Wie is de nieuwe president van de Wereldbank?

Macro-economie Botst David Malpass, de nieuwe president van de Wereldbank, met China? Wellicht verschaft de voorjaarsvergadering deze week meer duidelijkheid.

David Malpass spreekt in het Witte Huis, bij de bekendmaking van zijn kandidatuur voor de Wereldbank.
David Malpass spreekt in het Witte Huis, bij de bekendmaking van zijn kandidatuur voor de Wereldbank. Foto Brendan Smialowski / AFP)

Met de unanieme benoeming vorige week van David R. Malpass, een Trump-vertrouweling, als president van de Wereldbank, heeft het bestuur van de bank zijn anachronistische benoemingsbeleid weer bevestigd. Voor de 13de keer op rij kreeg een Amerikaan de leiding. Het is een overblijfsel uit de begintijd van het instituut, de jaren veertig van de vorige eeuw. Amerika mag de baas van de Wereldbank voordragen, zoals Europa het voortouw mag nemen als het de toppositie van het Internationaal Monetair Fonds betreft.

De benoemingsprocedure toont de onmacht van deze instituten om zich te verhouden tot de veranderende situatie in de wereld. Daarmee rijst gelijk de vraag of ze het hoofd kunnen bieden aan een van de grootste risico’s in de huidige wereldeconomie: economische supermachten China en de VS die zich elk op hun eigen helft van de wereld terugtrekken.

Realiteitszin

Het IMF en de Wereldbank houden deze week hun voorjaarsvergaderingen in Washington. Voor Malpass (63) is het de eerste kans om de 188 leden van de Wereldbank-gemeenschap te laten zien waar hij nu werkelijk voor staat.

Daarover bestond voorafgaand aan zijn benoeming nogal wat zorg. Als onderminister voor internationale zaken op het Amerikaanse ministerie van Financiën was hij de laatste jaren uitermate kritisch over multilaterale instituten als de Wereldbank. Multilateralisme was te ver doorgeschoten zei hij meermaals, zozeer zelfs dat het de Amerikaanse en mondiale groei zou schaden. Hij wil meer focus op hulp aan echt arme landen, en minder geld voor economische samenwerking. Ook vindt hij dat de Wereldbank minder uit moet lenen aan China, dat volgens hem op eigen benen kan staan.

David Malpass heeft een reputatie als criticus van de Wereldbank. Juist daarom wil president Trump de controversiële econoom als leider van het instituut.

De benoeming van Malpass laat zich dan ook vooral lezen als een verdere verscherping van de geopolitieke scheidslijnen in de wereld. Voor de handelsspanningen tussen Amerika en China kan Malpass’ benoeming olie op het vuur zijn. Niet voor niets wierp het blad Foreign Policy eerder dit jaar de vraag op of Malpass de Wereldbank zal gaan leiden of gaan ruïneren.

Sinds zijn nominatie bekend werd, in februari, heeft Malpass een iets gematigder toon aangeslagen over het instituut zelf en over de rol ervan in de wereldeconomie. Dat bleek voldoende om steun te verwerven voor zijn benoeming. Met name in Europa blijven vraagtekens bestaan of Malpass de inspanningen van de Wereldbank om iets aan het klimaatprobleem te doen overeind zal houden.

Tegelijkertijd getuigen de opvattingen van Malpass over de rol van China in de wereldeconomie van realiteitszin. China heeft de laatste jaren zijn invloed in de wereld vergroot, via leningen aan landen in Azië, Afrika en Latijns-Amerika en sinds kort ook in Europa, met name om de Nieuwe Zijderoute vorm te geven. Dit zogenoemde Belt and Road Initiative kan overigens ook nog op financiële steun rekenen van de Wereldbank.

Concurrent

De vrees bestaat dat China met die nieuwe handelsroute en verwante investeringen en leningen een steeds groter deel van de wereld afhankelijk van zich zal maken – en zo zijn politieke invloed vergroot. Diplomatie met het chequeboek in de hand.

In 2015 nam China het voortouw bij de oprichting van de Asian Infrastructure Investment Bank, bedoeld als regelrechte concurrent van de Wereldbank. Tegelijkertijd bleef het land geld lenen van de Wereldbank. Critici stellen dat China zo goedkope Wereldbankleningen omkat in geopolitieke instrumenten.

Als Malpass zijn eerdere kritiek op de Wereldbank gestand doet, zal hij de invloed van de bank willen verkleinen. De vraag is of dat China pijn zal doen of dat het de Chinezen juist de ruimte biedt een zwaarder stempel op de wereldeconomie te drukken.

Het lijdt geen twijfel dat de Wereldbank en de mondiale economie erbij gebaat zijn om China dicht tegen zich aan te houden in plaats van verder van zich te vervreemden, schreef The Economist al in februari, zeker als de doelen van China en de Wereldbank op het gebied van armoedebestrijding hand in hand gaan. Malpass zelf liet in een interview in The New York Times vorige maand blijken die lijn te ondersteunen.

Alleen zo kan de Wereldbank een bank van (bijna) de hele wereld blijven, en niet alleen van de westerse.