Opinie

    • Caroline de Gruyter

Opgelost in zoutzuur

Dus de Britten blijven nog zes maanden hangen. En misschien langer. Ze worden nu naar een hoekje van de Europese Unie gemanoeuvreerd waar ze de anderen zo min mogelijk hinderen. Ze zitten erin, en toch ook nauwelijks meer. Wel stemmen in mei, maar geen eurocommissaris. En goed gedragen, graag.

Dit rommeltje is waarschijnlijk onvermijdelijk. Bijna niemand wil Groot-Brittannië zonder deal laten vertrekken, om economische schade te beperken. Alleen president Macron wilde het riskeren. Hij werd erom verguisd – wat wílde die man, wat was zijn agenda? Het laatste wat de 27 willen, is later het verwijt krijgen dat ze de Britten overboord hebben geduwd. Dus blijft de EU het oude deuntje zingen: „So tell me what you want / what you really really want?”

Maar kijk uit, zachte heelmeesters maken stinkende wonden.

In Praag, vorige week, vertelde een Tsjech waarom de Fluwelen Scheiding in 1993 zo vlekkeloos verliep: omdat ze supersnel werd uitgevoerd. Op 5 juni 1992 won Vaclav Klaus de verkiezingen aan Tsjechische kant. Op 6 juni zegevierde Vladimir Meciar aan Slowaakse kant. Op 8 juni besloten deze twee om het land te splitsen. Er werd geen referendum gehouden. De meeste burgers waren tegen, al ruziede het parlement al tijden over wel of geen streepje tussen Tsjecho en Slowakije. President Havel trad in juli af. Hij wilde niet verantwoordelijk zijn. Eind augustus lag er een scheidingsovereenkomst. In november was er een akkoord over de verdeling van de federale boedel – leger, burgerschap, gebouwen. Op 1 januari werden mensen wakker in twee verschillende landen.

Tsjechen en Slowaken zijn nu hele goede vrienden. Ambassadeurs in het buitenland organiseren samen concerten en recepties, alsof het doodnormaal is. Hun gebrek aan bitterheid is indrukwekkend. Het geheim? „Snel, klinisch handelen,” zei de Tsjech. „Zodat niemand tijd heeft om verzet te organiseren, van gedachten te veranderen of de status-quo te idealiseren.”

Je kunt niet zeggen: we zijn vrienden, we improviseren wat

Tsjechoslowakije is de EU niet. Het gaat nu niet om een scheiding die gewild is door leiders van beide kanten, waarbij je tanks, gebouwen en paspoorten soepel verdeelt. Brexit gaat over een land dat een grote club wil verlaten, maar niet wil accepteren dat het dan de status van niet-lid krijgt. De Britten willen buitengaats blijven profiteren van de voordelen van het lidmaatschap. Dat kan niet. De EU is een community of law. Regels schragen de markt. Als lidstaten zich eraan moeten houden, kun je buitenstaanders niet matsen. Als de grens tussen het VK en de EU straks dwars door Ierland loopt, moet de EU grensposten optrekken en tientallen controles doen op BTW, vlees, melk, enzovoort. Je kunt niet zeggen: we zijn vrienden, we improviseren wat. Binnen twee weken wordt de Ierse ‘niet-grens’ dé ingang voor mondiale dump- en smokkelwaar in de EU. Dat maakt onze markt kapot.

Drie jaar duurt dit gedoe nu bijna. Aan beide kanten groeit irritatie en valse hoop.

Het jongste uitstel is een risico voor de EU. Niet alleen omdat je een niet-functionerend lid niet eeuwig binnen kunt houden zonder het soort averij op te lopen waar Macron bang voor is: sabotage, veto’s, enzovoort. Maar ook omdat de EU zichzelf langzaam oplost, zoals een lichaam in zoutzuur ontbindt, als het verschil tussen lidstaten en buitenstaanders vervaagt. Dit gebeurt als je lidstaten met teveel goodies laat vertrekken, maar ook als je tolereert dat lidstaten zich teveel als buitenstaanders gedragen.

Want wat is ‘in’, en wat is ‘uit’ dan nog? Sluwe politici als Baudet spelen hier al mee. Wel Nexit, toch niet. In, uit, wat maakt het allemaal ook uit.

En als het allemaal niks meer uitmaakt, gaat iedereen weer zijn eigen gang. Daarom is er voor een clean cut wel iets te zeggen.

Caroline de Gruyter schrijft wekelijks over politiek en Europa.