Siemon Reker: „Ik vind Rutte intrigerend. Zoals hij met woorden mensen weet in te pakken.”

Foto David van Dam

'Taalgebruik van Haagse politici vrijwel identiek aan verkopers'

Siemon Reker | Taalkundige De taal van Haagse politici is vrijwel identiek aan die van verkopers, vindt oud-hoogleraar Siemon Reker, die er een boek over schreef.

„Het is een afwijking. Ik had dat vroeger al als ik probeerde een Gronings boek te lezen. Dan wilde ik mij op de inhoud concentreren, maar werd ik steeds afgeleid door de vorm.” Siemon Reker (68) is taalkundige. En geobsedeerd door het taalgebruik van politici. Vaak direct herkenbaar. „Er staat geen hek om het Binnenhof”, zegt hij, „maar iets ‘over de schutting gooien’, dat zal ik toch zelden tegen mijn buurman zeggen. Het is typisch vergadertaal.”

Eerder dit jaar presenteerde Reker zijn boek Dat gezegd hebbend..., een greep door hemzelf gekozen kenmerkende woorden en begrippen uit het Nederlands politiek taalgebruik zoals dat sinds 1950 in de Tweede Kamer is gebezigd. Van de tijdens de plenaire vergaderingen miljoenen uitgesproken woorden en uitdrukkingen – alleen over 2018 waren dat er al 8,9 miljoen – belandden er uiteindelijk zo’n kleine 900 lemma’s in alfabetische volgorde en voorzien van toelichting in zijn boek. Beginnend met ‘Aan de slag’ en eindigend met ‘Zwerfzwangere’.

De inmiddels gepensioneerde oud-hoogleraar Groninger taal en cultuur aan de Rijksuniversiteit Groningen verricht zijn onderzoek voornamelijk vanuit zijn woonhuis in het Noord-Groningse Bedum. De tv-zender NPO Politiek, waarop alle plenaire debatten in de Tweede Kamer live zijn te volgen, staat bijna altijd aan. Nog belangrijker voor Reker is de website van de Tweede Kamer, waar alles wat er in de plenaire vergaderzaal wordt gezegd reeds na enkele uren woordelijk valt terug te lezen. Met een computerprogramma zet hij alle woorden op alfabet in rijtjes onder elkaar. Van voren naar achteren en van achteren naar voren. Zo neemt hij de debatten tot zich. „Ik bekijk de woorden los van de spreker en los van de context. Ambachtelijk en heel vermoeiend, maar ik word wel beloond.”

De woorden die u selecteert zijn dus een puur subjectieve keuze?

„Absoluut. Ik richt me vooral op woorden die zich in een vreemde context aandienen. Vanmorgen kwam ik het woord ‘gokcowboy’ tegen. Je kunt bijna een taalkundige wet formuleren: een samenstelling heeft in de politiek een negatieve lading. Bijstandstoerisme, weeshuistoerisme, ramptoerisme, afvaltoerisme – en dus het woord cowboys dat overal aan kan worden vastgeplakt.”

Wat is politieke taal?

„De taal van het parlement onderscheidt zich niet wezenlijk van die van verkopers. Ze moeten iets aan de man brengen, mensen overhalen. Normaliter moet iemand in een vak goed formuleren. Bijvoorbeeld een medicus. Die moet de feiten en de nauwkeurigheid voor zich laten spreken. In de politiek is het net andersom. Handelsreizigers moeten iets verkopen. Daarom is hun taal vloeiender.”

Vanwaar uw bijzondere belangstelling voor de taal van premier Rutte?

„Ik vind hem intrigerend. Zoals hij met woorden mensen weet in te pakken. Dat doet hij heel behendig. Als hij zich tot Kamerleden van de ChristenUnie of de SGP richt, heeft hij het over ‘een aangelegen punt’. Een aangelegen punt is voor die sector in het protestantisme een punt van zwaarwegende betekenis. Rutte zendt bewust uit op hun niveau. Ook interessant: soms heeft Rutte het niet over de SP, maar over de Socialistische Partij. Dat benadrukken van het woord socialistische in een bepaalde context doet hij heel bewust.”

Is er sprake van Ruttiaans?

„Zeker. Waar Lubbers vijf minuten zigzaggend praten nodig had, bedient Rutte zich van een kwinkslag. Je hoort bij hem ook steeds dezelfde zegswijzen. Hij praat over de MH17 niet anders dan als ‘de verschrikkelijke ramp’. Voor mij komt het daardoor minder doorvoeld over.”

Klopt het dat er sprake is van taalverruwing in de Tweede Kamer?

„Ik neig ernaar om ja te zeggen. Maar je moet niet met de oren van vroeger luisteren. PvdA-fractievoorzitter Ed van Thijn noemde in de jaren zeventig iets ‘te gek voor woorden’. Dat was toen een forse manier van iets zeggen. Nu is het heel gewoon.”

Wat is tegenwoordig het politieke modewoord?

„Meemaken! Je hoort het steeds: de mensen moeten het klimaatakkoord wel kunnen meemaken. Of meegeven, ook zo’n woord. Ik hoorde Kamervoorzitter Arib laatst tegen bezoekers op de publieke tribune zeggen: u mag geen blijken van instemming of afkeuring laten horen. Dat wil ik u meegeven. Ze bedoelde: ik waarschuw u.”

Siemon Reker: Dat gezegd hebbend... Taal in politiek Den Haag na 1950. In Boekvorm Uitgevers, 360 blz., € 26,50.
Lees ook over vergadertaal: Van vergaderen gaan mensen heel raar praten