Onze dochter van 11 wil de hond niet uitlaten. Wat nu?

Opgevoed Elke week legt Annemiek Leclaire een lezersvraag voor aan deskundigen. Deze week: kinderen en huisdieren.

Illustratie Lotte Dijkstra

Moeder: „Onze dochter van 11 is dol op dieren. De paardrijlessen en twee poezen waren al enige tijd niet voldoende meer: een hond stond bovenaan haar verlanglijst. Na wikken en wegen hebben we toegestemd. Mijn man en ik werken allebei dus de voorwaarde was dat ze zou helpen uitlaten. Dat beloofde ze.

„We hebben de hond nu een jaar, en mijn man en ik laten haar trouw vier keer per dag uit. Het zijn fijne wandelingen, maar het steekt ons dat dochter haar verantwoordelijkheid niet neemt. Ze is dol op de hond, knuffelt en speelt ermee, maar als het tijd is om uit te laten, moet er een tekening afgemaakt worden, of wil ze net tv-kijken. We hebben begrip voor haar agenda, maar nooit is wel erg weinig.

„Het leidt tot heftige discussies, met dochter in tranen, die weinig opleveren en die iedereen meer dan zat is. Hebben wij de situatie verkeerd ingeschat en moeten we ons verlies nemen en genieten van de wandelingen, of kunnen we dochter aanspreken op haar verantwoordelijkheid?”

Naam is bij de redactie bekend. Deze rubriek is anoniem, omdat moeilijkheden in de opvoeding gevoelig liggen. Wilt u een dilemma in de opvoeding voorleggen? Stuur uw vraag of reacties naar opgevoed@nrc.nl

Geef een krachtig signaal

Wim Meeus: „U moet overwegen de hond weg te doen. Opvoeden betekent naast steun en warmte geven ook structuur bieden. Regels aanleren is een onderdeel daarvan. We kunnen niet met elkaar leven zonder regels en afspraken.

„Uw dochter houdt zich niet aan de afspraak, het is aan u om haar te leren dat wel te doen. Nog eens ruziemaken is zinloos; daarom is een krachtig signaal nodig: we doen de hond weg.

„Het gaat om een kind net voor de puberteit. We weten dat pubers tussen de 12 en 16 jaar de meeste conflicten met ouders hebben, er staat dus nog heel wat aan te komen. U kunt daar het beste een voorschot op nemen door u nu streng op te stellen.

„We moeten kinderen in een welvaartsmaatschappij leren dat ze er niks aan hebben als ze steeds iets nieuws krijgen. Ze leren zo niet dat het bevredigender is je in één ding te verdiepen dan steeds nieuwe dingen te vragen. Uiteindelijk ontwikkelen ze dan geen echte interesse, maar blijven ze oppervlakkig naar het volgende nieuwe ding hoppen. Zo krijgen ze keuzestress.

„Het is heel belangrijk dat u een goed nieuw baasje voor de hond vindt: iemand die hem met plezier uit wil laten. Uw dochter leert zo: als je iets wilt, moet je er iets voor doen.”

Maak heldere en reële afspraken

Tischa Neve: „Uw dochter was 10 toen ze dit afsprak, een kind van die leeftijd kan nog niet overzien wat dat betekent. U moet duidelijker zijn, de afspraken zijn te vaag. Ga met z’n drieën overleggen, en niet op het moment dat de hond moet worden uitgelaten. Leg de feiten op tafel: ‘We hebben dit afgesproken maar je doet niet mee’. Vraag uw dochter wat het probleem is, en luister goed naar haar. Maak dan reële afspraken: iedere dag twee keer uitlaten is misschien te veel; eens per dag zou reëel kunnen zijn, of om de dag. Spreek af wat de uitzonderingen zijn, en hoe ze die kan compenseren – de hond eten geven bijvoorbeeld. Nu komt het aan op doorpakken.

Lees ook: Huisdieren, het zijn net (geen) kinderen

„U kunt zeggen: ‘we gaan dit een jaar proberen en anders zoeken we voor de hond een nieuw plekje’, maar u kunt daarmee alleen dreigen als u dat ook echt gaat doen. Dat lijkt me vervelend voor u en de hond. Hopelijk is uw vasthoudendheid voldoende.”

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.