelde meningen in kunt lezen. De verslaggeving moet hoe dan ook neutraal zijn. En in de columns is nu meer diversiteit tussen links en rechts. Je wordt meer geprikkeld door een column waar je het niet mee eens bent.”

Soms zag je vanaf de buitenkant daarin enige frictie ontstaan. Columnist Asha ten Broeke schreef na de verkiezingen vorige maand: „Het fascisme heeft gewonnen.” Remarque schreef hierop: Baudet is niet onze vijand. Aan het begin van zijn hoofdredacteurschap stelde hij al dat hij het opkomende populisme als krant niet wilde bestrijden, maar wilde doorgronden. In vakblad Villamedia zei hij onlangs dat je hierin ‘koelhoofdig’ moest blijven: „Rustig en secuur je werk doen, en je niet laten verlokken tot een propagandaoorlog met populistische politici.”

Opvolger

Voor Remarques opvolger wordt „in eerste instantie” binnen de krant gezocht. De krant hoopt die aan het begin van de zomer te benoemen.

Bij de Volkskrant stelt een commissie van leden uit redactie én uitgeverij een profiel op en voert gesprekken met kandidaten.

Bij NRC, waar op dit moment ook gezocht wordt naar een nieuwe hoofdredacteur, bestaat die commissie uit louter redactieleden. De directeur-uitgever benoemt er uiteindelijk de nieuwe hoofdredacteur