Opinie

    • Maarten de Rijke

Investeer in kennisbasis AI of word een toeschouwer

AI Artificiële intelligentie zal ons leven hoe dan ook veranderen. Nederland kan vol meedoen en het spel meebepalen, of het kan op de bank blijven zitten, schrijft .

Beeldscherm met demonstratie van Chinese AI-technologie om mensen en voertuigen op straat te herkennen
Beeldscherm met demonstratie van Chinese AI-technologie om mensen en voertuigen op straat te herkennen Foto Gilles Sabrié/Bloomberg

Het was een trauma dat we niet snel zullen vergeten: het WK voetbal in 2018 dat een groot deel van Nederland met lange tanden volgde. Over de hele wereld speelde Nederlands toptalent bij topclubs, maar als land konden we alleen toekijken omdat we geen nationale ploeg konden vormen die zich kwalificeerde. Precies hetzelfde dreigt ons opnieuw te overkomen, maar dan op het gebied van artificiële intelligentie (AI).

Overheden en bedrijven in de hele wereld hebben de afgelopen twee jaar goed doordachte strategieën en investeringen aangekondigd in AI. Niet zonder reden: deze technologie is qua impact op de mensheid nu al vergeleken met stoom en elektriciteit. Met een groot verschil: niet iedereen zal er in gelijke mate toegang toe hebben en ervan kunnen profiteren.

Net als bij een WK gaat het om investeringen in ‘topteams’ en wereldwijd toptalent. De vraag moet niet zijn óf we willen meespelen, maar hóe: als speler, als commentator in de skybox, of als weinig meer dan betalende toeschouwer op de tribune.

Google kondigde vorige week aan om ethiek een prominentere plek te geven binnen het bedrijf door een ethische adviesraad te vormen. Een soortgelijke ontwikkeling was vorige maand ook al te zien toen Mark Zuckerberg aankondigde Facebook te positioneren als „innovator in privacy”. En Microsoft heeft sinds enige tijd een substantieel onderzoekslab dat werkt aan de bredere implicaties van AI. De grootste gemene deler?

Grote Amerikaanse technologiebedrijven en overheden zijn bereid te leren door te handelen en zijn in staat zich razendsnel aan te passen aan veranderende maatschappelijke behoeften, óók als het gaat om een onderwerp als ethiek dat Europa en Nederland vanouds claimen.

‘Verantwoorde AI’

Maar de wereld zal Europa of Nederland niet eerst ethische toestemming vragen alvorens een algoritme te publiceren. Europa heeft jarenlang geroepen dat het zich met „verantwoorde AI” wil onderscheiden, maar die vermeende troef is ons uit handen genomen. Niet zozeer omdat anderen er beter in zijn, maar omdat ze bereid zijn te ‘leren door te doen’, in plaats van eerst de ultieme kaders te bedenken en vervolgens binnen die kaders te handelen.

Afgezien van de huidige aandacht voor privacy zijn daarvan legio voorbeelden. Neem de zelfrijdende auto. In Amerika rijden op heel veel plaatsen zelfrijdende auto’s rond – want alleen door ervaring op te doen op de weg kunnen ze leren hoe te handelen in complexe situaties. Tegen de tijd dat hier de wetgeving is doorgevoerd, heeft men in Amerika al zoveel geleerd dat de experimenten daar kunnen worden teruggeschroefd.

Lees ook: Als universiteiten niet veranderen, gaan Google of Amazon het voor ons doen

Of kijk naar Microsoft. Dat experimenteerde jaren geleden al met haar zoekmachine (Bing) om te ontdekken dat zorgvuldige diversificatie van de zoekresultaten helpt om mensen kennis te laten nemen van politieke standpunten waarmee zij het oneens zijn. Terwijl het bij medische informatie omgekeerd is: blootstelling aan tegenovergestelde standpunten – bijvoorbeeld over vaccinatie – sterkt gebruikers van de zoekmachine in hun mening. Kennis, inzicht (ook ethisch inzicht), en daarmee het vermogen om invloed uit te oefenen, ontstaan juist door te experimenteren met de zich ontwikkelende technologie, niet door bespiegelingen die zijn losgezongen van die technologie.

Uit je ‘ethische niche’

Wat blijft er voor ons over als de ethische niche niet uniek de onze is? Maar één ding: meespelen op de volle breedte. AI raakt straks elk aspect van ons leven. Als we als land iets willen betekenen, moeten we onze AI-kennisbasis versterken. We weten wat daarvoor nodig is. AI-talent wordt nu eenmaal aangetrokken door talent, door relevante vraagstukken om de tanden in te zetten.

Lees ook: Miljarden meer nodig voor Europese inhaalslag AI

En door een dynamisch AI-‘ecosysteem’ waarin bedrijfsleven, universiteiten, startups, en kapitaal elkaar voeden. Andere landen investeren veel geld in AI en de daarmee samenhangende kansen, ook dichtbij – buurland Duitsland kondigde drie miljard euro aan investeringen aan, Frankrijk anderhalf miljard. Daarmee is een AI-braindrain reëel geworden. De cijfers ondersteunen deze trend. Nederland is goed in het aantrekken en opleiden van AI-talent op bachelor-, master- en PhD-niveau, over de hele planeet. Maar we slagen er onvoldoende in om het vast te houden zodat het hier kan bijdragen aan de maatschappij. Op meer seniorniveau aan onze universiteiten – postdocs en universitair (hoofd)docenten – is aantrekken en vasthouden van AI-talent inmiddels zo lastig dat het opleiden van volgende generaties in het gedrang komt.

Haast is nodig. Nu kunnen we nog handelen. Enerzijds doordat we talent hebben om nieuwe AI-toepassingen te ontwikkelen, bijvoorbeeld bij bedrijven en academische instellingen. Anderzijds zijn er nog steeds Nederlandse bedrijven en instellingen die hun eigen data genereren en zo vooruitgang mogelijk maken. Als één van deze groepen wegvalt, zijn we veroordeeld tot passiviteit, de rol van toeschouwer. Wie niet actief meedoet, heeft geen invloed – niet op het spel en al helemaal niet op de spelregels. Investeer in de AI-kennisbasis, investeer in talent. Kom van de bank!

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.