Onzichtbare Albanezen klimmen op in cokehandel

Criminaliteit Albanezen hebben in rap tempo een drugsimperium opgebouwd in Nederland. Het kabinet voelt weinig voor een visumplicht.

De Explosieven Opruimingsdienst van Defensie doet onderzoek in een garagebedrijf in Amsterdam, tijdens een actie tegen de Albanese maffia in november 2017. Er werd onder meer een handgranaat gevonden.
De Explosieven Opruimingsdienst van Defensie doet onderzoek in een garagebedrijf in Amsterdam, tijdens een actie tegen de Albanese maffia in november 2017. Er werd onder meer een handgranaat gevonden. Foto Amaury Miller

Een Albanees die in Nederland wordt aangehouden voor een drugsvergrijp vertelt steevast dezelfde smoes, zegt officier van justitie Otto van der Bijl. Die zegt dat hij in Amsterdam als toerist op bezoek is. Maar als je hem vraagt wat hij gaat doen in de stad, zegt de officier, kan hij geen enkele toeristische attractie noemen. De naam van zijn hotel herinnert hij zich ook niet meer. En waarom heeft hij duizenden euro’s bij zich? Het gemiddelde maandloon in Albanië is ongeveer 330 euro.

Afgelopen donderdag stemde een meerderheid van de Tweede Kamer (VVD, PVV, CDA, SP en ChristenUnie) voor herinvoering van de visumplicht van Albanezen. Die kunnen nu drie maanden zonder visum door Europa reizen. Criminelen gebruiken die tijd om hun „smokkelnetwerken” uit te breiden, volgens Kamerlid Madeleine van Toorenburg (CDA). Zij vindt dat het kabinet „de boer op” moet in Europa voor de herinvoering van de visumplicht, schrijft ze op Twitter.

Lees ook: Kamermeerderheid voor invoering visumplicht Albanezen

De eerste signalen kwamen drie, vier jaar geleden, zegt officier van justitie Van der Bijl. In Amsterdam en Rotterdam werden steeds vaker Albanezen opgepakt. Aanvankelijk, zegt Van der Bijl, denk je aan de „klassieke gevallen”: drugshandel, witwassen, wapenbezit.

Maar tegelijkertijd kwamen vanuit Italië, België, Duitsland, Frankrijk, Engeland en Zweden rechtshulpverzoeken binnen. De landen vroegen Nederlandse hulp bij het leveren van bewijsmateriaal tegen aangehouden Albanezen. Uit politieonderzoek bleek bovendien dat Albanezen in rap tempo hun eigen drugsimperium hebben opgebouwd. Otto van der Bijl: „Criminele Albanezen vormen een van de belangrijkste drugsbendes van Nederland.”

Drugslijnen vanuit Colombia

Albanezen beheren drugslijnen vanuit Zuid-Amerika, onder meer Colombia, naar Nederland en België. Ze verkopen voornamelijk cocaïne. Die komt via de havens van Rotterdam en Antwerpen binnen en wordt daarna verplaatst naar Amsterdam – „het distributiecentrum” volgens de officier. Vervolgens wordt de coke in auto’s en vrachtwagens met verborgen ruimtes naar andere landen gebracht, zegt Van der Bijl.

De afgelopen drie jaar zijn in Nederland bijna 1.700 Albanese verdachten aangehouden, blijkt uit recente politiecijfers die minister Ferdinand Grapperhaus (Justitie en Veiligheid, CDA) en collega Stef Blok (Buitenlandse Zaken, VVD) aanhalen in een brief aan de Tweede Kamer. De verdachten worden in verband gebracht met „zware delicten met een georganiseerd karakter”.

In eerdere jaren lag het aantal aanhoudingen veel lager. In het Nationaal dreigingsbeeld van 2017, een vierjaarlijks overzicht van de georganiseerde criminaliteit, staat: „De rol van de Albanezen in relatie tot de drugshandel is nieuw.” Nederland werkt sinds vorig jaar mei samen met Albanië om de criminele activiteiten te bestrijden.

