Eerste Kamer torpedeert hogere drempel voor EU-verdragen

Dertien jaar stond het op de agenda, maar uiteindelijk zei de Eerste Kamer nee tegen een voorstel om minder makkelijk nationale bevoegdheden aan Europa over te dragen.

Europese verdragen kunnen ook in de toekomst net als gewone wetsvoorstellen met een gewone meerderheid worden goedgekeurd en gewijzigd.
Europese verdragen kunnen ook in de toekomst net als gewone wetsvoorstellen met een gewone meerderheid worden goedgekeurd en gewijzigd. Foto Robin van Lonkhuijsen/ANP

De drempel om soevereiniteit over te dragen van Nederland naar de Europese Unie wordt niet verhoogd. Een wetsvoorstel om Europese verdragen alleen goed te keuren als daarvoor een twee derde meerderheid is in de Eerste en Tweede Kamer, sneuvelde dinsdagmiddag in de Eerste Kamer.

Het voorstel had dertien jaar op de agenda gestaan en was eerder wel door de Tweede Kamer geloodst, maar strandde alsnog in de senaat. Daardoor kunnen EU-verdragen ook in de toekomst net als gewone wetsvoorstellen met een gewone meerderheid worden goedgekeurd en gewijzigd.

Het wetsvoorstel kwam uit de koker van oud-LPF-politicus Mat Herben. Die nam het initiatief tot de wet nadat een meerderheid van de Nederlandse kiezers in 2005 tegen de Europese Grondwet had gestemd. Hiermee werd de Tweede Kamer, die zich wel in grote meerderheid voor de Grondwet had uitgesproken, in zekere zin gecorrigeerd.

Lees ook: waarom Van der Staaij een hogere EU-drempel wilde

Toen Herbens LPF in 2007 uit de Tweede Kamer verdween, werd de verdediging van het voorstel overgenomen door SGP-Kamerlid Kees van der Staaij.

Dat het zo lang duurde voordat de wet in de Eerste Kamer werd behandeld en weggestemd, had een aantal redenen. Van der Staaij stelde de behandeling meermaals uit op zoek naar steun onder andere partijen. Ook wilden beide kamers het oordeel afwachten van twee staatscommissies, de commissie-Thomassen en de commissie-Remkes, die de Grondwet en het parlementair stelsel onderzochten. Over het wetsvoorstel van Van der Staaij waren de commissies kritisch. Ook bij veel partijen heerste onzekerheid over de gevolgen van de voorgestelde wetswijziging.

In de Tweede Kamer had een meerderheid zich nog achter het voorstel geschaard, maar die bleek in de Eerste Kamer verdampt. Dat kwam vooral door de VVD, die destijds vóór- maar nu tegenstemde. De partij had grote twijfels over de effectiviteit, zei VVD-senator Anne-Wil Duthler, en vroeg zich af “of er überhaupt nog EU-verdragen goedgekeurd zouden worden” bij de eis van een twee derde meerderheid.

Voor het verhogen van de drempel stemden uiteindelijk behalve de SGP ook PVV, CU, SP, 50Plus en de Partij voor de Dieren. Nu de VVD zich tegen het voorstel had gekeerd, was dat niet genoeg.