Brieven

Brieven 18/4/2019

Criminaliteit

Ik heb geen ‘volksaard’

Het artikel Onzichtbare Albanezen klimmen op in cokehandel (15/4) beschrijft hoe Albanese criminelen in Nederland een drugsimperium hebben opgebouwd. Als Nederlandse van Albanese oorsprong veroordeel ik dit gedrag van mijn landgenoten. Maar aan het slot gaat het artikel voor mij over de schreef. Het verklaart de criminaliteit vanuit ‘de volksaard’ van de Albanees. Een gewelddadig, ruig volkje. De referenties die worden aangehaald zijn eenzijdig en uit de context. Welk volk heeft géén geschiedenis waarin geweld is gebruikt voor economische macht, verdediging of machtsuitbreiding? Ik ben teleurgesteld dat deze ‘volksaard’ er klakkeloos bijgetrokken wordt als verklaring voor het criminele gedrag van een kleine groep drugsdealers die daardoor de meerderheid incrimineert. Ik ben als Nederlander toch ook niet automatisch een crimineel door de aanwezigheid van Nederlandse drugsbendes (waarvan de omzet in 2017 op 18,9 miljard euro is geschat)?

Sportfotografie

Hij had beperkingen

De uitspraak in Goede sportfoto’s zijn zelf topsport (15/4) dat Henri Cartier-Bressons manifest over het beslissende moment ‘gefundenes Fressen’ voor de sportfotograaf is, vraagt nuancering. Bresson werkte analoog. Na iedere opname moest het filmpje (36 opnames) met de hand worden doorgedraaid. Huidige sportfotografen beschikken over een digitale camera. De instelling ‘repeteren’ stelt ze in staat de ontspanknop ingedrukt te houden waardoor razendsnel opnames worden gemaakt. Niks 36 foto’s op een rolletje maar honderden op een geheugenkaart. Als de fotograaf denkt dat er iets ‘schietwaardigs’ gaat gebeuren begint hij seriematig opnames te maken. Dit doet niets af aan het vakmanschap van de moderne sportfotograaf maar het maakt HCB wel een nóg grotere fotograaf dan hij al was, nu wij zijn beperkingen kennen in vergelijking met digitale fotografie.

Ecologie

Doemdenken over de bij

Het artikel Honingbij verjaagt wilde bestuivers (12/4) gaat over een studie op Tenerife waar honingbijen een zeer negatief effect hadden op de wilde bij. Op Tenerife komt de honingbij van nature niet voor, toch wordt de suggestie gewekt dat ook in Nederland vergelijkbare drama’s dreigen, zo zouden er „in Amsterdam 28 miljoen honingbijen rondvliegen uit 700 verschillende kasten in de stad”. Enige nuancering: de honingbij behoort tot de inheemse fauna; jonge imkers hebben een tot twee volken, de oude grijze hadden er tien tot twintig. Een zomervolk honingbijen bevat ongeveer 20.000 bijen, waarvan maar een derde uitvliegt (de rest heeft binnendienst). Dus hoezo 28 miljoen?


Senior Scientist Wageningen Plant Research

Notre-Dame (1)

Brand na sluitingstijd

Negen van de tien branden bij restauratie- en reparatiewerkzaamheden aan daken breekt binnen een à twee uur na sluitingstijd van de werkzaamheden uit. Daarom lopen in die twee uren bij kwetsbare gebouwen brandwachten rond gewapend met een brandblusser en een directe verbinding met de brandweer. Het lijkt erop dat de brandbewaking op de Notre-Dame met de Franse slag is uitgevoerd.

Notre-Dame (2)

De restauratie-formule

Toevallig hamerde iemand in ons gezelschap enkele weken geleden op een essentiële ‘formule’ bij de renovatie van oude gebouwen:

‘oude gebouwen + renovatie = brandwacht’! Als het werk is neergelegd moet de brandwachter met 112 en blusapparatuur bij de hand blijven waken tot de volgende werkploeg verschijnt.