Opinie

Inspecteer op inhoud, en ook onaangekondigd

Maxim Februari

De media voeren soms de druk een beetje op. Wordt het nieuws niet serieus genoeg genomen door de lezer of kijker, dan verheffen ze hun stem. Zo had Het Financieele Dagblad uit ongeduld besloten gewoon maar alle nieuwsberichten te presenteren als klimaatberichten; de koppen stonden onder elkaar als de beschrijving van de Apocalyps. „Kabinet neemt meer tijd voor klimaatplan.” „Het regent dividend op het Damrak.” „Ook op oververhitte arbeidsmarkt is het druk op de carrièrebeurs.” „Brandende Tesla laat zich lastig blussen.”

Maar niet alleen het klimaat kreeg extra zendtijd. De rest van het nieuws bleek opeens collectief over toezicht te gaan. Controle. Inspectie. Bestuursvoorzitter Merel van Vroonhoven vertrekt als bestuursvoorzitter van de Autoriteit Financiële Markten om leraar te worden in het speciaal onderwijs. Op de site van het AFM stond een korte verklaring. „Na 20 jaar in raden van bestuur te hebben gewerkt, waarvan de laatste 10 jaar in de publieke sector, wil ik nu ook een meer concrete bijdrage leveren. Dichter bij de mensen die dat het meest nodig hebben.”

De reacties die ik las betroffen de keuze van de bestuursvoorzitter vóór het speciaal onderwijs. Twitter was vol lof – „chapeau”, „stoer” – en De Telegraaf liet ontroerd weten dat ze „zeker anderhalve ton aan salaris” inlevert. Maar mij leek de stap toch vooral ook een keuze tégen bestuur en toezicht te zijn. In het FD sprak ze niet bijster complimenteus over haar werk. „Ik kreeg steeds meer het gevoel dat ik in een bubbel leef waarin ik veel met andere bestuurders in vergaderzalen zit en uitsluitend werk met hoogopgeleiden.”

Die kritische lijn kon je gemakkelijk doortrekken naar de rest van de nieuwsberichten. Problemen met toezichthouders alom. De Poolse ambassadeur had gewezen op de belabberde arbeidsomstandigheden van Poolse werknemers in Nederland. Dat riep vragen op over het toezicht. Je zou toch denken dat het een taak is van de Arbeidsinspectie om misstanden te voorkomen, schreef een voormalig arbeidsinspecteur in NRC. Maar helaas is die inspectie „door een reeks verwoestende reorganisaties” min of meer verdwenen.

In de jaren voor de reorganisaties hadden inspecteurs nog vakdeskundigheid, ze hadden relevante opleiding en ervaring, ze „hielden voeling met de organisaties in de sector, kenden de cultuur in de branche”. En ze kwamen onaangekondigd langs om te inspecteren. Maar al die inhoudelijke bemoeienis is nu verdwenen. Wetshandhaving staat voorop. Dat wil zeggen, geen concrete bijdrage dichtbij, om met Van Vroonhoven te spreken, maar controle op regels en papieren. Bubbels. Met veel anderen in vergaderzalen zitten.

De rest van de krant vertelde hetzelfde verhaal. Pal naast de brief van de voormalig arbeidsinspecteur stond het hoofdredactioneel commentaar. Over toezicht op verlof aan gedetineerden. Aanleiding was een rapport van de Onderzoeksraad voor de Veiligheid over de zaak van de zedendelinquent die studente Anne Faber heeft verkracht en gedood.

De verantwoordelijke minister was al sinds zijn aantreden ervan op de hoogte „dat vrijheden werden toegekend aan gedetineerden die hiervoor niet in aanmerking kwamen”. Hij was er alleen niet van op de hoogte gebracht dat dit riskant was. Kennelijk was de concrete deskundigheid op dit punt ook opgeheven op het ministerie. Aangezien hij niet aftrad, is hij vanaf nu „minister onder toezicht”, besloot het commentaar krachtig. Maar na alle berichten over de kwaliteit van het toezicht stelde dat niet erg gerust.

Terugbladerend in de krant naar een week eerder, vond je een bericht over iemand die wel degelijk een concrete bijdrage was gaan leveren dichtbij: stadsmarinier van Rotterdam Marcel van de Ven. Maar hij was er weer mee gestopt. Aanvankelijk werd hij naar de wijk Spaanse Polder gestuurd om criminelen tegen te werken. Een bestuurlijke aanpak is nu eenmaal effectiever dan een strafrechtelijke aanpak. „Alles in Nederland is zó doorgeregeld, voordat je een strafzaak compleet hebt, ben je jaren verder.”

Maar hoe effectiever de stadsmarinier, hoe heter de grond onder zijn voeten. Want bescherming tegen de criminelen had hij niet. „De politie kan zichzelf beschermen, die heeft daarvoor een heel protocol. Ambtenaren niet.” En dus gaf hij zijn opdracht terug. Waarmee weer iemand verdween die onaangekondigd langskwam om te inspecteren, iemand met ervaring en kennis van „de cultuur in de branche”.

Zo werd de conclusie er in een week tijd ingehamerd: de vergaderbubbel is niet erg effectief, maar wie wel effectief is, heeft geen bevoegdheid en geen bescherming. Mij leek het wel een helder probleem, met een voor de hand liggende oplossing.

Maxim Februari is jurist en schrijver, www.maximfebruari.nl.