Niet naar huis zonder kroketjes

De Toerist Steeds meer buitenlandse toeristen bezoeken Nederland, in 2018 ruim 19 miljoen. Wie zijn het?

Myriam Ourvouai uit Frankrijk.
Myriam Ourvouai uit Frankrijk. Pepijn Keppel

De regenboogvlaggen in de Amsterdamse Reguliersdwarsstraat steken fel af tegen de lichtblauwe lucht. Myriam Ourvouai (19) wijst naar een van de vlaggen, draait een rondje om haar as en roept dan met een Frans accent „kroketjes”. Haar twee vriendinnen lachen. Ourvouai lacht het hardst.

„Weet je waar ik kroketjes kan kopen? Die van Van Dobben?”, vraagt ze als ze dichterbij komt. Hun trein naar Parijs vertrekt over een paar uur. Ourvouai opent een diepvriestas met een ferme ruk aan de hengsels. Hij is leeg. „Ik kan niet zonder kroketjes thuiskomen. Toen mijn moeder vroeger op familiebezoek ging naar Nederland, nam ze altijd kroketten mee voor mij en mijn broers, een feestmaal. Nu wil ik haar verrassen.”

De drie vriendinnen zijn voor het eerst samen op reis. Ourvouais ouders vonden het best spannend, de afgelopen drie dagen. „Zo lang ben ik nog nooit zonder hen buiten Frankrijk geweest. Ik ben wel vaker in Amsterdam geweest, mijn moeder is hier opgegroeid. Ik ken de weg al best goed, weet in welke buurten ik wel en niet kan komen. Dat stelde ze gerust.”

Voor mij is het belangrijk om op eigen benen te leren staan

Dat haar ouders het spannend vonden, vindt ze helemaal niet erg. „Het is een kwestie van loslaten. Dat is een proces, voor zowel mijn ouders als voor mijzelf. Ik begrijp dat het lastig voor ze is. Maar voor mij is het belangrijk om op eigen benen te leren staan. En fouten te maken. Die maak je nou eenmaal minder snel als je ouders in de buurt zijn, terwijl je er juist zoveel van leert.”

Wat ze de afgelopen dagen leerde? „Dat ik hier best zou kunnen wonen. Nederlanders zien er gelukkiger uit dan Fransen, dat past beter bij me. In Parijs kijkt iedereen chagrijnig. Oh, en dat ik écht gek ben op kroketjes.”