Opinie

    • Louise Fresco

Maori-cultuur verbindt in tijden van crisis

Alom lof voor de premier van Nieuw-Zeeland, Jacinda Ardern, na de aanval op twee moskeeën in Christchurch. Ze hamerde niet op vergelding en straf voor de dader, zoals regeringsleiders in vergelijkbare situaties deden. In plaats daarvan legde ze de nadruk op de slachtoffers en de manier waarop het land hen kon bijstaan. Haar weigering om te spreken over ‘hem’ (de dader) en ‘ons’ was al uitzonderlijk, maar nog opvallender, voor buitenlanders, was haar expliciete referentie aan de Maori-cultuur. Sprekend over de slachtoffers zei ze: we zullen jullie omringen met aroha en manaakitanga, verwijzingen naar naastenliefde, medeleven en delen. Ze voegde eraan toe „en (met) al datgene wat ons vormt”, waarmee ze zichzelf en alle Nieuw-Zeelanders verbond met de geschiedenis van hun land en zijn eerste bewoners.

Er is inderdaad sprake van een ware Maori-renaissance. Ook buiten het toeristische circuit zijn verwijzingen naar de oorspronkelijke cultuur in Nieuw-Zeeland legio. Vergaderingen beginnen regelmatig met een Maori-begroeting en -ritueel, en hoge ambtenaren gebruiken veelvuldig Maori-begrippen. De officiële definitie van wie zich Maori noemt is twintig jaar geleden verruimd tot allen die zeggen dat ze een Maori voorvader hebben, hoe ver verwijderd ook. Dit hoeft dus niet genealogisch te worden aangetoond.

Respect voor de cultuur van oorspronkelijke bewoners is overal en bijna altijd uitzonderlijk geweest. In landen die in de loop van de geschiedenis zijn ingenomen door een dominante macht van buiten, zijn de eerste bewoners (first peoples, zoals de term tegenwoordig luidt) eeuwenlang gediscrimineerd en vaak vervolgd: aboriginals in Australië, indianen – native Americans – in de VS, maar ook de ‘tribale’ bevolking in Zuidoost-Azië. In Canada is het beter, maar in Zuid-Amerika en het Caribische gebied wordt de inheemse bevolking ternauwernood erkend; president Morales van Bolivia, die tot de Aymara behoort, is de uitzondering. Zo bezien is het een betekenisvolle stap dat Mexico nu Spanje om officiële excuses vraagt voor wandaden en moorden onder de Azteken tijdens de Conquista in de zestiende eeuw.

De situatie van de Maori, die duizend jaar geleden naar de eilanden kwamen, en andere minderheden (een kwart van de bevolking) moeten we niet idealiseren. Samen met de Pacifica, inheemse bewoners van Stille Oceaan-eilanden, zijn ze oververtegenwoordigd onder het laagopgeleide, werkloze en ongezonde deel van de bevolking. Ook onderling zijn er grote verschillen tussen Maori-stammen.

De situatie is echter fundamenteel anders dan elders doordat al in 1840 (70 jaar na de aankomst van James Cook, de eerste Europeaan) het Verdrag van Waitangi werd getekend tussen de Britse Kroon en de Maori. Hoewel dit document, waarmee Nieuw-Zeeland als ‘zelfstandige kolonie’ werd gesticht, de Britse soevereiniteit bevestigde, werden de 500 Maori-stammen vanaf het begin erkend. Over dat document, en de vertaling in Maori-taal, is nog steeds veel te doen. Onderhandelingen over de teruggave van land en vergoedingen aan de Iwi (stammen) zijn niet afgerond. Opvallend is trouwens hun gebrek aan nostalgie naar het verleden en de nadruk op modernisering en wetenschap, bijvoorbeeld in landbouw of energie. Dit alles maakt de situatie van de Maori uniek.

Beschaving lees je af aan hoe een land omgaat met zijn minderheden, oorspronkelijke bewoners of immigranten. Uit de woorden van premier Ardern blijkt dat de Maori-cultuur verbindt en betekenis geeft in tijden van crisis. Een samenleving die zijn minderheden zo centraal stelt, zou eenieder moeten inspireren.

Louise O. Fresco is bestuursvoorzitter van Wageningen U&R, en schrijfster.