Autodieven leidden politie naar daders aanslagen redacties

Aanslagen Panorama en De Telegraaf Via een groep autodieven is de politie aanslagplegers op de Telegraaf en Panorama op het spoor gekomen. „Dat is geen toeval maar beleid.”

Bij het verzamelen van bewijs is het volgen van autodieven de afgelopen jaren zeer succesvol geweest.
Bij het verzamelen van bewijs is het volgen van autodieven de afgelopen jaren zeer succesvol geweest. Foto Laurens Bosch/ANP

Is er een link? Die vraag kwam al snel op toen er vorig jaar juni binnen één week aanslagen werden gepleegd op de panden van weekblad Panorama en dagblad De Telegraaf. Nu blijkt dat dezelfde groep dieven auto’s heeft geleverd aan de daders van deze aanslagen die door premier Rutte werden omschreven als „een klap in het gezicht van de vrije pers en de Nederlandse democratie.”

De ontmanteling van de bende autodieven is geen toeval, zo vertellen meerdere bronnen in opsporingskringen. Die richten zich steeds vaker op de middelen die criminelen nodig hebben. „We exploiteren de strategieën van de onderwereld in het voordeel van de politie”, aldus een hooggeplaatste rechercheur. „Autodiefstal is daar een succesvol voorbeeld van.”

De afgelopen dagen heeft de recherche bij invallen op verschillende plekken in Nederland dertien verdachten aangehouden. Zeven personen worden verdacht van de aanslag op het gebouw van De Telegraaf in Amsterdam waarbij met een auto op de pui werd ingereden. Zes anderen zijn volgens de recherche onder meer betrokken bij het stelen van auto’s.

In het onderzoek naar de aanslag op het gebouw waar de redactie van weekblad Panorama huist, was de hoofdverdachte binnen een dag gearresteerd. Hij kon zo snel worden aangehouden omdat hij in beeld was gekomen bij een ander onderzoek, zo meldde het Openbaar Ministerie vorig jaar op een tussentijdse zitting in de strafzaak tegen hem en twee medeverdachten. De dossierstukken over die zaak mochten de verdachten niet hebben in belang van dat opsporingsonderzoek dat toen nog liep.

Bronnen bevestigen aan NRC dat het hier gaat om het onderzoek naar de groep autodieven die maandag is aangehouden. De hoofdverdachte van de aanslag op de Panorama kwam in beeld vanwege zijn contact met de autodieven. Het OM in Amsterdam wil niet ingaan op vragen tot de strafzaak in mei inhoudelijk wordt behandeld.

Voertuigcriminaliteit

Het is niet de eerste keer dat justitie en politie succes hebben met het secuur en structureel volgen van autodieven. In 2015 ontmantelde de recherche een groep criminelen die bezig waren met het voorbereiden van liquidaties door een gestolen auto te volgen met speciale apparatuur. Bij dat onderzoek – codenaam 26Koper – werd in een opslagbox in Nieuwegein een enorme verzameling handvuurwapens en automatische wapens in beslag genomen.

Dit onderzoek leidde via via naar de meest gezochte crimineel in Nederland van dit moment: de in Vianen opgegroeide Marokkaanse Nederlander Ridouan T. Het OM vermoedt dat hij ook achter de aanslagen op Panorama en de Telegraaf zit, al zijn daar nog geen concrete bewijzen voor gevonden. Ridouan T., die wordt gezocht in verband met een serie onderwereldmoorden, ontkent bij monde van zijn advocaat Inez Weski elke betrokkenheid.

Lees ook: OM: Ridouan T. vermoedelijk achter aanslag op De Telegraaf

Het onderzoek naar verdachte kopstukken uit de onderwereld richt zich al lang niet meer op die mannen zelf. De recherche kijkt met name naar de middelen die criminelen nodig hebben bij het voorbereiden en plegen van strafbare feiten. Naast snelle auto’s die worden gestolen, richt de politie zich op wapens en communicatiemiddelen. Die aanpak is gericht op het voorkomen van ernstige feiten als liquidaties én het verzamelen van voldoende bewijs om de verdachten te kunnen vervolgen voor het plannen van de strafbare feiten die zijn voorkomen.

Bij het verzamelen van bewijs is het volgen van autodieven de afgelopen jaren zeer succesvol geweest. Dankzij technische middelen kan de recherche gestolen auto’s bijvoorbeeld goed volgen. En het plaatsen van afluisterapparatuur in auto’s en opbergruimtes levert vaak aanvullend bewijsmateriaal op waaruit meer kan blijken over de intenties van de verdachten.

Deze succesvolle aanpak is overigens niet zonder risico en vereist veel menskracht. Het plaatsen van apparatuur is voor de betrokken rechercheurs zeer risicovol: ze bewegen zich direct in de omgeving van de verdachten.

En als een auto door de recherche is geprepareerd moet er altijd een team paraat staan om die wagen te volgen als de verdachten ermee op pad gaan. Bovendien moet er meteen opgetreden kunnen worden als blijkt dat verdachten dat doen met kwade intenties.

„Het is gevaarlijk en heel veeleisend”, vertelt de rechercheur. „Als het goed gaat, vindt iedereen het prachtig maar als er onder onze ogen een aanslag wordt gepleegd weet iedereen meteen hoe het beter moet.”