Oppositie is nu welkom in de achterkamertjes

Politiek Den Haag Het kabinet heeft geen meerderheid meer in de Eerste Kamer. Dat verandert het politieke spel.

Minister Hugo de Jonge (Volksgezondheid, CDA) had veel appjes, telefoontjes en overlegjes achter de schermen nodig om een wet door de Tweede Kamer te krijgen.
Minister Hugo de Jonge (Volksgezondheid, CDA) had veel appjes, telefoontjes en overlegjes achter de schermen nodig om een wet door de Tweede Kamer te krijgen. Foto Bart Maat / ANP

Het ‘Ledenrestaurant’ in de Tweede Kamer is alleen toegankelijk voor politici. Niet voor publiek, niet voor journalisten. Op donderdag 28 maart, rond een uur of een, zit daar een bijzonder gezelschap aan de lunch – uitsmijters, salade, karnemelk. CDA-minister Hugo de Jonge van Volksgezondheid, zijn politiek assistent Bart van den Brink, SGP-fractievoorzitter Kees van der Staaij, Tweede Kamerlid Corinne Ellemeet van GroenLinks.

Nog geen vijf minuten eerder stonden ze tegenover elkaar in een debat over geld dat gemeenten krijgen voor zorg. De oppositiepartijen, links en rechts, willen méér. De minister niet. Deel twee van het debat is pas een week later, het was Hugo de Jonge’s idee om alvast even verder te praten bij een broodje.

Dan loopt Fleur Agema van de PVV langs. Ze roept: „Hé, zitten jullie híér de boel af te tikken?”

Aan tafel wordt gelachen. Toch is het precies wat ze aan het doen zijn. Buiten de plenaire zaal van de Tweede Kamer en zonder camera’s in de buurt probeert Hugo de Jonge een nieuwe wet te redden, hij weet dat hij niet anders kan dan luisteren naar de eisen van de oppositie.

Fleur Agema loopt door, ze denkt er niet meer over na.

Het ‘aftikken’ lukt niet in één lunch. Nog een week lang wordt er geappt, gebeld, onderhandeld. De Jonge bemoeit zich er intensief mee. Zijn politiek assistent zal zelfs gaan meeschrijven aan een motie – die de VVD daarna nog verandert en de SP uiteindelijk indient. Hoofdrolspelers voelen zich er later wat ongemakkelijk over. Is dit nog wel ‘de regering regeert, de Tweede Kamer controleert’?

Maar voor iedereen staat er veel op het spel. Misschien het meest voor Hugo de Jonge. De wet die hij door de Tweede en Eerste Kamer wil krijgen, heeft het kabinet-Rutte III dringend nodig voor het eigen imago.

De wet regelt dat mensen die zorg krijgen via de gemeente minder geld kwijt zijn. Nu betalen ze veel zelf. Voor elke regeling – huishoudelijke hulp, dagbesteding, begeleiding – geldt weer een andere eigen bijdrage, de kosten kunnen fors oplopen, vaak tot meer dan honderd euro per maand. Het kabinet wil daar een eind aan maken. Er moet één maandelijks bedrag voor in de plaats komen, 19 euro. Dat moet vooral een uitkomst zijn voor mensen met weinig geld.

Het is in de kabinetsformatie bedacht door ambtenaren van het ministerie voor Volksgezondheid. Nu wil het kabinet van VVD, CDA, D66 en ChristenUnie ermee laten zien: we zijn er ook voor gewone mensen.

De oppositiepartijen willen net zo goed af van al die kosten voor chronisch zieken. Maar bij de oppositie is het idee dat goedkopere zorg méér klanten aantrekt – en dat gemeenten er dus meer geld aan kwijt zijn. Daarom zeggen ze: het kabinet moet bijbetalen, anders bezuinigen de gemeenten alsnog op die zorg. Dan schiet geen hulpbehoevende er iets mee op.

Wat zich rond die wet afspeelt op het Binnenhof laat zien met welke politieke werkelijkheid het kabinet-Rutte III nu te maken heeft. Dat kabinet is sinds de Provinciale Statenverkiezingen van 20 maart de meerderheid in de Eerste Kamer kwijt. In het openbaar doen ministers er luchtig over, voor de ene maatregel denken ze steun te vinden bij linkse partijen, voor de andere bij rechtse. Dan krijgen ze heus wel een meerderheid.

