Concours over vraag of de herbouwde Notre-Dame weer dakspits moet krijgen

De vergane dakspits van de Notre-Dame was niet zo oud als de rest van de kathedraal. Herbouwen of niet?

De Notre-Dame voor de verwoestende brand.
De Notre-Dame voor de verwoestende brand. Foto Benoit Tessier

Moet de vergane dakspits van de Notre-Dame identiek nagebouwd worden, een nieuw ontwerp krijgen of kan de Parijse kathedraal voortaan wel zonder? De Franse regering schrijft een internationaal architectuurconcours uit om op die vragen antwoord te krijgen. Dat zei premier Édouard Philippe woensdag na een ministerraadsvergadering die geheel in het teken stond van de brand in de Notre-Dame.

De spits die maandag even voor acht uur ’s avonds brandend door het dak zakte was immers niet zo oud als de rest van de kathedraal. Hij is er in 1859 door de omstreden bouwmeester Eugène Viollet-le-Duc bij een ingrijpende renovatie opgezet. Een eerdere dakspits met klokkentoren, die dateerde van 1250, was aan het eind van de achttiende eeuw wegens instortingsgevaar verwijderd. Viollet-le-Duc had de reputatie op al zijn restauraties een stevig stempel te drukken. Aanvankelijk wilde hij ook spitsen op de beroemde platte voortorens van de kathedraal zetten. Zijn dakspits werd destijds al bekritiseerd.

Tot schrik van veel erfgoedliefhebbers geeft het concours volgens Philippe ook de mogelijkheid een spits te bouwen „die aangepast is aan de technieken en uitdagingen van ons tijdperk”. Dat gebeurt, zei hij, vaker bij „de evolutie van erfgoed”. Het is waar dat Franse restaurateurs van monumenten er vaak niet voor terugdeinzen ingrijpende moderne aanpassingen te doen. En kathedralen, legden kunstexperts uit, zijn vaak het werk van eeuwen waarbij verschillende stijlen gemengd worden.

De Parijse architect Alexandre Chassang deed al een eerste poging. Hij zette op Twitter een provocerend ontwerp van een glimmende spiegelspits op de oude Notre-Dame, als ware het de punt van een Amerikaanse wolkenkrabber. Chassang waarschuwde voor het „imiteren van het beeld van het verleden”. „Dat zou zijn alsof je een kopie van de Joconde [Mona Lisa] in het Louvre tentoon zou stellen. (…) Architectuur moet ons tijdperk weergeven”, vindt hij. „Au secours!”, reageerden velen.