Recensie

Recensie Uit eten

Prima Japans en Chinees, nu alleen nog wat meer variatie

Foto Rob van Dullemen
Foto Rob van Dullemen

Veel Chin. Ind. Spec. Rest. in Nederland hebben het laatste decennium hun keuken van Hollands-Chinees naar Japans omgeturnd, doodeenvoudig omdat daar meer vraag naar is. Dat het ook anders kan bewijst Mister Chen X Cha House in Amsterdam-Oost sinds eind 2016: een eetcafé in Chinees-Japanse stijl met dito keuken, eigenlijk een kruising tussen de ‘yam cha’ (dimsummen bij een kop thee) uit Hong Kong en de izakaya (pub) uit Tokyo. En dat staat ook op de kaart: „From Hongkong to Tokyo”. Een prettig huwelijk – soms heb je zin in sushi of ramen, dan weer in dimsum of Sichuan beef; en Cha House komt met beide keukens een eind.

Als we binnenkomen, steekt de Chinese dame in de bediening in de hal net wat wierook aan en begroet de goden. Vervolgens neemt ze onze bestelling op en dan blijkt al snel dat ze wel héél gebrekkig Nederlands spreekt en ook haar Engels is niet al te best, wat ons allen qua taal een bumpy avond oplevert. We proberen elkaar te verstaan, maar we komen er niet precies achter of haar antwoorden wel bij onze vragen passen. Verder voelen wij ons vooral welkom en op ons gemak in deze ruime, lichte zaak waarin Chinese waving cats (die overigens ook Japans schijnen te zijn) en afbeeldingen van grote Chinese leiders om de aandacht vechten. Het is een grappige eclectische mix, we zitten op stoelen die in een Amerikaanse diner niet zouden misstaan, eten met stokjes en toch heeft het interieur ook wel iets Scandinavisch, iets sobers.

We kiezen natuurlijk zowel Chinees als Japans, dus vier stukjes sushi (Golden Dragon 9,-) en dimsums (Iberico Siu Mai, 8,-), een kom ramen met extra varkensvlees en shiitake (tonkotsu, 13,50 + 3,- + 1,50) en crispy pork belly, varkensbuik (15,-) met witte rijst (1,-) en we drinken jasmijnthee (2,50), een glas koude sake (4,50) en een flesje tsing tao bier (4,20). De sushi is dik in orde: krokante garnaal in panko gefrituurd met bovenop komkommer, avocado, tonijn en zalm en wat verkruimelde wontonvellen erover.

De dimsums zijn van flink formaat en hebben inderdaad de smaak van Iberico-ham en de bijgeleverde saus is authentiek, een beetje vissig en blijkt bij navraag een huisgemaakte sambalsaus te zijn. De ramen valt een beetje tegen. Niet zozeer door de heerlijke ingrediënten (mooi getrancheerd varkensvlees, een half ei, spinazie, shiitake, zeewier, noedels), maar door de bouillon. De kracht van ramen zit ’m in de bouillon, bij tonkotsu is die van varken, zowel vlees als bot worden urenlang getrokken, en die hoort een beetje vettig te zijn. Hier ontbreekt dat vettige, er drijven geen oogjes op de soep, dat is nou juist zo lekker.

Het knapperig gebakken buikspek is heerlijk en vol en vet van smaak, alleen jammer dat er geen enkele groente bij komt. Dus we bestellen een portie Chinese groenten (7,50) in oestersaus, gewokte mini paksoi, het zou ook amsoi (van Caribische oorsprong) kunnen zijn. Zonder opsmuk, tikkie bitter en knapperig, heel lekker.

Inmiddels is de zaak leeg en zitten we moederziel alleen te overwegen of we nog een dessert zullen nemen. We nippen wat aan onze uitstekende, koude en zachte sake en hete jasmijnthee en de keuze komt – heel boeddhistisch – vanzelf: ze hebben geen desserts hier.

Er wordt prima gekookt in dit Aziatisch eethuis, de gerechten – zowel de Japanse als Chinese – worden bijna allemaal goed uitgevoerd, maar toch missen we iets. Net even wat extra aandacht voor de variatie op de kaart, wat meer keuze wat betreft sake, Aziatisch bier en thee en bovenal wat meer tekst en uitleg aan tafel. Omdat je zowel rijst als groenten moet bij bestellen (en betalen), zit je hier bepaald niet voor een dubbeltje op de eerste rang en dus mag je ook wel wat extra service verwachten. Tegelijkertijd hebben we veel sympathie voor de zaak, omdat de sfeer er relaxed en prettig is en dat is ook wat waard!

Journalist en recensent Petra Possel test wekelijks een restaurant in en om Amsterdam.