Mounim zegt dat hij niet wist dat hij IS-propaganda verspreidde

Rechtszaak Mounim A. deelde via sociale media video’s van IS en wordt nu verdacht van opruiing. Volgens zijn advocaten is hun cliënt eenzaam en zwakbegaafd.

Een screenshot uit een video die afkomstig zou zijn van IS. Foto AP
Een screenshot uit een video die afkomstig zou zijn van IS. Foto AP

Islamitische Staat is een groepering die bejaarden en kinderen helpt. Dat had de 28-jarige Mounim A. uit Amsterdam naar eigen zeggen althans begrepen van jonge Haagse moslims waar hij in 2018 mee bevriend raakte. Vanwege de vele goede werken van IS had hij zich bereid verklaard in te gaan op het verzoek van die vrienden om via zijn accounts op sociale media videofilmpjes en foto’s van de islamitische groepering te sturen. Soms gingen er wel een paar berichten per dag naar zijn 38 volgers op Telegram-kanaal ‘Broeders’ en zijn vierhonderd Facebookvrienden.

Die filmpjes waren gruwelijk. In de rechtszaal in Osdorp tonen de officieren van justitie Hetty Hoekstra en Anke van de Venn een selectie van de beelden: mannen met baarden die begeleid door oorlogsmuziek rondrennen met afgehakte hoofden of een tegenstander de keel doorsnijden. Een kleuter laat zien hoe hij met een kalasjnikov kan knallen. Mounim A. kijkt tijdens de videovoorstelling met de vingers in zijn oren weg van het scherm. „Ik krijg hoofdpijn als ik het nu zie. Ik kan er niet naar kijken”, had hij even daarvoor gezegd. Ja, hij had die filmpjes wel gedistribueerd maar nooit zelf bekeken.

Verminderd toerekeningsvatbaar

Het Openbaar Ministerie gelooft daar niets van. Mounim A. heeft zich door het verspreiden van gewelddadige video’s die de strijd van IS verheerlijken schuldig gemaakt aan opruiing. Justitie wil dat de verdachte, die in oktober na drie maanden voorarrest door de rechtbank op vrije voeten werd gesteld, een celstraf krijgt van 18 maanden, waarvan zes voorwaardelijk. De verdachte is, zo blijkt uit psychiatrisch onderzoek, weliswaar verminderd toerekeningsvatbaar, maar het OM acht het „volstrekt ongeloofwaardig” dat Mounim A. niet zou hebben geweten wat hij uitdeelde.

„Kijkt u weleens naar het nieuws”, vraagt de voorzitter van de rechtbank Eli Gabel.

Nee, luidt het antwoord. Mounim kijkt alleen naar voetbal. Van IS wist hij niets.

Maar waarom noemde hij zich dan op sociale media Abu Bakr al-Baghdadi al Hollandi, willen de rechters weten. Dat is toch een verwijzing naar de naam van de oprichter van IS?

„Nee, dat was gewoon een naam.”

„Dan had u zich ook Geert Wilders kunnen noemen?”

„Ja, inderdaad. Dat had ook gekund.”

Mounim A. verklaart dat hij ook niet wist wat het betekende als hij foto’s rondstuurde met de tekst: ‘We are going to kill you’ of ‘Inshallah, we'll slaughter you’. Hij spreekt geen Engels.

De afgelopen maanden is Mounim A. onder handen genomen door een psycholoog, een psychiater, de reclassering, een jongerenwerker en een theoloog. Heel fijn vindt hij die contacten. „Goede mensen om me heen.” Nu moet hij alleen nog echte vrienden vinden.

Want daar ligt het probleem, zeggen zijn advocaten Vito Shukrula en Sultan Kat. De verdachte is eenzaam en zwakbegaafd. Uit psychiatrisch onderzoek is gebleken dat hij een IQ heeft van 69: licht verstandelijk beperkt. „Hij is door jongens als een soort katvanger gebruikt om foute filmpjes te kunnen verspreiden”, zegt Shukrula. Hij had echt niet door hoe strafbaar het was wat hij deed, verzekert zijn raadsman. Hij schaamt zich dood voor het leed dat hij zijn familie door zijn activiteiten heeft aangedaan.

Deskundigen zeggen dat het averechts zal werken Mounim A. achter de tralies te stoppen. Maar het OM kan daar geen rekening mee houden, aldus officier van justitie Van de Venn. „Van de berechting moet een preventieve werking uitgaan”, zegt ze. „Het OM kan anders niet uitleggen dat hij maar drie maanden in de cel zit voor feiten waar een maximale straf van zes jaar op staat.”

Uitspraak over twee weken.