VN kijken machteloos toe bij militieslag in Tripoli

De NAVO hielp bij de val van Gaddafi, maar had geen plan voor het vervolg. Sindsdien maken milities de dienst uit in Libië.

Militieleden die vechten tegen de troepen van Haftar bereiden zich voor op de strijd in Tripoli.
Militieleden die vechten tegen de troepen van Haftar bereiden zich voor op de strijd in Tripoli. Foto Hani Amara/Reuters

De Libische hoofdstad Tripoli is sinds eind vorige week weer het toneel van gevechten. Vier vragen over een conflict dat met tussenpozen al acht jaar woedt en telkens oplaait.

  1. Wie vecht tegen wie bij de strijd rond Tripoli?

    Op deze vraag zou het antwoord eenvoudig moeten zijn, maar dit is Libië. Men zou kunnen zeggen dat Khalifa Haftar, een militieleider, een oorlog voert tegen de internationaal erkende regering van premier Fayez al-Sarraj in Tripoli. Maar men kan even goed zeggen dat Haftar, stafchef van het Libische Nationale Leger, vecht tegen een amalgaam van milities die zich in Tripoli verrijken met allerlei criminele activiteiten. Beide zijn waar.

    De huidige situatie in Libië komt voort uit de verkiezingen van 2014. De islamitische partijen kregen toen zware klappen en weigerden de uitslag te erkennen. Daarop verhuisde het nieuw verkozen parlement naar Tobruk in het oosten van het land, met een regering in Baida, terwijl de oude regering in Tripoli bleef.

    De situatie werd er nog gecompliceerder op toen in 2016 onder VN-auspiciën een derde regering werd gevormd, de regering van nationale eenheid van premier al-Sarraj. Die had de Libiërs moeten verenigen, maar de regering in het oosten weigerde haar te erkennen, en in Tripoli is premier al-Sarraj geheel afhankelijk van de milities.

    Onderzoekers van het Libische conflict Wolfram Lacher en Alaa al-Idrissi maken de internationale gemeenschap ook verwijten. „De VN en de Westerse regeringen hebben [de regering-al-Serraj] aangemoedigd zich in Tripoli te installeren onder de bescherming van de milities, waardoor zij de macht van die milities nog hebben versterkt”, stellen zij in een rapport uit juni 2018.

  2. Profiel: is Khalifa Haftar een rancuneuze oude man of redder van Libië?
  3. Hoe heeft Haftar kunnen uitgroeien tot zo’n machtige speler?

    Khalifa Haftar, een oudgediende van het leger van Gaddafi, verklaarde in 2014 de oorlog aan de extremistische milities in Oost-Libië. Hij deed dat in naam van het Libische Nationale Leger maar dat was in werkelijkheid ook gewoon een militie, zij het eentje met veel oud-Gaddafi-soldaten in zijn rangen. In 2015 werd Haftar wel benoemd tot stafchef van het leger van de regering in het oosten, die toen nog de internationaal erkende regering was. Maar niets wijst erop dat Haftar die regering gehoorzaamt.

    Nadat Haftar na een lange strijd de extremistische milities in het oosten had uitgeschakeld, verplaatste hij de laatste maanden zijn aandacht naar het zuiden. De bevolking in de verwaarloosde provincie Fezzan verwelkomde Haftars troepen. Er zijn aanwijzingen dat de bevolking van Tripoli Haftar goedgezind is. Maar de milities die Tripoli controleren willen hun machtspositie niet zomaar opgeven.

  4. Waarom blijven milities zo’n grote rol spelen in Libië?

    Alles begint met de opstand tegen de vroegere leider Moammar Gaddafi in 2011. De NAVO helpt met zijn luchtsteun de rebellen aan een zege, maar heeft niet echt een plan voor het post-Gaddafi-tijdperk. Barack Obama heeft dat de „grootste fout van zijn presidentschap” genoemd.

    De voorlopige regering van de rebellen aarzelt te lang om naar Tripoli te verhuizen. Dat stelt de milities die deelgenomen hadden aan het slotoffensief in staat om wortel te schieten in de hoofdstad.

    Een andere kapitale fout is de beslissing van opeenvolgende regeringen militieleden op de loonlijst van de overheid te zetten. Daardoor groeit het aantal militieleden exponentieel: van 20.000 in 2011 tot 300.000 in 2014. Zelfs wanneer de milities onderling slaags raken, blijft de Libische centrale bank de strijders aan beide kanten uitbetalen met de olie-inkomsten.

    Pogingen de milities te ontwapenen of te laten opgaan in een nieuw, officieel leger, zijn steeds mislukt en hebben er in feite voor gezorgd dat de milities nog sterker werden.

    Uit Tripoli: de inwoners zijn niet per se tegen de komst van Haftar

    In Tripoli, stellen Larcher en al-Idrissi, zijn de milities intussen uitgegroeid tot een crimineel kartel. „Zij hebben de bureaucratie geïnfiltreerd en zijn steeds meer in staat hun activiteiten te coördineren met de staatsinstellingen. Afpersing en fraude op grote schaal hebben de plaats ingenomen van salarissen als voornaamste bron van inkomsten. De regering staat geheel machteloos tegenover de invloed van de milities.”

  5. Wat kan de internationale gemeenschap doen?

    Het illustreert de onmacht van de internationale gemeenschap dat Haftar zijn offensief heeft gelanceerd vlak voor de door de VN gesponsorde vredesbesprekingen van 14 april. De VN maken zich er sterk voor dat dat overleg toch doorgaat.

    De VN-conferentie beoogt een routekaart te maken die tot nieuwe verkiezingen van een parlement en een president leiden tegen eind dit jaar. De internationale gemeenschap is ook verdeeld over Libië. Haftar geniet de steun van Egypte, de Verenigde Arabische Emiraten, Rusland en Frankrijk. Rusland zegde die steun vrijdag op maar op zondag blokkeerde het in de VN-Veiligheidsraad wel een veroordeling van Haftar.

    De Verenigde Staten hebben geëist dat Haftar zijn offensief stopzet. De VS hebben onder de regering-Trump de handen afgetrokken van Libië, behalve in de strijd tegen IS en Al Qaeda. De Amerikaanse afwezigheid heeft gezorgd voor gebekvecht tussen Europese landen, vooral Frankrijk en Italië, oud-kolonisator van Libië. Op de achtergrond speelt ook de kwestie van de migratie naar Europa. Nieuwe gevechten maken het moeilijk om vol te houden dat Libië een ‘veilig derde land’ is. Al Jazeera berichtte gisteren dat migranten die in Libië vastzitten sinds het uitbreken van de gevechten al dagenlang geen eten en drinken hebben gekregen.

Militieleden die vechten tegen de troepen van Haftar bereiden zich voor op de strijd in Tripoli. Foto Hani Amara/Reuters