De eerste wet waar het kabinet sinds de verkiezingen mee komt, die van Hugo de Jonge, bewijst meteen dat het zo simpel niet is. Betrokkenen zien dat De Jonge zenuwachtig wordt. De oppositie maakt hem duidelijk: je kunt niet meer om ons heen.

Het debat wordt een strak geregisseerd toneelstuk. In de grote vergaderzaal zal de minister uiteindelijk zelfs teksten uitspreken die vooraf met de oppositie zijn afgesproken.

Brainwave

Op de zaterdag na de Provinciale Statenverkiezingen bedenkt Kamerlid Corinne Ellemeet van GroenLinks een politieke list, een „brainwave”, waarmee ze de nieuwe Haagse verhoudingen hoopt te gebruiken om het kabinet klem te zetten.

Ze maakt een appgroepje aan, ‘Zorg Links’, en voegt SP-collega Maarten Hijink en John Kerstens van de PvdA toe. Ze zijn alle drie al een tijdje bezorgd over de wet – en de financiële gevolgen voor de gemeenten. De VNG, de belangenorganisatie van gemeenten, ook. En veel wethouders.

Ellemeet stuurt ook een bericht naar SGP-leider Kees van der Staaij, of ze na het weekend kunnen bellen. Ze belt met 50Plus, met Denk en ook Thierry Baudet van Forum voor Democratie, nu de grootste partij in de Eerste Kamer. Ellemeet en Baudet waren tijdens hun studie allebei lid van studentenvereniging V.N.I.C.A. in Amsterdam. Dat helpt nu. Baudet heeft zich niet verdiept in het onderwerp, maar laat zich door Ellemeet overtuigen. Hij zal een motie daarover steunen. SP’er Hijink neemt contact op met de PVV en de Partij voor de Dieren.

Lees ook: zo doe je zaken met een politieke nieuwkomer zoals Forum voor Democratie.

Op maandagmiddag 25 maart om 15:49 is er een eerste tekst voor een motie. Van de héle oppositie – zo kan De Jonge straks geen zaken meer doen met linkse of rechtse partijen, maar zal hij nu al moeten luisteren naar de oppositie-wensen.

Die eerste motie eist dat Rutte III gemeenten meer geld geeft als de nieuwe wet leidt tot extra kosten voor zorg. GroenLinks en de SP, die de motie zal indienen, hebben al een persbericht klaarliggen: ‘Voltallige oppositie: compenseer gemeenten voor hogere uitgaven’.

Net voor het eerste debat over de wet ontdekt Hugo de Jonge wat de oppositie aan het doen is. En dat zijn wet dus in gevaar is. In het debat komt hij zelf nog niet aan het woord, dat staat pas een week later op de agenda. Hij zit, zoals hij gewend is, vanuit het kabinetsvak te appen met Kamerleden. Die maken zich, vindt hij, vooral druk over „de portemonnee” van gemeenten, hijzelf over die van mensen. De Jonge weet dat niet iedereen op zulke berichtjes zit te wachten. SP-Kamerlid Hijink krijgt ze niet. „Ik ga echt niet een soort schaduwdebat voeren over de app met de minister”, zegt Hijink later.

Bij de lunch na dat debat, in het Ledenrestaurant, maakt De Jonge GroenLinks en de SGP duidelijk dat hij best naar de oppositie wil luisteren. Als dat maar niet betekent dat de gemeenten een blanco cheque krijgen. Aan tafel krijgt iedereen het idee: we komen er uit.

Er moet wel een nieuwe motie komen. De tekst is minder scherp, de oppositie vraagt nog wel om „financiële compensatie” als blijkt dat de wet gemeenten veel geld kost. Hijink stuurt de motie op donderdagavond naar de politiek adviseur van De Jonge, Bart van den Brink. Ze kennen elkaar goed. Van den Brink was eerder de woordvoerder van het CDA, Hijink die van de SP-fractie. Ze wonen allebei in Amersfoort. Hijink woont in de straat waar de vader van Van den Brink is geboren. Vlakbij de kerk die in de Tweede Wereldoorlog de thuisbasis was van het verzet. En daar was Van den Brinks opa actief in. Daar praten ze soms over.

