‘Sprankje vernieuwing’ bij de Raad van State

Jaarverslag De Raad van State wil zichtbaarder en relevanter worden. Het jaarverslag werd vernieuwend gebracht, met een vertrouwde boodschap.

Vicepresident Thom de Graaf van de Raad van State
Vicepresident Thom de Graaf van de Raad van State Foto REMKO DE WAAL/anp

Er waren macarons met het logo van de Raad van State, een symposium met eminente sprekers en het geheel vond niet plaats in een zaaltje in het Haagse perscentrum Nieuwspoort, zoals de laatste jaren gebruikelijk, maar in het eigen paleis aan de Haagse Kneuterdijk. Een „sprankje vernieuwing”, noemde vicepresident Thom de Graaf het donderdag, toen de Raad van State zijn jaarverslag presenteerde.

Wat hetzelfde blijft als altijd: een ferme waarschuwing van de belangrijkste juridische adviseur van regering en parlement. Ditmaal over hoe de Tweede Kamer een „stempelmachine” wordt die wetgeving alleen nog van goedkeuring voorziet, in plaats van zélf politiek beleid maakt. Dat komt volgens de Raad door de maatschappelijke akkoorden die de laatste jaren gesloten worden en waarvan de plannen enkel nog een „stempel” van legitimiteit door de Kamer moeten krijgen.

Het woonakkoord, het energieakkoord, nu het klimaatakkoord: de besluiten worden niet in het parlement genomen, maar door maatschappelijke organisaties.

Het is begrijpelijk dat de politiek dat soort akkoorden steunt, schrijft de Raad in zijn jaarverslag. Toenemende maatschappelijke complexiteit en politieke versplintering maken dat draagvlak voor beleid minder vanzelfsprekend is dan voorheen. Maar het gevolg is wel dat het parlement niet meer de grenzen van de wet bepaalt en dat het algemeen belang uit zicht raakt. Je kunt van bijvoorbeeld Shell of woningcorporaties niet verwachten dat ze tijdens het sluiten van zo’n akkoord dat algemene belang voor ogen hebben; ze zitten er voor zichzelf.

„Dat alles vraagt om herbezinning op de waarde van de wet door de wetgever, het parlement”, zegt De Graaf ’s ochtends, als hij samen met Bart Jan van Ettekoven (voorzitter van de afdeling bestuursrechtspraak) het jaarverslag presenteert aan de pers. Niet meer in een zaaltje in Nieuwspoort, maar in het eigen paleis, met kroonluchters aan het plafond en landschapsschilderijen aan de muur. Het is De Graafs eerste jaarverslag sinds hij in november vorig jaar Piet Hein Donner opvolgde als ‘onderkoning’ – koning Willem-Alexander is president van de Raad van State.

‘Maak jezelf weer relevant’

’s Middags, tijdens een symposium over „de waarde van de wet”, herhaalde De Graaf die boodschap aan het parlement: maak jezelf weer relevant, herwaardeer het wetgevingsproces. Ook het symposium was nieuw, maar de toehoorders van de boodschap waren degenen die al jaren dit debat voeren. In de balzaal van het paleis zitten staatsraden (de adviserende of rechtsprekende leden van de Raad), topambtenaren, wetgevingsjuristen en SGP’er Kees van der Staaij, ex-jurist bij de Raad van State.

Zij horen Ankie Broekers-Knol (VVD), voorzitter van de Eerste Kamer, waarschuwen voor het gebrek aan „tegenwicht, tegenspraak en tegenmacht” van de Tweede Kamer. Regeerakkoorden worden steeds gedetailleerder, „schijnbaar bij gebrek aan vertrouwen in elkaar”. De Tweede Kamer komt volgens haar „klem” te zitten tussen „het regeerakkoord en zijn wetgevingsverantwoordelijkheid”. Als voorbeeld noemt ze de afschaffing van de dividendbelasting, die in geen enkel verkiezingsprogramma stond maar wél in het regeerakkoord. „De kiezer voelt zich niet alleen buitenspel gezet, maar ís dat ook.” De maatregel werd uiteindelijk ingetrokken.

Lees ook: Raad van State: parlement maakt zichzelf machteloos door akkoorden

Ook Jaap Polak, lid van de Raad van State, waarschuwt voor het buitenspel plaatsen van burgers. „Veel burgers zijn niet betrokken bij de akkoorden die worden gesloten.” Juist de Tweede Kamer moet hun belangen vertegenwoordigen, zegt hij, in plaats van de plannen die uit de akkoorden komen enkel als wet aan te nemen.

Het symposium is een van de manieren waarop de Raad zichtbaarder en relevanter wil worden. Een andere manier: meer ongevraagde adviezen geven, zoals vorig jaar over de digitaliserende overheid. De Graaf: „Dat had impact. Dat willen we vaker zo doen. Het is grote vooruitgang.”