Woningcorporaties Rotterdam: er dreigt een groot tekort aan betaalbare woningen

Woningmarkt Dit college past de Woonvisie van 2019 aan. Maar corporaties waarschuwen dat de huren zo snel stijgen, dat het toch te weinig is.

Foto Robin Utrecht

Er ontstaat een groot tekort aan betaalbare woningen in Rotterdam, ondanks de aanpassingen die dit nieuwe college maakt aan de Woonvisie van 2016. Daarvoor waarschuwden de vijf woningcorporaties deze week in een brief aan de gemeenteraad.

De corporaties voorzien een tekort van 9.000 woningen in de sociale woningvoorraad in 2030. Dat getal baseren zij op onderzoek in het kader van het regioakkoord (afspraken over de regionale woningmarkt) uit januari. De corporaties verwijten het stadsbestuur dat het zich niet houdt aan dit Regioakkoord.

De gemeenteraad debatteerde afgelopen woensdag met verantwoordelijk wethouder Bas Kurvers over zijn plannen om de Woonvisie van het vorige college aan te passen. Kurvers wil meer woningen laten bouwen en er meer slopen, ook in het sociale segment, maar blijft bij het uitgangspunt dat het aandeel van de sociale huurwoningen in de totale voorraad moet afnemen.

Volgens de corporaties is de wethouder te optimistisch over de hoeveelheid goedkope woningen die in handen zijn van particulieren. Door de aanhoudende stijging van de huren vallen steeds meer huizen buiten deze categorie (tot 720 euro). „De afname van de totale betaalbare woningvoorraad zal hierdoor verdubbelen”, schrijven de corporaties. Ook vinden zij de cijfers van de gemeente te rooskleurig omdat de dure particuliere voorraad ten onrechte wordt meegerekend bij de betaalbare voorraad.

De corporaties wijzen er op dat een steeds kleiner deel van de vrijkomende sociale huurwoningen beschikbaar zijn voor reguliere woningzoekers op de wachtlijst. „Meer dan de helft van de sociale huurwoningen gaat inmiddels naar woningzoekenden met een of andere vorm van voorrang.” Oorzaak is dat het aantal urgentieverklaringen de laatste jaren sterk is toegenomen.

De gemeenteraad reageerde woensdag geschrokken op de brief van de woningcorporaties, te meer omdat er verwarring is over de cijfers die de verschillende partijen hanteren. Maar wethouder Kurvers deed er vrij laconiek over. Het signaal van corporaties is niet nieuw, zei hij. Ze hebben die zorgen eerder geuit, maar desondanks getekend voor het Regioakkoord. De wethouder beschouwt het schrijven van de corporaties dan ook meer als „een lobbybrief”: ze zijn vooral uit op een grotere rol voor zichzelf bij het op peil houden van de sociale woningvoorraad.

Duidelijk werd in het antwoord van de wethouder dat de gemeente Rotterdam tot 2030 van een veel kleinere krimp van de particuliere sociale voorraad uitgaat dan de corporaties. In de aanname zit een verschil van ongeveer 13.000 woningen. De wethouder deelde niettemin de zorg van veel gemeenteraadsleden dat het zicht op sociale woningen in particuliere handen beperkt is. Omdat dat ook in andere steden geldt, is er op nationaal niveau overleg met de minister van Binnenlandse Zaken over maatregelen om de gemeente daarin meer regie te geven.