‘Ze noemden hem een versleten paard maar ik proefde dat Gilbert nog honger had’

Wielrennen Op zijn 36ste won Philippe Gilbert voor het eerst Parijs-Roubaix. Met dank aan de ijzersterke ploeg van Deceuninck-Quickstep.

Het peloton onderweg in de 117de editie van de voorjaarsklassieker Parijs-Roubaix, die zondag werd gewonnen door de Belg Philippe Gilbert.
Het peloton onderweg in de 117de editie van de voorjaarsklassieker Parijs-Roubaix, die zondag werd gewonnen door de Belg Philippe Gilbert. Foto Anne-Christine Poujoulat/ AFP

Alsof hij in zijn achtertuin zijn verjaardag vierde, zo stond Patrick Lefevere zondagmiddag te gloriëren op het middenterrein van het Vélodrome in Roubaix. De eerste die de baas van wielerploeg Deceuninck-Quickstep omhelsde was zijn van vreugde huilende kopman Philippe Gilbert, op zijn 36ste voor het eerst winnaar van de klassieker Parijs-Roubaix. Maar een intense knuffel was er ook voor Yves Lampaert (derde), Florian Sénéchal (zesde) en Zdenek Stybar (achtste). En ook de andere ploeggenoten – Tim Declercq, Iljo Keisse en Kasper Asgreen – werden betrokken in het succes. Conclusie van Lefevere? „De koers verliep zoals het moest.” Alweer.

Vincere insieme’ was het motto waarmee zijn renners in de jaren negentig heersten op de kasseien in de Hel van het Noorden. Samen winnen deden ze voor de Italiaanse sponsor Mapei met kopmannen als Johan Museeuw, Franco Ballerini of Andrea Tafi. Inmiddels is het motto van zijn ploeg veranderd in ‘Wolfpack’, de hechte groep van een roedel wolven. Van Tom Boonen tot Niki Terpstra: de klassiekerzeges bleven komen voor Lefevere. In totaal won de 64-jarige West-Vlaming met zijn renners elf keer de Ronde van Vlaanderen. De zege van Gilbert was de dertiende in Parijs-Roubaix. „Amai”, zegt Lefevere dan onderkoeld.

„Ik ben naar deze ploeg gekomen om dit type koersen te kunnen winnen”, sprak winnaar Gilbert na afloop voor de camera van Sporza. Voordat de Waalse renner in 2017 tekende bij Lefevere was hij een veel-winnaar in heuvelklassiekers als Waalse Pijl, Luik-Bastenaken-Luik, Ronde van Lombardije (twee keer) en Amstel Goldrace (vier keer). In zijn nieuwe ploeg transformeerde de wereldkampioen van 2012 van een puncher bergop in no-time tot een kasseienspecialist. Hij won in zijn eerste jaar direct de Ronde van Vlaanderen, na een lange solo. „Ze noemden hem een versleten paard”, sprak Lefevere toen. „Maar ik proefde dat Gilbert nog honger had.”

Honger

Zijn voornaamste honger gold de vijf zogenaamde ‘wielermonumenten’, de belangrijkste klassiekers. Na Luik-Bastenaken-Luik, Ronde van Lombardije en Ronde van Vlaanderen miste Gilbert er nog twee op zijn met 74 zeges rijk gevulde palmares: Milaan-Sanremo en Parijs-Roubaix. De winst op de wielerbaan in Roubaix, waar hij in de eindsprint resoluut afrekende met de sterke Duitser Nils Politt, bracht hem in de herfst van zijn carrière een stap dichter bij zijn ultieme doel. „Ik heb eerst de Ronde gewonnen met Patrick [Lefevere] en nu Parijs-Roubaix. Daarom draag ik deze zege op aan de ploeg.”

Ondanks een recordaantal van 73 zeges in 2018 moest Lefevere het dit seizoen doen met een lager budget, dat nu met ongeveer 18 miljoen euro niet veel hoger is dan het gemiddelde van de teams in de World Tour. Toppers als Terpstra en sprinter Fernando Gaviria vertrokken. Maar de zegeteller staat ‘gewoon’ weer op 23, met onder meer winst in Milaan-Sanremo met de Fransman Julian Alaphilippe. Zo sterk is het team dat een tweede plaats in de Ronde van Vlaanderen van de Deense debutant Kasper Asgreen (24) bijna als een tegenvaller werd beschouwd. Winst van Fabio Jakobsen woensdag in de Scheldeprijs maakte weinig goed.

In een droge en daardoor stoffige Hel heerste Deceuninck-Quickstep als vanouds. In elke kopgroep was de ‘wolfpack’ vertegenwoordigd, en steeds met de juiste renners. Volgens de wet van de legendarische ploegleider Peter Post, met wie Lefevere ooit bij het Nederlands-Belgische Domo-Farm Frites kortstondig samenwerkte, namen ze de wedstrijd in handen. Van voren en van achteren een beetje meerijden, en zo de rest langzaam wurgen. Terwijl Gilbert als een van de eerste favorieten aanviel, kreeg Greg Van Avermaet (winnaar in 2017) in een achtervolgende groep geen kans dankzij de inspanningen van knecht Sénéchal.

Lees ook Wilfried de Jong over de helletocht van Wout van Aert

Lang leek Wout van Aert in de kopgroep van zes nog de sterkste renner in koers. Na pech in het Bos van Wallers, op ruim 90 kilometer voor de eindstreep, begon de kopman van Jumbo-Visma aan een indrukwekkende achtervolging zoals collega-veldrijder Matthieu van der Poel vorige week in Vlaanderen. Op de fiets van een ploeggenoot reed hij 45 seconden dicht, om na een fietswissel en een val nog eens 1.15 minuut goed te maken. Terug vooraan koos de Belg meteen de aanval, maar 23 kilometer voor de finish was hij op. „Ik kan niets zinnigs meer zeggen”, stamelde de uitblinker na zijn 22ste plaats. „Ik ben steenkapot.”

Intussen was in de finale zelfs Peter Sagan gesloopt door de ‘wolvenroedel’ van Lefevere, die met Belgisch kampioen Yves Lampaert en Gilbert numeriek in de meerderheid was in de kopgroep. Op de gevreesde kasseien van de Carrefour de l’Arbre kon hij nog volgen maar op de volgende strook bij Gruson moest hij Gilbert en Politt laten gaan. Met in zijn wiel de met materiaalpech kampende Sep Vanmarcke en ‘bewaker’ Lampaert was Sagan kansloos. De drievoudig wereldkampioen, vorig jaar winnaar in Roubaix, kent tot nu toe een tegenvallend voorjaar. In de laatste kilometers moest hij Lampaert laten gaan.

Initiatief in slotfase

Door de aanval van zijn ploeggenoot kon Gilbert voorin het initiatief in de slotfase wat meer aan Politt laten. Al nam de ervaren Belg nooit het risico om Lampaert te laten terugkomen. Daarvoor had hij al te hard gewerkt voor de zege. Vijftig kilometer voor het einde voor het eerst in de aanval. Met nog 35 kilometer te gaan was het tijd om zijn overjasje uit te doen. „Hoe meer hij in de finale komt hoe agressiever hij begint te koersen”, typeerde Lefevere zijn kopman. Op de wielerbaan kon Politt, vorige week al vijfde in Vlaanderen, hem niet in verwarring brengen. De 25-jarige Duitser probeerde een sprint van bovenin de baan, maar Gilbert dook als eerste naar beneden en was oppermachtig. „De sterkste wint”, zoals hij zelf zei.