Rottige klusjes

Tien jaar geleden werkten de Albanezen nog als stoottroepen voor de Italiaanse maffia, zegt Van der Bijl. Ze knapten rottige klusjes op. Ze visten in opdracht van de maffia drugspartijen uit containers in Europese havens. Inmiddels werken de Albanezen zelfstandig, volgens de officier. „Ze staan allang niet meer onderaan in de hiërarchie.”

De Albanezen staan bekend als hele goeie handelslui, zegt een rechercheur die nauw betrokken was bij onderzoeken naar Albanese criminelen in Nederland – en die uit veiligheidsoverwegingen niet met zijn naam in de krant wil. Ze leveren goede cocaïne tegen een lage prijs en zijn enorm betrouwbaar.

De coke is vooral bedoeld voor de internationale markt, zegt Van der Bijl. De rechercheur onderschrijft dit: „De Amsterdamse onderwereld gaat over de lokale drugsmarkt, de Albanezen over de internationale handel.” Door de scheiding van markten komen incidenten tussen beide groepen amper voor, volgens de rechercheur en de officier.

Onderlinge incidenten vechten de Albanezen in hun thuisland uit, volgens de rechercheur. Ze hebben een extreem gewelddadige reputatie maar het geweld houden ze buiten beeld, want ze weten „dondersgoed” dat ze daarmee de aandacht op zich vestigen. „Zoals de mocromaffia elkaar hier afknalt, dat doen zij niet, hoor.”

Albanese verdachten zeggen altijd dat ze als toerist in Amsterdam zijn

Twee jaar geleden analyseerde politie en justitie de vijftig meest bezochte Albanese websites en het gebruik daarvan in Nederland, vertelt Van der Bijl. Zo probeerden politie en justitie in kaart te brengen hoeveel Albanezen in Nederland verblijven. Met 36.000 smartphones en bijna 4.500 tablets werd in juli 2017 één van die vijftig websites vanuit Nederland bezocht. Bijna 8.000 apparaten bevonden zich in Amsterdam en Amstelveen, zegt de officier, terwijl in Nederland rond de 700 tot 800 Albanezen officieel stonden ingeschreven. „Hoe kan dat?”

Een antwoord heeft hij niet. Het is volgens de rechercheur lastig voor de politie dat de Albanese criminelen bijna onzichtbaar zijn. Ze huren flats via particuliere woningbemiddelaars, maar staan vrijwel nooit op een adres ingeschreven. Via de parkeergarage onder hun flat komen ze ongezien hun woning binnen. „Zo vallen ze niet op”, zegt de rechercheur. Daarnaast geven ze amper geld uit, volgens Van der Bijl, en „dragen ze geen gouden kettingen”.

Hun verdiensten brengen ze in onopvallende auto’s of per fiets in grote boodschappentassen naar schuiladressen. Het grootste deel wordt verscheept naar het thuisland, zegt Van der Bijl. Soms wordt het geïnvesteerd in Amsterdamse, Rotterdamse en Haagse horeca. In Rotterdam investeren criminelen hun geld in kroegen en pizzeria’s. „Bij een eigenaar van een pizzeria vonden we thuis honderdduizend euro aan contanten.”

Van achternaam veranderen

Albanezen gebruiken, zegt de officier, een truc waarbij ze van achternaam veranderen. In Albanië is het net als in andere Oost Europese landen mogelijk verschillende malen je achternaam aan te passen. Criminelen doen dat om tijdens een controle niet in het systeem te verschijnen. Bij een aanhouding worden vingerafdrukken afgenomen, maar de gemiddelde douaneambtenaar aan de grens zoekt alleen even op achternaam. Dat moet anders, vindt Van der Bijl.

Een andere manier om Albanese criminelen dwars te zitten, zegt de officier, is herinvoering van de visumplicht. Het kabinet lijkt daar weinig voor te voelen. Andere Europese lidstaten zijn volgens minister Blok niet voor een visumplicht, omdat Albanië nog steeds voldoet aan de voorwaarden voor het schrappen van die plicht.

Deze organisatie van Albanezen is ontzettend professioneel en heeft een enorme groeicapaciteit, zegt Van der Bijl. „Als zij op een gegeven moment miljarden verdienen, ontstaat er een organisatie zoals de Italiaanse maffia die ook Nederlandse politici probeert te beïnvloeden. Daar zijn we bang voor.”