Schraal verslag NPO van brand Notre-Dame

Zap Niks in M, een paar minuten in het Journaal, een verslag in Nieuwsuur en louter enige sprakeloosheid in Pauw. Voor de brand in Parijs moest je niet bij de NPO zijn.

Mariëlle Tweebeeke interviewt Wilfred de Bruijn in Nieuwsuur over de Notre-Dame.
Mariëlle Tweebeeke interviewt Wilfred de Bruijn in Nieuwsuur over de Notre-Dame. Foto Nieuwsuur

Ik weet dat het niet eerlijk is om de reguliere Nederlandse televisie te vergelijken met grote internationale nieuwszenders, maar ik had dinsdag urenlang het idee dat ik mij op een andere planeet bevond dan de Nederlandse tv.

Op de mijne stond de Notre-Dame in brand en probeerde ik via televisie, sociale media en liveblogs koortsachtig te achterhalen wat er in Parijs gebeurde. Even voor zevenen doken de beelden op van de vlammen boven op de kathedraal, in een hoek van het dak. Dat talkshow M geen ruimte had voor aanpassingen bij nieuws zo kort voor de uitzending, begreep ik – al was het een lange zit tot het NOS Journaal van acht uur. Op CNN en de BBC vlogen de vlammen de toren in en vraten ze zich een weg door het dak.

Toen het Journaal begon, was de toren net afgebroken en door het dak gestort. Winfried Baijens schakelde naar correspondent Frank Renout die met zijn hoofd nog in de toeristeninfo leek te zitten. „Het is heel erg, zou je kunnen zeggen. Het is natuurlijk een van de beroemdste en een van de best bezochte monumenten van Frankrijk, met de Eiffeltoren.”

Na vier minuten werd het onderwerp afgesloten en begon een reportage over de naweeën van de fipronilaffaire. Bij een item over de villawijk in Almere (inclusief architectonisch diepte-interview met de aldaar residerende televisiester Jörgen Raymann) had ik het idee dat de Zendtijd voor Makelaars was aangebroken. For the record: in Almere was geen brand.

Wachten op Nieuwsuur

Wat restte, was wachten op Nieuwsuur. Op andere zenders ging het intussen over de (on)mogelijkheid van het inzetten van blushelikopters, hoorden we mensen zingen op straat en werd uitgelegd dat de schijnbare vermindering van de vlammenzee schijn was. Waarschijnlijk woedde het vuur nu lager – binnen. „Dikke stenen muren die het vuur omsluiten”, zei een man op CNN. „Het is gewoon een oven.”

Op de site had de NOS wel livebeelden uit Parijs, zonder commentaar. Er zaten mooie shots bij. Zo zag ik hoe brandweermannen grote schematische tekeningen van de kathedraal tegen hun wagens hadden gezet. De beelden waren een prima basis geweest voor een live-uitzending over de culturele catastrofe die zich aan het voltrekken was, maar de NOS bleef op de spaarstand staan.

Nieuwsuurnam tien minuten om de kijker bij te praten op het moment dat de autoriteiten vreesden dat het hele gebouw wellicht niet meer te redden zou zijn. Renout was inmiddels in de buurt en vertelde hoe Parijzenaars sprakeloos naar het inferno keken terwijl toeristen op een terrasje zaten.

Er was ook aandacht voor wat er binnen aan het verbranden was. Kunsthistoricus Wilfred de Bruijn (in Parijs) gaf uit zijn hoofd een rondleiding door het gebouw. Hij noemde kunstschatten, de doornenkroon van Christus (waarvan later werd gemeld dat deze gered zou zijn) en de plaatsen waar de eeuwenoude brandbare houten balken zaten. „Het is de schatkamer van de Franse ziel.” Hij werd aangevuld door een helder uitleggende specialist in brandveiligheid van monumenten.

Goed werk, maar het bleek het enige. Kort voor Pauw werd in een extra journaaltje gemeld dat de structuur van de kerk waarschijnlijk gered was, maar in de talkshow kwam de presentator niet verder dan aan zijn gasten kort te vragen hun sprakeloosheid te verwoorden. Daarna begon een interview met Yvon Jaspers.

Dat Pauw het gesprek met de vader en de oom van de vermoorde Anne Faber niet wilde aanpassen, is begrijpelijk. Maar daarna kregen we cabaretier Najib Amhali óók nog. Zo bleef de Nederlandse tv-kijker zitten met een schraal aanbod op deze avond van brandend nieuws.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.