Het ministerie schrijft mee

De politiek adviseur laat een paar dagen niks van zich horen, hij overlegt met ambtenaren en de minister. Op zondagavond stuurt hij een andere tekst terug. ‘Financiële compensatie’ staat niet meer in de motie. In plaats daarvan gaat het over „maatregelen” die „in samenspraak” met de gemeenten genomen kunnen worden als blijkt dat ze te weinig geld hebben. Als gemeenten slecht beleid voeren en daardoor te kort komen, wil het ministerie ze niet zomaar geld geven.

De oppositiepartijen vinden het maar niks dat het ministerie op eigen houtje hún motie verandert. „Dat staat me tegen”, zegt Hijink later. En Van der Staaij: „Ik hecht eraan om met eigen teksten te werken.” Ze vinden het ook geen goede tekst.

Hun probleem is wel steeds dat ze liever niet willen stemmen tegen een wet waardoor zieke of kwetsbare mensen minder geld kwijt zijn. Want hoe leg je dat uit aan kiezers? En dus blijven ze overleggen. Vanaf dinsdag praten Ellemeet van GroenLinks en Hijink van de SP ook met VVD-Kamerlid Sophie Hermans – die spreekt namens de hele coalitie.

VVD, CDA, D66 en ChristenUnie weten dan al een paar dagen dat Hugo de Jonge met de oppositie onderhandelt. En zíj dan? Als regeringspartijen zien zij zo’n ‘blanco cheque’ voor gemeenten ook niet zitten. Bij de koffie in het Tweede Kamerrestaurant zeggen Ellemeet en Hijink tegen hun collega van de VVD: doe dan zelf een voorstel voor een motie.

En dag voor het tweede debat komt Sophie Hermans met de tekst van een motie die het uiteindelijk ook zal worden – ondertekend door alle partijen in Tweede Kamer. Dat gebeurt zelden. De minister, staat erin, blijft „aanspreekbaar” als het gemeenten niet lukt om de zorg voor mensen goedkoper te maken, zoals de bedoeling is. Extra geld kan, maar pas als na onderzoek blijkt dat een gemeente het niet op een andere manier kan oplossen.

De oppositie wil in het tweede debat van minister De Jonge ook nog eens duidelijk horen dat Rutte III bereid is om de portemonnee te trekken. Zo’n uitspraak komt dan in het verslag van het debat te staan. De Jonge belooft dat en zegt het ook. Een paar keer zelfs. Corinne Ellemeet vindt dat belangrijk: „Zo kunnen we de minister aan zijn uitspraak houden.”

Helemaal aan het eind van het debat noemt SGP-leider Van der Staaij het „heel bijzonder” hoe alle partijen met elkaar hebben samengewerkt. Echte vernieuwing, vindt hij. Ellemeet is blij met het compromis: het risico dat mensen alsnog minder geld voor zorg krijgen is verdwenen, zegt ze. Ze ziet ook de symboliek: „De oppositie kan nu een plek veroveren op het speelveld en de minister en coalitie dwingen om te bewegen.”

Wie niet blij is: Fleur Agema van de PVV. Ze doorziet nu wat er aan de lunchtafel is besproken. Een „niks motie” noemt ze het eindvoorstel, waar nog steeds ook háár handtekening onder staat. Dat verklaart ze zo: „Ik wilde geen spelbreker zijn.”

Als afgelopen dinsdag in de Tweede Kamer voor de motie en voor de wet wordt gestemd en 150 vingers de lucht in gaan, kijkt VVD’er Sophie Hermans even de plenaire zaal rond. Mooi, vindt ze.

Hugo de Jonge twittert die middag: „Goed nieuws.” Door de nieuwe wet gaan meer dan 150.000 mensen minder betalen voor hulp of dagbesteding, voor zo’n vijftigduizend mensen scheelt het zelfs meer dan 100 euro per maand.

Dat er in de media zo weinig aandacht voor is, zit de coalitiepartijen en de minister daarna nog wel dwars. Een betrokkene zegt: „Maar dat is het verdriet van regeren.”