Gewoon luisteren naar verlangens van de ouderen

Verpleegzorg Schrap de regels en vraag ouderen in verpleeghuizen wat ze zelf willen. Dat werkt heel goed, blijkt uit het project Leefplezierplan.

In Woonhuis Wageningen verdiepen medewerkers zich in de levensverhalen van bewoners. De ouderen hebben er veel meer vrijheid dan in de traditionele verpleegzorg.
In Woonhuis Wageningen verdiepen medewerkers zich in de levensverhalen van bewoners. De ouderen hebben er veel meer vrijheid dan in de traditionele verpleegzorg. Foto’s Bram Petraeus

Een oude vrouw die aan parkinson lijdt, werd prima verzorgd. Het eten kwam op tijd, de medicijnen, de steunkousen. Maar ze was ongelukkig. De verzorgsters begrepen dat niet, tot ze een keer de tijd namen om met haar te praten. Wat bleek: ze had het contact met haar kleinkinderen verloren door de scheiding van haar zoon. Ze wilde maar één ding: de kleinkinderen zien voordat ze stierf. Het personeel ging op zoek. De kleinkinderen zijn op bezoek gekomen.

Het is een van de vele voorbeelden uit het vorige week afgeronde project ‘Leefplezierplan’ in de zorg, van kennisinstituut Leyden Academy. In elf verpleegtehuizen werden afgelopen twee jaar verzorgingsteams getraind om regels los te laten en meer naar de mens te kijken. Hoogleraar ouderengeneeskunde en projectleider Joris Slaets: „Daar worden de ouderen beter van, hun naasten, maar ook het personeel. In het herstellen van het contact met de kleinkinderen konden ze écht wat voor de bewoonster betekenen.”

Het project krijgt een vervolg: de elf organisaties die meededen aan dit project gaan nu op meer afdelingen zo werken.

Naar de mens kijken in een verpleeghuis klinkt vanzelfsprekend maar dat is het niet. In sommige verpleeghuizen had elke oudere een dossier van zeventig pagina’s. „We hebben aan het personeel gevraagd: ‘Wat vind jij van belang in die dossiers en wat is administratieve rommel? Ga maar schrappen.’ Er bleven per oudere twintig pagina’s over.”

Verlangens

In de loop der jaren is het personeel in verzorgings- en verpleeghuizen vooral gaan vragen naar behoeften van de oudere, zegt Slaets, niet naar verlangens. Behoeften als: Heeft u het koud? Wilt u naar de wc? Slaets: „Als je mensen daarnaast afrekent op afvinklijstjes – heb ik geprikt, gemeten, geplakt, gewassen? – dan handelen ze daarnaar.”

Verlangens draaien om grotere zaken: Wie wilt u zien? Waar wordt u blij van? Hoe kunnen we dat organiseren? „De meeste verzorgers zeiden aanvankelijk dat ze geen tijd hadden om de bewoners en hun verlangens te leren kennen en erop in te spelen. Maar dat blijkt te kunnen met dezelfde mensen en middelen. Je moet gewoon overbodige plichten schrappen. Leefplezier zit vaak in kleine alledaagse dingen.”

De zorg is volgens Slaets zo onpersoonlijk geworden door de grote schaal van de instellingen en de behoefte van hogerhand (directie, inspectie, zorgkantoor) om alles te controleren. Slaets: „Medewerkers zijn erg voorzichtig. Ze hebben het druk, volgen de regels en afvinklijstjes. Elke keer als er een incident is – iemand valt of loopt weg – komen er nieuwe regels.”

In het Woonhuis Wageningen van Wonen bij September, een zorgorganisatie voor demente ouderen, hangt een anarchistisch sfeertje. De organisatie deed mee aan het Leefplezierplan. Vrijheid is hier het sleutelwoord, zegt verzorgster Audrey. „Iedereen mag naar buiten wanneer ze wil [16 van de 18 bewoners zijn vrouw]. We straffen niet als iemand de wijk in loopt, doe lekker! Als je langer wilt uitslapen, dan mag dat. Je mag elke dag meedoen met koken of mee naar de winkel, maar dat hoeft niet.”

Glaasje wijn

Leidinggevende Bea de Wilde werkt hier sinds kort: „Ik merkte dat ik zelf was gehospitaliseerd in mijn eerdere baan bij een groot verpleeghuis. Ik was gewend aan regels en schema’s. Ik zat hier in mijn eerste week ’s avonds televisie te kijken met een bewoonster en we dronken een glaasje. Ik dacht: ‘Hè? Mag dit wel? Ik drink een glas wijn met een bewoner.’ Maar het mocht.”

Lees ook het opinieartikel van Hugo Borst en Carin Gaemers over afrekencultuur in de ouderenzorg: We gaan ten onder aan bestuurlijke obesitas

Marleen Visser (90) woont hier sinds dertien maanden. Ze zit in haar kamer en praat honderduit. Een vrolijke vrouw, met zilveren sieraden en een groene schaapswollen trui. Ze laat het grote bord zien dat ze met een verzorger maakte over haar leven, voor het Leefplezier-project. Zeven jaar woonde Marleen in Sri Lanka. Ze leerde Engels, in Zuid-Engeland na de oorlog, en gaf in Nederland Engelse les aan volwassenen. „Dat waren rijke boerenvrouwen die naar Amerika wilden.” Af en toe raakt ze de draad kwijt. „Geef ik nu les?”

Verzorger Janny: „We hadden dit allemaal niet geweten als we het niet in kaart hadden gebracht samen.”

Visser ging haar hele leven elke dag wandelen. „Dat zit gewoon in mijn benen.” Ze wil dat nog steeds; een keer per week komt iemand met haar wandelen in Wageningen. Ze bezoekt wekelijks de doopsgezinde kerk en drinkt sterke thee met een wolkje melk. Haar dochter Marijtje komt vaak langs en regelt alles voor haar voeten: pedicure, goede schoenen om op te lopen. „De verzorgers zijn moeder steeds meer als individu gaan zien.”

Audrey heeft in veel verpleeghuizen gewerkt. „Vaak was het lopendebandwerk. Dan kwam je ’s ochtends binnen en moest iedereen die dag gedoucht worden. Omdat het moest. Hier douchen we gewoon wanneer de bewoner dat wil. Alleen als ze echt lang niet willen douchen en vies worden, wassen we op een andere manier.”

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.